Helemaal geen kopje slootwater

Reisgidsen doen alsof Ethiopiërs nog in hun blote kont rondlopen. Daar ergert reisjournalist Iris Hannema zich aan. Het slot: koffie is heilig.

Ik was er heilig van overtuigd dat koffieproducerende landen zelf geen lekkere koffie kunnen zetten. Colombia, Brazilië, Indonesië, men serveert er, excusez-moi, slootwater. Zouden de excellente bonen allemaal geëxporteerd worden of houdt men gewoon niet van koffie?

Ethiopië prijkt in de topvijf van ’s werelds grootste koffieproducerende landen en ik vreesde dus het ergste.

Mijn eerste kopje koffie op Ethiopische bodem dronk ik in Addis Abeba in Namibia Street, café HiHa (Amhaars voor ‘abc’). Ik verslikte me bijna, want dit goedje was loeisterk, net een dubbele espresso in Zuid-Italië; ik zou er bijna een bodempje heet water bij vragen. Het café deed ook heel Italiaans aan, zonder fratsen: kale muren, zilverplastic tafels- en stoelen en keurig gekleed personeel. De menukeuze simpel: met espresso, americano of macchiato en een heuse opgepoetste, Italiaanse espressomachine.

Serieuze koffie

Ondertussen ben ik erachter dat er ontelbaar veel van dit soort koffietenten bestaan en allemaal hebben ze zo’n espressomachine. Niet alleen in de grote steden, maar ook in de cafés en eethuisjes van dorpen, waar de bussen een tussenstop maken en vaak meer ezels dan auto’s zijn. Sommige apparaten zijn zelfgemaakt en ook die werken als een tierelier. Een wow-effect? Jazeker, dit is een koffieproducerend land in Oost-Afrika en de koffie is verrukkelijk. Dat vinden de Ethiopiërs zelf ook want het is een grote hobby van de stadse Ethiopiër.

Als ‘ouwehoer’ maak ik hier de hele dag door nieuwe vrienden. Met een beetje geluk word ik gevraagd een kop buna, koffie, te drinken. Dit is niet zomaar een uitnodiging, maar een serieuze zaak: koffie drinken doe je alleen met vrienden en familie. Kende ik die tent dáár nog niet? En die óók niet?

Zo is er Tomoca - hier koop je koffie per halve kilo, – La Parisienne, met bijna Parijse inrichting –, Café Lime Tree, met boekwinkeltje met Engelse boeken en dan de baas boven baas: Kaldi’s, de Starbucks van Ethiopië, omdat het interieur er verdacht veel op lijkt. De koffieketen is vernoemd naar een Ethiopische herder, Kaldi, de ontdekker van de koffieplant. Volgens de legende zouden zijn geiten ergens tussen de vijfde en tiende eeuw de koffieplant hebben ontdekt: ze aten de besjes, werden hyperactief en zo geschiedt dat wij anno 2014 wakker worden met koffie.

De Italianen kwamen halverwege de jaren dertig onder leiding van Mussolini ongevraagd op bezoek. De bezetting duurde vijf jaar; al in 1941 hakten de Britten de fascisten in de pan. Heeft dat ervoor gezorgd dat men hier nu Italiaanse koffiemachines op de toonbank heeft staan?

Gekoloniseerd?

Een gevoelig onderwerp, zo blijkt als ik het er met mijn nieuwe Ethiopische vriend Gebru in een overvol minibusje over heb. „Ethiopië is het enige Afrikaanse land dat nooit gekoloniseerd is geweest, dat weet je toch wel?” Ik knik braaf. En dit is het juiste antwoord want hij nodigt mij uit voor het beroemde kopje koffie. Met nog een beetje meer geluk zit je even later niet in een hip café maar krijg je een speciaal voor jou geprepareerde koffieceremonie bij iemand thuis. Gevreesd bij hen die haast hebben want dit kan zomaar uren duren. Zo ook bij Gebru waar ik door zijn moeder en zusjes als verloren gezinslid wordt binnengehaald. Nadat er geknuffeld en gekust is en ik liefdevol ben uitgelachen om mijn kleding (niet erg sjiek, zeg maar) begint de koffieceremonie. Stap één van het proces is het roosteren van blanke koffiebonen, dus bedenk zelf maar lang het duurt voordat je het kopje koffie drinkt. Laatste tip: draag die (nep)trouwring, dat scheelt een hoop gezeik na de koffie.