Leroy Fer een Zwarte Piet noemen? Dan ben je expliciet racistisch

Een selfie van voetballer Leroy Fer en acht medespelers leidde tot racistische reacties op sociale media. Waarom is het racistisch om een donker iemand ‘Zwarte Piet’ te noemen? En wat is racisme eigenlijk? Filosoof Catarina Dutilh Novaes geeft drie definities.

illustratie jenna arts

Het debat rond de Zwarte Pietendiscussie bereikte dit weekend een hoogtepunt. Bij de intocht werden afgelopen zaterdag negentig demonstranten gearresteerd, want ondanks Kaaspiet en Stroopwafelpiet zijn critici nog lang niet blij met het resultaat.

Maar ook voordat de goedheiligman voet aan wal had gezet, woedde de discussie. Zo ontstond er ophef nadat voetballer Leroy Fer vrijdag een foto met acht donkere teamgenoten op Twitter en Instagram plaatste. De foto werd veel gedeeld op sociale media en leidde tot een stroom aan reacties, waaronder enkele racistische: de spelers werden vergeleken met Zwarte Pieten, slaven en apen. ‘Losgebroken van de ketenen en dan krijg je dit’, schreef iemand. En: ‘Moeten jullie niet in Gouda zijn?’ Hoewel de KNVB na overleg met de spelersgroep besloot geen aangifte te doen, bekijkt het Openbaar Ministerie nu of de uitlatingen strafbaar zijn.

Verdedigers van de Zwarte Pieten-traditie zeggen vaak dat er geen misverstand over moet bestaan dat ze tegen racisme zijn. Dat is opmerkelijk: wat ze hier bedoelen met ‘racisme’ moet dan duidelijk verschillen van wat de Pieten-critici bedoelen als ze de traditie als racistisch beschrijven. Zoals wel vaker het geval is, lijkt het alsof de betrokkenen in het debat langs elkaar heen praten, omdat er meerdere betekenissen van ‘racisme’ worden gebruikt.

Nu zijn conceptuele analyse en de precisering van taalvaardigheden precies datgene waar wij als filosofen ons voor op de borst kloppen. Daarom zal ik proberen een onderscheid aan te brengen tussen enkele verschillende betekenissen van ‘racisme’ die aan het debat ten grondslag liggen, in de hoop dat dit verduidelijking kan brengen en zo kan bijdragen aan vooruitgang van het debat.

1 Historisch racisme

Een van de punten die in het debat over Zwarte Piet naar voren komt, is de historische oorsprong van de traditie. Sommige voorstanders betogen dat de traditie niet racistisch is, omdat deze is terug te voeren op middeleeuwse legenden waarin een ‘zwarte duivel’ St. Nicolaas begeleidt. De iconische afbeelding van Zwarte Piet die nu gebruikt wordt, dateert echter uit de negentiende eeuw en verwijst duidelijk naar het uiterlijk en de kleding van de zwarte knechten uit die periode.

Hoewel de ‘knecht’ in kwestie strikt genomen misschien geen slaaf is, is het duidelijk dat de wortels van de ‘zwarte knechtentraditie’ in de praktijken van slavernij liggen, al was het maar omdat de vrijgelaten slaven vaak nergens heen konden en daarom bij hun voormalige meesters bleven werken. Hieruit kunnen we concluderen dat er een overduidelijk historisch racistische component aan de traditie zit.

2 Expliciet racisme

Dan is er expliciet racisme: dit komt overeen met de sterke, Klu Klux Klan-achtige betekenis van racisme, waarin een bepaald ‘ras’ gezien wordt als inherent inferieur ten opzichte van een ander ras.

Deze betekenis wordt onderschreven door de Amerikaanse filosofieprofessor Lawrence Blum, auteur van het boek I’m not a racist but…Hij stelt dat er twee basisvormen van racisme zijn: ‘afkeerracisme’ (antipathy racism) en ‘denigrerend racisme’ (inferiorizing racism), waarbij sprake is van fanatisme, vijandigheid en haat tegenover een andere groep op basis van vermeende erfelijke fysieke eigenschappen. De reacties op de selfie van de voetbalspelers zijn hier een goed voorbeeld van: volgens sommigen geven de niet-blanke spelers geen mooi beeld van ‘ons land’.

