Innovatie is de ware godsdienst van vandaag

Het is geen vooruitgang als ook ons gelach in een comedy club per keer wordt geregistreerd, afgerekend en opgeslagen. Dat is ontwrichting, vindt Evgeny Morozov.

De afgelopen zeven jaar zijn we gegijzeld door twee soorten ontwrichting. De ene uit Wall Street, de andere uit Silicon Valley. Samen vormen ze een good cop/bad cop-duo: de eerste predikt schaarste en soberheid, de andere roemt overvloed en innovatie. Ze lijken misschien verschillend, maar eigenlijk voeden ze elkaar.

De financiële wereldcrisis heeft uitgekleed wat er nog van de verzorgingsstaat over was. Het gevolg is een verminking van de publieke sector, de enig overgebleven buffer tegen de aantasting door de neoliberale ideologie die alles wil vermarkten.

De weinige publieke diensten die de bezuinigingen overleefden, werden onbetaalbaar, of moesten experimenteren met soms populistische overlevingsmechanismen. De opkomst van crowdfunding, waarbij culturele instellingen niet meer op royale en onvoorwaardelijke overheidssubsidie konden vertrouwen maar noodgedwongen rechtstreeks geld bij burgers moesten ophalen, is een goed voorbeeld: bij gebrek aan alternatieven ging de keuze tussen marktpopulisme – het publiek weet het het beste! – of de totale ondergang.

De ontwrichting door Silicon Valley is als overwegend positief begroet. Alles wordt gewoon gedigitaliseerd en ontsloten en instellingen kunnen innoveren of ten onder gaan. Na de hele wereld met elkaar te hebben verbonden, verzekerde Silicon Valley ons dat de magie van de technologie op natuurlijke wijze tot in elke hoek van ons leven zou doordringen. Volgens deze logica staat verzet tegen technologische innovatie gelijk aan verloochening van de Verlichtingsidealen: Larry Page en Mark Zuckerberg zijn eenvoudigweg nieuwe Diderot en Voltaire – herboren als nerdy ondernemers.

En toen gebeurde er iets vrij eigenaardigs: ergens zijn we gaan geloven dat de digitaliseringsontwrichting niets te maken had met die door Wall Street. Zo is er nauwelijks verband gelegd tussen de opkomst van de massale openbare online cursussen (MOOCs) en het slinkende budget van de universiteiten: nee, de MOOC-manie was gewoon het natuurlijke gevolg van de omarming door Silicon Valley van de innovatie – ondernemers geworden hackers hebben de universiteiten net zo ‘ontwricht’ als ze de muziek of de journalistiek hebben ontwricht! Zoals ook de nieuwe self-tracking-apps niet in verband zijn gebracht met de uitdagingen die de vergrijzende bevolking – al zo geteisterd door overgewicht en andere gezondheidsproblemen – aan de verzwakte gezondheidszorg stelde.

Het luidruchtige evangelie van de innovatie heeft een latente donkere ondertoon. Teatreneu, een comedy club in Barcelona, die net als veel andere Spaanse culturele instellingen met teruglopende bezoekersaantallen te maken had nadat de armlastige overheid, wanhopig op zoek naar extra inkomsten, de vermakelijkheidsbelasting van 8 naar 21 procent had verhoogd. De leiding van Teatreneu vond een vernuftige oplossing: in samenwerking met het reclamebureau Cyranos McCann werd de rugleuning van elke stoel voorzien van een fraaie tablet die gelaatsuitdrukkingen kan analyseren. In de zomermaanden komen de bezoekers de club gratis binnen, maar moeten ze 30 cent betalen voor elke lach die de tablet herkent – met een maximum van 24 euro (oftewel 80 keer lachen) per voorstelling. Een mobiele app vergemakkelijkte de betaling en naar verluidt is totaalprijs per kaartje met 6 euro gestegen. Als extraatje kon je ook nog je lachende selfie met vrienden delen: de weg van leuk naar viral is nog nooit zo kort geweest.

Voor Silicon Valley is dit een schoolvoorbeeld van geslaagde ontwrichting: de verbreiding van slimme sensoren en de onbegrensde verbondenheid met internet leiden tot nieuwe bedrijfsmodellen en nieuwe inkomsten. Ze leiden ook tot werkgelegenheid voor tal van tussenpersonen die hardware en software maken. We hebben nog nooit zoveel mogelijkheden gehad om met weinig of geen moeite voor diensten en goederen te betalen: het kan met onze smartphone, maar ook steeds vaker met ons persoonsgebonden nummer.

Voor Silicon Valley is dit gewoon het zoveelste geval van de ene techniek die de andere vervangt. Voor ondernemers en durfkapitalisten volstaat die uitleg misschien. Maar waarom zou de rest van ons dit voor zoete koek slikken? Hoe verzot moeten we wel zijn op innovatie – de ware godsdienst van vandaag – om niet te constateren dat de werkelijke prijs van een technologische doorbraak is dat de kunst in het voorbeeld van Barce- lona, duurder is geworden?

Geld laat geen sporen na, werpt geen belangrijke hindernissen op tussen de klant en de markt. Bij contante betaling zijn de meeste markttransacties enkelvoudig – in de zin dat ze niet met elkaar verbonden zijn. Bij betaling met onze mobiele telefoon is er opeens een track record dat geëxploiteerd kan worden door adverteerders en andere bedrijven.

Het is geen toeval dat bij het experiment in Barcelona een reclamebureau voorop loopt. Elke elektronische transactie die we verrichten, is nooit echt afgerond: de geschiedenis achtervolgt ons overal en legt gedwongen verbindingen tussen onze dagelijkse bezigheden die misschien wel gescheiden zouden moeten blijven. Opeens wordt je lach in een comedy club geanalyseerd samen met de boeken die je hebt gekocht, de sites die je hebt bezocht, de reizen die je hebt gemaakt, de calorieën die je hebt verbruikt: nu de technologische mogelijkheid er is, wordt alles wat je doet geïntegreerd in een bijzonder profiel dat te gelde gemaakt en geoptimaliseerd kan worden.

Technologische ontwrichting is allesbehalve technologisch van oorsprong. Ze wordt uitgelokt door de politieke en economische crises die ons overvallen, terwijl de gevolgen ingrijpend zullen bepalen hoe wij leven en ons tot elkaar verhouden. Silicon Valley liegt niet: ons dagelijks leven wordt ontwricht. Maar de disruptie geschiedt door krachten die veel kwaadaardiger zijn dan digitalisering of connectiviteit. En ons innovatie-fetisj is geen excuus om de kosten van de recente economische en politieke onrust maar voor lief te nemen.