‘Per dag worden 2.000 mensen ziek door een voedselinfectie’

Dat zei minister Schippers (Volksgezondheid) maandag in het NOS-Radio 1-Journaal.

illustratie Martien ter Veen

De aanleiding

De nieuwe volksvijand? Het vaatdoekje. Dat was althans een van de voorbeelden waarmee het ministerie van Volksgezondheid deze week een voorlichtingscampagne lanceerde. Over ziekmakers, want meer aandacht voor huishoudelijke hygiëne kan ons flink wat ziekte besparen, was de boodschap. „Iedereen weet dat je dat vaatdoekje dagelijks moet verschonen, maar mensen denken daar niet meer aan”, zei minister Schippers (Volksgezondheid, VVD) maandag tegen diverse media. Denk ook aan het correct bewaren van vlees in de koelkast, handen wassen voor het koken. En daar word je ziek van – „2.000 mensen per dag worden ziek door een voedselinfectie”, zei de minister op het NOS-Radio 1-Journaal.

Waar is het op gebaseerd?

Via haar woordvoerder laat de minister weten dat de uitspraak is gebaseerd op cijfers die het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) heeft verzameld: we worden doorverwezen naar de website Nationaal Kompas Volksgezondheid, van het ministerie. Daar staat dat er „jaarlijks ongeveer 700.000 gevallen van gastro-enteritis door microbiologische verontreiniging in voedsel” zijn. Elders op die site staat dat het om „ten minste 700.000 gevallen gaat”.

En, klopt het?

Allereerst even een vertaling. Gastro-enteritis, dat is artsentaal voor ontstekingen in je maag of je darmen, waardoor je last van buikpijn krijgt, gaat braken of diarree krijgt. En microbiologische verontreiniging in voedsel, dat wil zeggen dat er ziekmakende bacteriën in of op je eten of drinken zitten die daar niet horen, omdat het voedsel bedorven is of niet op de juiste wijze bereid.

Van de jaarlijkse ongeveer 700.000 gevallen is de stap naar 2.000 per dag gemakkelijk gemaakt: als je het totaalaantal deelt door de dagen van het jaar kom je op 1.918 voedselinfecties per dag – ongeveer dus. De 2.000 die Schippers noemt, lijken dan wel wat ferm, en aan de hoge kant.

Maar belangrijker is de vraag: hoe komt het RIVM aan dat cijfer van jaarlijks 700.000 voedselinfecties? Het komt in elk geval niet uit registraties van huisartsen, want meestal gaan we niet naar de huisarts met een voedselvergiftiging.

Daarom baseert het RIVM zich op twee grote bevolkingsonderzoeken, die wel al een tijdje oud zijn: ze zijn afgenomen in de periodes 1996-1999 en 1999-2000. Daarvoor hielden mensen uit alle lagen van de bevolking bij hoeveel buikklachten ze hadden, waarbij de onderzoekers uitzochten hoeveel daarvan samenhingen met voedselinfecties. Daaruit bleek dat er jaarlijks circa 4,5 miljoen gevallen van gastro-enteritis voorkomen in Nederland, maar lang niet al deze gevallen zijn toe te schrijven aan vuil voedsel, de bacteriën kunnen ook op een andere manier in ons systeem komen.

Hoeveel is wél toe te schrijven aan voedsel? Het RIVM heeft in het rapport ‘Ons eten gemeten’ uit 2011 een flinke tabel gewijd aan alle ziekteverwekkers en hun relatie met voedselinfecties, maar daar staat in een voetnoot bij: „Alhoewel er dus actuele en betrouwbare informatie is over gastro-enteritis in Nederland, is daaruit nog niet af te leiden welk deel veroorzaakt is door besmet voedsel.” Ze houden het daarom bij een „globale schatting”, „door combinatie van gegevens en met behulp van aannames”.

Alles samen komen de onderzoekers op 300.000 tot 750.000 voedselinfecties door bekende verwekkers per jaar. Maar van slechts eenderde van de gevallen van gastro-enteritis is de ziekteverwekker bekend. Er zouden daarom nog veel meer ziektegevallen kunnen zijn waarvan een (onbekende) voedselinfectie de oorzaak is: misschien wel 900.000 tot 2 miljoen per jaar, aldus het RIVM.

Conclusie

Veel voedselinfecties worden niet geregistreerd, maar om tot een gefundeerde schatting te komen heeft het RIVM toch een optelsom gemaakt. Die is op zoveel sommen en aannames gebaseerd dat de minister wel erg stellig is. Wij vinden haar uitspraak niet te checken.