Facebook: iedereen houdt van advertenties

De nieuwe privacyvoorwaarden van Facebook helpen het sociale netwerk om nog meer gegevens over gebruikers te verzamelen.

Een protesttekening tegen Facebook in de wijk Lavapiés in Madrid. Foto Fabian Stratenschulte

Iemand de nieuwe privacyvoorwaarden van Facebook al gelezen? Waarschijnlijk niet, terwijl het sociale netwerk nog zo z’n best heeft gedaan er een behapbaar document van te maken.

Eind vorige week paste Facebook zijn voorwaarden aan. Vooral in vorm: meer witregels, iets makkelijkere woorden en leuke kleurtjes. En het document is ingekort van achtduizend naar tweeduizend woorden.

Inhoudelijk komt dat neer op: Facebook gaat meer verzamelen. De regels maken het eenvoudiger om locatie- en betaalgegevens op te slaan „zoals je bankrekening- of creditcardnummer”. Facebook noemt dat „jou helpen om meer uit Facebook te halen”.

Facebook weet nu nog vooral wie je bent, wie je kent en waar je van houdt. Het heeft nauwelijks een idee waar je bent en, vooral interessant voor adverteerders, wat je koopt. Gisteren werd bekend dat het bedrijf werkt aan Facebook at Work: een site om met collega’s te netwerken. Het sociale internetverkeer op de werkvloer gaat nu vooral via LinkedIn en Google.

Waar komt die verzamelwoede vandaan? Dat is duidelijk: hoe meer Facebook weet over zijn gebruikers, des te gerichter kan het bedrijf adverteerders een podium bieden. Hoe groter de kans dat een advertentie tot een aankoop leidt, hoe meer geld Facebook aan advertenties verdient.

Dat heeft voor iedereen voordelen, vinden ze bij Facebook. Wie je ook spreekt bij het bedrijf, steeds keert dezelfde mantra terug: gebruikers hebben geen hekel aan advertenties. Ze willen juist advertenties, zo lang ze maar persoonlijk relevant zijn.

Rob Newlan, verantwoordelijk voor marketing bij Facebook in Europa, is daar heilig van overtuigd. Goeie advertenties maken gebruikers blij, zei hij begin deze maand tijdens een borrel op het hoofdkantoor van Facebook in Dublin. Het zorgt voor een betere personal experience. En wat nou als gebruikers helemaal geen advertenties willen, ook geen relevante? „Daar heb ik geen antwoord op”, zei Newlan.

Facebooks grootste frustratie: de advertenties zijn nog niet relevant genoeg. Erik Johnson, de baas van Facebooks nieuwe advertentieplatform Atlas tijdens de Web Summit-conferentie begin deze maand in Dublin: „Ons grootste probleem is dat we nog niet genoeg van onze gebruikers weten.”

Eén manier om dit op te lossen is het koppelen van databases. Met de nieuwe privacyvoorwaarden zet Facebook daarin een nieuwe stap. „We delen je gegevens binnen de groep bedrijven die onderdeel zijn van Facebook”, staat te lezen in de voorwaarden. Whatsapp en Instagram, eigendom van Facebook, krijgen toegang tot de gegevens die gebruikers op Facebook achterlaten.

En elke site die vraagt om in te loggen met je Facebook-account levert een bijdrage aan de databerg. Zodat het bedrijf ook weet wat gebruikers buiten het Facebook-domein doen, vertelde Johnson. „Geef je in je winkel je mailadres, dan kunnen wij dat vastklinken aan je profiel. Zo zien we wat gebruikers online én offline doen.”

Meer dan 90 procent van de Amerikanen zegt dat men de controle is kwijtgeraakt over hoe bedrijven als Facebook gegevens over hen verzamelen, bleek vorige week uit een peiling van het Amerikaanse Pew Research Institute. Facebook geeft gebruikers tot en met donderdag de tijd om op de nieuwe privacyvoorwaarden te reageren. Pas daarna worden de nieuwe regels ingevoerd.