Moordmysterie met een campy onderstroom

Scholiere Kat Connor heeft het zo druk met haar ontluikende seksualiteit en stoer doen tegen haar entourage – dik zwart meisje, best gay friend – dat het haar totaal ontgaat wat zich onder haar neus afspeelt. Haar moeder? Een bittere, dronken huissloof, denkt ze. Haar vader? Een sul. „Krab het oppervlak weg, en je vindt meer oppervlak”, zegt Kat zelfverzekerd.

Voor adolescenten kan de wereld zo simpel zijn: Kat weet alles allang. Ja duh! Als haar moeder (de voor de rol eigenlijk iets te jonge Eva Green, wier kattenogen tegenwoordig overal opduiken) op een dag spoorloos verdwijnt, vraagt Kat zich hooguit af waarom haar vriendje Phil seksueel zo weinig toeschietelijk is en hoe ze die ‘musky macho’-inspecteur in bed krijgt die de verdwijning onderzoekt.

Gewezen cultheld Gregg Araki (Doom Generation, Mysterious Skin) , inmiddels toch ook al 55, maakt nog altijd films met een onbevangen, zeg maar adolescente geest – het is passend dat deze film zich in 1988 afspeelt, toen hij als filmmaker begon. Zijn werk draait om geborneerd experimenterende, vuilbekkende adolescenten in een wereld vol irrelevante volwassenen – al heeft Araki inmiddels ook niet meer zo’n hoge dunk van de adolescenten, getuige White Bird in the Blizzard.

Het is een moordmysterie met een jarentachtigesthetiek, een onbetrouwbare verteller en veel subjectieve flashbacks, profetische dromen en pikante onthullingen. Net als Kat Connor, die met al haar bravourepraatjes over pijpen en neuken een nogal onnozel wicht blijkt te zijn, straalt de film iets innemends naïefs uit – mits bekeken met de juiste dosis campy vergevingsgezindheid.