Het jaarlijkse overstapcircus is begonnen

Vanaf vandaag heeft u zes weken om te beslissen of u een andere verzekeraar wilt. Waar moet je op letten als je wisselt? Vier valkuilen.

Een bijzondere dag is het. Een dag die al maandenlang de agenda’s in de zorg beheerst. Vandaag, woensdag 19 november, verstrijkt de deadline voor zorgverzekeraars. Hun verzekerden dienen uiterlijk vandaag in het bezit te zijn van de nieuwe ziektekostenpolis. Dan hebben de verzekerden nog precies zes weken de tijd om te beslissen of zij overstappen naar een andere zorgverzekeraar. En dat is geen gemakkelijke keuze. Er is veel geld mee gemoeid en de polissen worden steeds ingewikkelder om te vergelijken.

Iedereen in Nederland is verplicht een basispolis af te sluiten. Kinderen tot 18 jaar hoeven niets te betalen, maar voor een volwassene kost de basispolis al snel 1.200 euro per jaar. Daarnaast schaffen velen nog een aanvullende ziektekostenverzekering aan om zich in te dekken tegen uitgaven die niet of bescheiden in het basispakket zitten, zoals behandelingen van tandarts, fysiotherapeut of natuurgenezer. Dit zijn valkuilen voor mensen die willen overstappen:

1 De prijs: ga je meer betalen voor je polis?

Wordt de polis duurder of niet? Toen in 2006 de basispolis werd geïntroduceerd, bestonden er maar twee smaken: de naturapolis waarbij de verzekerde geen rekening van een medische behandeling hoeft te betalen. De verzekeraar rekent direct af met de medicus. Maar de verzekeraar kan wel bepalen naar welke zorginstelling de patiënt gaat.

En er bestond de zogeheten ‘restitutiepolis’. Daarbij kan de verzekerde zijn arts kiezen, maar moet hij de rekening zelf betalen. De verzekeraar restitueert dat bedrag nadien. Deze polis was vanwege de extra keuze iets duurder.

Inmiddels zijn er allerlei tussenvormen van polissen ontstaan waarbij de verzekeraar een voorselectie maakt van ziekenhuizen waar de verzekerde heen kan gaan. Hij levert keuzevrijheid in, maar betaalt daar ook minder voor. Wie alleen maar naar de prijs van de basispolis kijkt en die vergelijkt met concurrenten, vergelijkt al snel appels met peren. Alles draait om de voorwaarden. Welke selectie maakt de verzekeraar? Welke beperkingen legt hij op? De kleine lettertjes tellen meer dan ooit.

2 De ‘onafhankelijke’ adviseur, bestaat die eigenlijk wel?

Dit is het moment waarop de ‘onafhankelijke’ adviseur om de hoek komt kijken. De een heet Independer, de ander heet Consumentenbond. Zij lanceerden vergelijkingssites waarop de consument de polissen makkelijk met elkaar kan vergelijken. Aardige service in een markt waar de producten steeds complexer worden. Maar opgepast, ze verdienen allemaal aan de overstappende klant. Daartoe hebben zij deals met de verzekeraars gesloten, soms tot wel 100 euro per overstapper. Waar provisies bij hypotheekadvisering inmiddels zijn verboden, tieren de commissies voor deze intermediairs nog welig. Het gevaar bestaat dat de verzekeraar die het meeste betaalt, het meest enthousiast wordt aanbevolen. Wie even niet oplet en het verkeerde vakje aanvinkt, krijgt ranglijstjes en adviezen die gebaseerd zijn op moeilijk verifieerbare criteria. Vergelijkingssites maken de afgesproken commissies per polis doorgaans niet openbaar.

3 Overstappen loont, maar vergelijken wordt steeds lastiger

Elk jaar wordt een record aan overstappers verwacht. Door wie? Door de vergelijkingssites. Zij zijn erbij gebaat dat er zoveel mogelijk reuring rond de polissen ontstaat. Overstappen is handel en handel is kassa. Ook de Nederlandse Zorgautoriteit, een toezichthouder, moedigt overstappen aan. Immers, concurrentie is gezond en competitie verkleint de prijsverschillen. Maar dat betekent voor de individuele verzekerde nog niet dat overstappen voordelig is. Zolang zorgverzekeraars goed met elkaar concurreren en de prijsverschillen klein blijven, levert overstappen vooral gedoe op en is het financiële voordeel bescheiden. Dit spel wordt gecompliceerder doordat polissen zoveel toeters en bellen krijgen dat onderling vergelijken moeilijker wordt. Dit jaar wisselden minder mensen van zorgverzekering dan het jaar ervoor: 6,9 procent van de verzekerden tegen 8,3 procent het jaar ervoor. Anders gezegd: 93,1 procent van de verzekerden bleef bij dezelfde verzekeraar.

4 De budgetpolis. Maar risico is moeilijk in te schatten

Er zijn twee manieren om je maandpremie zo laag mogelijk te houden. De overzichtelijkste manier is om een hoger risico te kiezen, vooral aantrekkelijk voor jonge en gezonde mensen. Elke Nederlander heeft een verplicht eigen risico van 375 euro per jaar. Dat kun je vrijwillig verhogen tot maximaal 875 euro per jaar. Dat scheelt al snel een paar tientjes per maand. En wat meer risico.

De tweede manier om op de polis te besparen is om een zo kaal mogelijke ziektekostenverzekering af te sluiten waarbij de zorgverzekeraar vooraf allerlei zorginstellingen heeft geselecteerd. Het grote nadeel is dat je nooit weet welke medische tegenslag jou zal treffen. Dit risico is veel minder goed in te schatten dan een verhoogd eigen risico. Het zou geen slecht idee zijn om de budgetpolis van een joekel van een disclaimer te voorzien, net als bij beleggingsproducten. Pas op, riskant product!