De schil als schaal geschilderd

Bij herfstkleuren denk je aan geel en oranje, rood en bruin. Maar ieder najaar brengt ook ten minste twee stralende witten.

Ten eerste het wit op kastanjes die net uit de bolster zijn. Poederachtig wit op glanzend roodbruin. Het tweede herfstwit zit in de mandarijnen die zo’n beetje tegelijk met de pepernoten en chocoladeletters in de winkels verschijnen. Of niet in de mandarijnen zelf, maar aan de binnenkant van hun schil. Na een dag is zo’n schil vergeeld, maar als de mandarijn net is uitgekleed: wonderlijk wit. Zo wit als witte verf.

Jaring Lokhorst heeft er dan ook een vertaling in olieverf op aluminium van gemaakt. Een joekel van een mandarijnenschil. Bovenin het schilderij is ze pokdalig en fel oranje, met glimlichtjes en een groene navel. Onderin draait de binnenkant naar je toe en die is gemaakt van dikke vegen titaanwit, waar in de schaduw ook blauw, paars, geel en groen doorheen spelen. De rand van de schil wordt stevig, op dit formaat: de schil wordt een schaal die van binnen met gips is ingesmeerd. Het lijkt allemaal nog dikker door het contrast met de achtergrond van geprepareerd, maar verder onbeschilderd aluminium.

In de galerie van Ada de Koning in Amsterdam toont Lokhorst ook een larger than life bananenschil. Het wit daarin is ietsje viezer, maar ook hier is het verschil tussen binnen- en buitenkant een leuk gegeven voor een schilderij. De bandenspoor-achtige imprint aan de binnenkant is pasteus geschilderd (maar nergens zo pasteus dat het in slagroom ontaardt); de buitenkant bestaat uit zulke lange, gladde banen verf dat je wel snapt waarom er in oude slapstick altijd over bananenschillen wordt uitgegleden.

Een mooie, wervelende vorm eigenlijk, zo’n lege huls van een vrucht. De bananenschil lijkt met haar vijf poten of tentakels wel wat op een (gemankeerde) spin of een inktvis. Jaring Lokhorst ziet dat ook zo. Het bananenschilderij kreeg van hem de titel Octopus.