Plotseling grijpt de politie in

In Gouda is alles gezellig, totdat demonstranten tegen Zwarte Piet op de Markt verschijnen

De politie grijpt in bij het protest tegen Zwarte Piet tijdens de landelijke intocht van Sinterklaas in Gouda. Agenten arresteren voor- en tegenstanders van Zwarte Piet. Foto’s Robin Utrecht

„Dit is onze kans”, zegt een politieman. Op de Goudse Markt is tijdens de intocht van Sinterklaas al een kwartier min of meer heimelijk gedemonstreerd, tot ergernis van de politie, maar nu is een opstootje ontstaan. De commandant mompelt in een microfoontje en roept dan: „Opduwen en afvoeren!”

De menigte wordt samengedreven. Journalisten halen ijlings hun camera’s weg. Een politieman roept: „U bent gearresteerd.” De actievoerders protesteren. „Wij doen helemaal niks verkeerd!” Een enkele actievoerder verzet zich krachtig. Duwend en trekkend verwijderen vier politiemensen de man, inmiddels halfnaakt. Ouders met kinderen staan verschrikt te kijken. Een fanfareorkest blijft onverdroten sinterklaasliedjes spelen. Op het bordes van het stadhuis wuift Sinterklaas alsof er niets aan de hand is. Ook na afloop houdt de goedheiligman zich van de domme. „Het was een prachtige intocht.” Heeft hij iets gemerkt van problemen? „Alles komt altijd helemaal weer goed.”

Negentig mensen werden zaterdag aangehouden tijdens de landelijke intocht van Sinterklaas in Gouda. Zestig van hen kregen een proces-verbaal en een boete van 220 euro wegens het overtreden van de Wet openbare manifestaties. Ze demonstreerden op een plaats waar dat door burgemeester Milo Schoenmaker (VVD) van Gouda was verboden. Dertig mensen werden aangehouden wegens het verstoren van de openbare orde. „Ze veroorzaakten wanordelijkheden”, aldus de politie. Onder de demonstranten bevonden zich zowel voor- als tegenstanders van Zwarte Piet. En er zaten ook „beroepsdemonstranten” bij, zou burgemeester Schoenmaker vertellen. „Mensen die opduiken als ergens wordt gedemonstreerd.”

De ongeregeldheden hebben de intocht van Sinterklaas grondig verpest. De vraag is of het niet anders had kunnen verlopen. Burgemeester Schoenmaker had vooraf duidelijk gemaakt dat demonstreren tegen Zwarte Piet alleen geoorloofd was in de buurt van het station, buiten het zicht van publiek en camera’s. Want, zo had de burgemeester die ochtend al gezegd: „Het recht op demonstreren is een groot goed, maar dit is wel een kinderfeest en de veiligheid van de kinderen mag niet in gevaar komen.” En demonstraties toestaan langs de route van de sinterklaasstoet in de smalle straatjes van de historische binnenstad van Gouda? „Dat gaat niet.”

De demonstranten zagen op hun beurt geen andere mogelijkheid om aandacht te vragen voor hun standpunt dat Zwarte Piet een „racistische stereotype van de zwarte mens” is dan op de verboden Markt te gaan staan. Bijvoorbeeld door met z’n tienen, gearmd en gekleed in een T-shirt met de tekst ‘Zwarte Piet Niet’, een „keten van rechtvaardigheid” te vormen.

Aanvankelijk zwijgen ze. Na vragen van toegestroomde journalisten beginnen ze toch te praten. „Wij staan hier omdat Nederland het idee heeft dat het mensen belachelijk kan maken en uitsluiten, en om een einde te maken aan het idee dat goedbedoeld racisme geen racisme is. Nederland moet volwassen worden.”

Elders op de Markt klinkt gejuich. Fanfares spelen het liedje waarin de knecht van de Sint staat te lachen en ons steeds toeroept. Een verslaggever vraagt of de actievoerders zich kunnen voorstellen dat ouders en kinderen dit protest hier en nu niet waarderen. Antwoord: „Kunt u zich voorstellen dat terwijl wij hier staan, mensen door dit feest gekwetst worden? Ik moet mij verplaatsen in uw plezier. Ik wil dat u zich verplaatst in mijn pijn.”

De hoempamuziek zwelt aan. Een journalist herinnert de demonstranten aan het demonstratieverbod. Antwoord: „Wij demonstreren niet. Wij staan hier met T-shirts met onze mening. Dat recht hebben mensen van Nederland.” Ja, maar ze staan hier toch duidelijk een boodschap te verkondigen? Antwoord: „Iedereen verkondigt een boodschap. Pieten die hun gezicht zwart schminken verkondigen een boodschap. Het is ons goed recht om een boodschap te verkondigen.” Daar denkt de politie even later anders over.

En de intocht van de Sint was zaterdagochtend nog wel zo braaf begonnen. Het was weliswaar een hopeloos regenachtige dag en het duurde weer eens een eeuwigheid voordat de stoomboot uit Spanje eindelijk aanmeerde en door Goudse zeeverkenners aan de wal was vastgemaakt, omdat die domme Zwarte Piet de weg niet wist. „Laat hem een gps nemen”, riep een kind. Maar de sfeer zat er goed in. Het publiek was met ongeveer twintigduizend man komen opdagen en zong mee met de potpourri van sinterklaasliedjes van Harmonie De Pionier.

De pers was gretig. Burgemeester Schoenmaker stond op de kade welwillend een societyverslaggever te woord en kreeg ook nog andere verzoeken. Of hij iets voor de Duitse televisie wilde zeggen? Ja hoor. En voor de Zuid-Koreaanse televisie? In het Nederlands? Doet hij ook.

Achter de dranghekken stonden gelukkige gezinnen. Een vader vond „dat de standpunten over Zwarte Piet gepolariseerd zijn”. Zich preciserend: „Elkaar voor van alles en nog wat uitmaken is niet goed. Je moet deze serieuze kwestie met een kwinkslag oplossen.” Zijn zoontje wilde ook nog wat zeggen. „Sinterklaas is helemaal nooit een slavendrijver geweest.”