MS-medicijn na ‘wisseltruc’ 40 keer duurder

Farmaceut Genzyme verhoogt na herintroductie de prijs voor een leukemiemedicijn dat geschikt bleek voor behandeling van MS-patiënten.

Het medicijn Lemtrada voor patiënten met de zenuwziekte Multiple Sclerose (MS) is na herintroductie op de markt op slag veertig keer duurder geworden. Verzekeraar Zilveren Kruis Achmea probeert farmaceutisch bedrijf Genzyme te bewegen het medicijn goedkoper te maken. Manager zorginkoop farmacie Peter de Braal van de verzekeraar: „Deze prijsverhoging is extreem. Wij ageren hier tegen.”

Het MS-medicijn Lemtrada, met de werkzame stof alemtuzumab, was eerder op de markt onder de merknaam MabCampath. Het medicijn was toen bedoeld voor patiënten met leukemie (bloedkanker), maar bleek ook geschikt voor behandeling van MS-patiënten. Deze patiënten raken op termijn invalide; alemtuzumab vertraagt dit en zorgt voor minder aanvallen.

In 2012 haalde Genzyme het leukemiemedicijn van de markt. Door de geneesmiddelenautoriteit werd het daarna goedgekeurd voor MS-patiënten. Uit de tarieflijsten van de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) blijkt dat het medicijn na de herintroductie 618,33 euro per milligram kostte; eerder was dat 15,33 euro per milligram. Het middel moet in andere dosis worden toegediend en de veiligheid wordt op andere wijze gecontroleerd. De werkzame stof is echter identiek, blijkt uit de bijsluiters van beide producten. De Braal: „Dit is een wisseltruc.”

Genzyme spreekt van een „reële kostenstijging”. Volgens de firma is de hogere prijs nodig om klinisch onderzoek naar juist gebruik bij MS-patiënten te bekostigen. Hoe duur de herontwikkeling van het leukemiemedicijn was, kan Genzyme niet zeggen. Een woordvoerder: „De ontwikkelkosten zijn vergelijkbaar met die voor een nieuw medicijn. De hogere prijs reflecteert de grotere klinische waarde voor patiënten. Lemtrada wordt in twee korte behandelcycli gebruikt. Dat is korter dan bij andere MS-medicijnen, waardoor het medicijn kosteneffectiever is.”

Zilveren Kruis Achmea stelt dat het niet gaat om kosteneffectiviteit ten opzichte van andere MS-medicijnen en vindt het een „maatschappelijke verantwoordelijkheid” om het medicijn niet „onnodig duur” in de markt te zetten. De Braal zou een lichte kostenstijging vanwege onderzoekskosten begrijpen. Maar: „Er bestaat in dit geval wat ons betreft geen enkele relatie tussen de onderzoeks- en productiekosten en de verkoopprijs voor dit middel. Het is namelijk hetzelfde medicijn”.

Opmerkelijk: in de VS is het medicijn niet van de markt gehaald voor nieuw onderzoek, terwijl het wél opnieuw werd geregistreerd voor MS. Brancheorganisatie van farmaceutische bedrijven Nefarma wil niet reageren omdat prijsverhoging de keuze is van „een individuele aanbieder”.

Patiënten merken in eerste instantie weinig van de prijsverhoging. Het medicijn wordt vergoed door de verzekeraar. De prijsverhoging is niet illegaal. Maar, zegt De Braal: „Dit soort prijsverhogingen gaan andere posten kannibaliseren. In bestuurlijke akkoorden tussen ziekenhuizen, overheid en verzekeraars is een zeer beperkte kostengroei voorzien. Voor ons als verzekeraar betekent dit dat we op andere vlakken soberdere contracten met ziekenhuizen moeten sluiten.”

Eerder was er ophef rond MS-medicijn Tecfidera, in 2013 goedgekeurd. De werkzame stof kost zo’n 0,30 euro per pil; verkooprijs: ruim 30 euro.. Minister Schippers (VVD, Zorg) uitte woede en eiste realistische medicijnprijzen.