Cijferen met het koolstofbudget

‘Mind the gap’ klinkt het al jaren mechanisch in de Londense metro als de kloof tussen treinstel en perron gevaarlijk groot is. Het is ook al voor het vijfde jaar de boodschap van het Emission Gap rapport van het UNEP, het milieuprogramma van de Verenigde Naties. Pas op, de kloof tussen wat we hebben beloofd om een opwarming met meer dan twee graden Celsius te voorkomen en wat nodig is, dreigt gevaarlijk groot te worden.
Ik heb altijd wat moeite met de cijfers achter dit soort berekeningen. Dat we sinds de industriële revolutie zo’n 1.900 gigaton kooldioxide hebben opgebruikt, daaraan hoeven we niet te twijfelen. Dat we daarnaast ook nog allerlei andere broeikasgassen de atmosfeer hebben ingebracht – vertaald naar CO2, nog eens ruim 700 gigaton – is eveneens wel min of meer nauwkeurig vast te stellen.
Maar dat we een vanaf het eind van de 19de eeuw een ‘koolstofbudget’ zouden hebben van 3.670 gigaton om een redelijke (likely) kans te houden om de twee graden niet te overschrijden, suggereert een exactheid waar vraagtekens bij geplaatst kunnen worden. En dus ook bij de conclusie dat we nog ongeveer 1.000 gigaton te besteden hebben.
De vraag is alleen of de onzekerheid over de precieze getallen veel uitmaakt. Eigenlijk gaat het rapport van het UNEP over de twee grafieken die meteen in het begin worden getoond. Deze:

En deze:

De curves tonen de gevolgen van ons handelen. Ze maken zichtbaar dat langer wachten zal leiden tot een grotere (en dus ook veel duurdere) inspanning in de toekomst. Of het moment waarop de emissies tot nul moeten zijn gereduceerd (dat wil zeggen dat er voor alle CO2 die we nog de atmosfeer in sturen evenveel wordt verwijderd) nou rond 2055 of 2070 ligt, of nog wat later, is daarbij misschien niet zo relevant. Dit schrijft het UNEP:

Based on a subset of scenarios from the IPCC Fifth Assessment Report (AR5) scenario database, the best estimate is that global carbon neutrality is reached between 2055 and 2070 in order to have a likely chance of staying within the 2 °C limit. This same subset of scenarios is used throughout this Summary for calculating emissions consistent with the 2 °C limit, with the exception of the calculation of the 2020 gap, as explained in Section 5 of the Summary.

Sinds 1990, het jaar dat – wie herinnert het zich nog – ooit gold als ijkjaar voor het Kyoto-protocol is de jaarlijkse uitstoot van broeikasgassen met 45 procent gestegen (naar 54 Gt CO2e in 2012). Als we zo door zouden gaan, stijgt die in 2020 tot 59 gigaton, in 2030 naar 68 gigaton en in 2050 zelfs naar 87 gigaton.
Jacqueline McGlade, hoofd van de wetenschappelijke afdeling van het UNEP, concludeert in The Guardian dat de wetenschappelijke onzekerheden over het resterende broeikasgasbudget wel zo’n beetje verdwenen zijn. De grote onzekerheid op het gebied van klimaatverandering is volgens haar de vraag of politici uiteindelijk de wil hebben om actie te ondernemen.