‘De kunstwereld kent geen grenzen meer’

De kunstbeurs PAN is de afgelopen jaren van karakter veranderd. Oudgedienden haakten af, nieuwkomers dienen zich aan. Dat heeft ook te maken met de stroeve kunstmarkt. „Verzamelaars zitten nu echt bovenop hun geld.”

Jarenlang was de entree van de kunst- en antiekbeurs PAN als stilstaand water. Rechts verwelkomde de boomlange kunsthandelaar Rob Noortman bezoekers, niet zelden met een dikke sigaar in de hand. Tegenover hem was de stand van Salomon Lilian, een andere gerenommeerde handelaar in oude meesters. En naast Lilian verkocht Vanderven Oriental Art oude terracotta beelden uit China. Drie vertrouwde adressen in de hoofdstraat van de nationale kunstbeurs.

Hoe anders is de entree nu. Het eerste wat de bezoeker bij de 28ste editie van PAN vanaf zaterdag zal zien, zijn niet de zeventiende-eeuwse landschappen van Ruysdael bij Noortman, maar de Afrikaanse maskers van etnograficahandelaar Joris Visser, voor de tweede maal deelnemer. De kunsthandel van Rob Noortman is opgeheven, Salomon Lilian en Vanderven Oriental Art laten de beurs aan zich voorbijgaan.

De wijzigingen bij de entree lijken symptomatisch. Een flink aantal oudgedienden heeft de afgelopen jaren plaatsgemaakt voor nieuwkomers, en het aanbod op de beurs is daardoor veranderd. Om verschillende redenen haakten handelaren af, blijkt uit een rondgang. Allereerst het verhaal van Floris van der Ven, de eigenaar van de Bossche kunsthandel in Aziatische kunstvoorwerpen die dit jaar na 25 jaar ontbreekt.

Als mondiale speler heeft hij op PAN weinig meer te zoeken, zegt Van der Ven (48). Toen hij zeven jaar geleden de leiding over het familiebedrijf kreeg, wilde hij de kunsthandel naar een hoger niveau tillen. Dat doe je, zegt hij, door kwalitatief betere en zeldzamer voorwerpen aan te bieden. Lag zijn prijsplafond jarenlang bij kunstvoorwerpen van 150.000 euro, nu heeft hij diverse voorwerpen van boven het miljoen in huis. Van der Ven: „We spelen niet meer in de Eredivisie maar in de Champions League.”

Op PAN stond zijn omzet de laatste jaren onder druk, een ontwikkeling waar ook handelaren in oude meesters over klagen. Van der Ven: „Wij hebben ons letterlijk uit de markt geprijsd.” Waar nog bij komt, zegt de handelaar, dat de Nederlandse kunstmarkt de laatste tijd stroef is. „Verzamelaars hebben hier laat op de crisis gereageerd. Maar nu zitten ze echt boven op hun geld.”

Vanderven Oriental Art beperkt zich voortaan tot drie beurzen: Tefaf in Maastricht, de Masterpiece Fair in Londen en Fine Art Asia in Hongkong. „Ik ren de Chinezen tegemoet”, zegt Van der Ven. Nederlandse klanten bedient hij voortaan wel in zijn galerie en in Maastricht.

De afgelopen jaren zag Van der Ven op PAN eerder andere prominente collega’s afhaken, zoals Ivo Bouwman, Nico Delaive, Pieter Hoogendijk, Frans Jacob en Jan Morsink Iconen. Van der Ven: „Jammer, dacht ik dan. Maar ik begrijp het wel. Meer collega’s hebben gekozen voor de beurzen in Londen en Hongkong, en Tefaf als enige beurs in Nederland. Om in voetbaltermen te blijven: de goede spelers van Ajax vertrekken naar buitenlandse clubs, en niet naar PEC Zwolle.”