Het lijkt erop dat dit de betekenis is die sommige verdedigers van de Zwarte Piet-traditie bedoelen wanneer ze aanstoot nemen aan wat zij zien als persoonlijke beschuldigingen van racisme. Hierop antwoorden ze dat Zwarte Piet wordt afgeschilderd als een zeer aangenaam figuur dat wordt aanbeden door kinderen van alle leeftijden – Zwarte Piet deelt immers snoepgoed en cadeautjes uit.

Hoe kan dat nu racistisch zijn?

Een andere redenering die hierbij in de buurt komt is: „Ik ben geen racist, in ieder geval niet van de Klu Klux Klan-soort. Ik geniet van Zwarte Piet, daarom is Zwarte Piet niet racistisch.”

Hoewel sommige aanhangers van de traditie wel degelijk racistisch kunnen zijn in deze sterke betekenis, ben ik ervan overtuigd dat de meerderheid dit niet is.

In welke zin kan de traditie dan wel racistisch zijn, en in welke zin kan hij negatieve gevolgen hebben voor de (vermeend) aangevallen groep? Dit brengt me op de derde en laatste betekenis van racisme die ik hier wil bespreken.

3 Impliciet racisme

Wie enig verstand heeft van psychologie is waarschijnlijk bekend met het concept van ‘impliciete bias’. Dit komt voor wanneer iemand stereotypen op bewust niveau verwerpt, maar onbewust wel negatieve associaties heeft met bepaalde groepen mensen, zoals zwarten, vrouwen, homoseksuelen enzovoort.

Onderzoek toont aan dat we allemaal vatbaar zijn voor dergelijke vooroordelen. Uit recente experimenten blijkt bijvoorbeeld overduidelijk dat bepaalde gender- of raciale associaties ertoe kunnen leiden dat twee identieke cv’s significant anders worden beoordeeld.

In dit opzicht is iedereen een racist. De mens is extreem vatbaar voor het ontwikkelen van associaties die een effect hebben op hoe we over andere mensen oordelen. Het is dus belangrijk om de effecten hiervan te matigen. Hoe? Simpel. Impliciete biases worden gevormd en versterkt door blootstelling aan stereotypen, maar ook weer gematigd door blootstelling aan individuen van een bepaalde groep die níét aan het stereotype voldoen. Zwarte Piet is zo’n stereotype, net als bijvoorbeeld de personages uit de literaire klassieker De hut van Oom Tom – donkere slaven en blanke plantagebezitters – stereotypen zijn.

Zwarte Piet vertegenwoordigt het stereotype van hoe een knecht eruitzag in de negentiende eeuw.

Tot niet zo lang geleden werd hij uitgebeeld als een ietwat dom persoon met een grappig accent – meestal het accent dat wordt geassocieerd met Suriname. Dit is dus een zeer saillant beeld van een zwart persoon waar Nederlandse kinderen aan worden blootgesteld vanaf een zeer jonge leeftijd: de niet zo slimme, maar toch zeer sympathieke knecht van Sinterklaas.

Het zal duidelijk zijn dat de associatie tussen zwart zijn en de speelse, niet zo slimme knecht niet snel zal leiden tot het leggen van de verbinding tussen zwarte mensen en het zijn van een kundige professional. De vraag is wat voor effecten dit zal hebben wanneer deze kinderen opgroeien en terechtkomen in machtsposities waar zij bijvoorbeeld verantwoordelijk zijn voor het aannemen van werknemers. Het is goed mogelijk dat deze associaties die op vroege leeftijd worden gelegd, het beeld van zwarte mensen voor de rest van het leven negatief zullen beïnvloeden. Misschien niet expliciet, maar dan toch wel impliciet.

Dit is het negatief effect van de traditie dat mij het meeste zorgen baart: deze associaties worden op zeer jonge leeftijd gelegd, waardoor ze diep verankerd raken in het denken.

In andere woorden, de Zwarte Piet-traditie beklemtoont het impliciete racisme waar we allemaal toch al vatbaar voor zijn, en is daarom zeer problematisch. Dat sommige mensen niet blij zijn met het feit dat het Nederlandse elftal veel donkere spelers telt, laat in ieder geval duidelijk zien dat racisme wél bestaat in ons land.