‘Uitvoeren begroting onbeheersbaar’

Paul Hofstra, directeur van de Rekenkamer Rotterdam, vindt dat de gemeente in de begroting à 3,6 miljard te veel leunt op de reserves.

De Rekenkamer Rotterdam heeft harde kritiek op de afgelopen week aangenomen begroting voor 2015. De directeur, Paul Hofstra, vindt dat de onderbouwing van de cijfers in de begroting niet doorzichtig is en dat het stadsbestuur op oneigenlijke gronden geld uit de miljoenenreserves van de stad wil putten.

„Het stadsbestuur houdt zich niet aan de regels voor budgetdiscipline die de gemeente zelf heeft vast gesteld”, zegt Hofstra. Deze regels bepalen hoe je als stad moet omgaan met tegenvallers. De gemeenteraad nam ze vorig jaar aan omdat ze vond dat „een strakke budgetdiscipline in tijden van krapte” nodig is „voor de verantwoorde omgang met publieke middelen”.

Hofstra vindt het belangrijk dat het stadsbestuur zich aan die regels houdt, omdat de uitvoering van de begroting van in totaal 3,6 miljard euro per jaar anders „feitelijk onbeheersbaar” wordt. Hofstra: „Het is niet voor niets dat er elk jaar gedoe is met de accountants van Ernst & Young over de goedkeuring van de jaarrekening. Zij moeten immers controleren of de gemeente het geld volgens de regels heeft uitgegeven.”

Volgens wethouder Adriaan Visser (D66) houdt het stadsbestuur zich aan de regels. Hij laat weten dat er „geen enkel bezwaar” is om de reserves aan te spreken om tegenvallers van te betalen. Wel is hij het met de Rekenkamer eens dat het beter is om tegenvallers uit het beschikbare budget te betalen. „In sommige gevallen is dat, zeker op de korte termijn, niet realistisch.”

Een voorbeeld van een oneigenlijke greep uit de stedelijke spaarpot is volgens de Rekenkamer een post van 43 miljoen euro. Die haalt het college uit de algemene reserves om een mogelijk tekort op het beschikbare bedrag voor bijstandsuitkeringen van te betalen. Hofstra vindt dat de gemeente dit bedrag gewoon uit de reguliere inkomsten van 2015 moet betalen. „Dit tekort komt niet onverwacht. De reserves mag je alléén aanspreken als zich een tegenvaller voordoet die je niet had kunnen voorzien.”

Tekorten van tientallen miljoenen

Ook de komende drie jaar voorziet de gemeente tekorten op de bijstand, zo blijkt uit de begroting. Het gaat om 4 miljoen euro in 2016 en 6 miljoen euro in zowel 2017 als 2018. Het kan zijn dat deze teniet gedaan worden omdat het rijk Rotterdam meer geld uitkeert. Op basis van ramingen van het CPB berekent ze tweemaal per jaar of het aantal bijstandsuitkeringen daalt of stijgt.

Maar als de tekorten toch blijken te ontstaan, moet de gemeente alles op alles zetten om ze binnen de begroting op te vangen, zegt Hofstra. „Het bestuur moet vooraf duidelijk laten zien hoe ze van plan is dat te doen. Pas als dat niet lukt, mag ze de reserves aanspreken.” De gemeente is namelijk verplicht om uitkeringen te betalen. Dus als het geld er niet is, kan het niet anders.

Ook tegenvallende financiële resultaten van de vorige reorganisatie, zoals het moeten betalen van zo’n vier- à vijfhonderd ontslagen ambtenaren, gaan ten koste van de algemene reserve. Daar bovenop komen nog andere posten zoals overwerkuren.

Die kosten gaan ook van de reserves af. In 2015 bedragen deze bij elkaar 22 miljoen euro, in 2016 31 miljoen euro en in 2017 16 miljoen euro. Ook daar heeft Hofstra kritiek op. „We hebben gewaarschuwd dat de opbrengst van de vorige bezuinigingsoperatie te optimistisch is voorgesteld.”

Ander punt is dat er bezuinigingsposten in de begroting staan waarvan niet in te schatten is of de bedragen die ze opleveren haalbaar zijn. Een voorbeeld is de reorganisatie die plaatsvindt vanaf 2016. „Er staat dat die 70 miljoen euro op gaat leveren. Maar de raad heeft nog geen plan gezien.”

Op één zetel na stemde de gehele oppositie tégen de begroting van het stadsbestuur. De enige oppositiepartij die vóór stemde was Setkin Sies van de ChristenUnie/SGP. Wel diende hij een motie in waarin staat dat het college een transparantere begroting moet indienen.

Dat was voor oppositiepartij VVD onvoldoende. „Als je niet precies weet waar je mee instemt, zeggen wij ‘nee”, aldus raadslid Maarten van de Donk.