Nationale functie

PAN heeft nog wel een belangrijke nationale functie, zegt Van der Ven. „In negen dagen bijna 40.000 bezoekers trekken, dat is knap. In een metropool als Londen komen 25.000 bezoekers naar de Masterpiece Fair.” Ook wijst hij op het belang voor beginnende kunsthandelaren. Die kunnen zich volgens hem optrekken aan het niveau van ervaren deelnemers.

Volgens Van der Ven is PAN wel toe aan een opfrisbeurt. „Vroeger kon een concept vijftien jaar mee. Nu misschien een jaar of drie. Wat mij betreft moet PAN creatiever, compacter en consumptiever. Dus korter van duur, met langere openingstijden, en een mix van andere activiteiten, zodat het meer een evenement wordt.”

Consumenten zijn enorm verwend, moeten met steeds sterkere prikkels verleid worden, zegt Van der Ven. Bovendien hebben kunstbeurzen volgens hem steeds meer concurrentie te duchten, en niet alleen van andere beurzen. „Gaan we een wereldreis maken, helikopterskiën in Ashton, of twee ton op tafel leggen om Bill Clinton een hand te mogen geven? Dat zijn de concurrenten van kunstbeurzen.”

Het succes van ‘grote broer’ Tefaf speelt de nationale kunstbeurs ook parten, zegt Van der Ven. „Tefaf zorgt voor smaakinflatie. Hoe vaak ik klanten in de RAI niet heb horen zeggen: ‘Leuke beurs hoor, maar het is geen Maastricht.’ Alsof dat een eerlijke vergelijking is. De kunstwereld kent geen grenzen meer. Onze klanten reizen veel, zien veel. De lat is steeds hoger komen te liggen en de wereld wordt steeds kleiner. Mijn vader sprak een mondje Engels, en daar redde hij het mee. In het bedrijf spreken we nu Engels, Duits, Frans en Spaans, en dat is hard nodig ook.”

Houdbaarheidsdatum

De Haagse kunsthandelaar Ivo Bouwman, gespecialiseerd in Haagse School-schilders, deed vijf jaar geleden voor het laatst mee aan PAN. „Toen de beurs van september naar november werd verplaatst, werd de tijdspanne naar Tefaf me te kort. Om in Amsterdam en Maastricht dezelfde kunst te laten zien, heeft niet zoveel zin. PAN is ook zwakker geworden. Vergeleken met vroeger, en zeker ten opzichte van Tefaf. Misschien heeft ook een beurs een bepaalde houdbaarheidsdatum.”

Bouwman constateert een zekere beursmoeheid, zowel bij deelnemers als publiek. Hij mist bij de organisatie van PAN en Tefaf een langetermijnvisie. Ook hij maakt een voetbalvergelijking. „De Tefaf-organisatie heeft iets van de FIFA en Sepp Blatter. Hoe knap de beurs ook is, ze zijn doof voor commentaar.” Waarom van Tefaf geen biënnale gemaakt, opperde Bouwman bij het bestuur. Het ene jaar in Maastricht, het andere jaar in Singapore, Hongkong of in Zuid-Amerika. Bouwman: „Op zo’n voorstel hoor je niks.”

Ook de Amsterdamse handelaar in moderne kunst Nico Delaive laat PAN sinds een aantal jaren schieten. „Klanten hebben met internet de wereld aan hun voeten. Dat maakt veel beurzen overbodig.” Veel kunst die Delaive brengt, zoals de kleurrijke druipschilderingen van de Amerikaan Sam Francis, is te duur geworden voor PAN. „Die werken kan ik overal op de wereld verkopen, maar niet in Nederland, met uitzondering van Tefaf, uiteraard.”

Samen met Kunsthandel Rueb (dit jaar ook afwezig bij PAN) en Torch Gallery heeft Delaive deze maand een grote stand gehuurd op de kunstbeurs in Miami. „Is net zo duur als PAN, maar daar krijg ik internationale bezoekers.” En dan met een lach: „Bovendien is het daar lekker warm.”