Het duurde even, maar nu hebben we een Piet van roet

Adriaan Krans wist waar hij als voorzitter van de Sinterklaasintocht in Amsterdam aan begon. ‘De pijn zit in het gevoel van gedwongen verandering.’

Adriaan Krans, voorheen werkzaam bij adviesbureau Boer Croon, sinds enkele jaren zelfstandig ondernemer en nu leiding gevend aan de fusie van twee ziekenhuizen in het zuiden van Nederland, werd begin 2014 voorzitter van de Stichting Sinterklaas Intocht Amsterdam. Hij wist waar hij aan begon.

In het jaar ervoor was de beer los gegaan over Zwarte Piet. Krans: „Een dag na mijn aantreden zat ik bij de burgemeester in de ambtswoning.” Daar bracht burgemeester Van der Laan het intochtcomité en actievoerders tegen de traditionele Zwarte Piet rond de tafel. Afgevaardigden van het Sinterklaasjournaal „hoorden toe”.

Hoe heeft u die gesprekken ervaren?

„Als zeer positief. Een paar jaar geleden dacht ik nog: wat zullen we nou beleven? Blijf van mijn traditie af! Maar toen iemand werd gearresteerd bij een Sinterklaasintocht omdat-ie het niet eens was met Zwarte Piet, vond ik dat wel gek. Dat lijkt op het soort dingen dat wij Poetin verwijten als hij Pussy Riot laat opsluiten.”

Bent u er zelf van overtuigd dat Zwarte Piet moet veranderen?

„Het is een proces geweest. Ik werd geraakt door de verhalen van de mensen die aan tafel zaten bij de burgemeester en bij minister Asscher. Zij hebben minder pijn van Zwarte Piet, dan pijn van de discriminatie in de maatschappij. En Zwarte Piet is daar op dit moment de maatschappelijke uitdrukking van.

„We hebben ook geen keus; sponsors haken af. Tenzij je denkt: ’t waait wel over. Maar het waait niet over.”

Amsterdam heeft nu de Piet met roetvegen. Waarom die variant?

„Wij wilden dicht tegen het verhaal van Sinterklaas aan blijven – de schoorsteen. En tegelijkertijd iets veranderen aan de kern van het probleem: dat de traditionele Piet bij sommigen associaties oproept aan slaven van Afrikaanse afkomst. De Piet die aanstoot geeft is zwart, klungelig en knecht. Als hij nou niet zwart is van kleur maar van roet, dan doet het er niet meer toe dat hij knecht is. Als de knecht van Sinterklaas naar een smurf was gemodelleerd, had niemand het erg gevonden dat-ie de knecht is van iemand met een baard. Door de negroïde stereotypering eruit te halen, hoeven we verder zo min mogelijk te veranderen.

„Een kleurenpiet past niet in het verhaal van Sinterklaas. En de acceptatie van het verhaal is de voorwaarde voor de acceptatie van het beeld.”

Accepteren uw eigen vrijwilligers het? De honderden mensen die al jaren meelopen als Zwarte Piet?

„Daar hebben we heel veel energie aan besteed. Wij hebben duizend vrijwilligers. Daar zit ontzagwekkend veel liefde bij. Maar dit jaar zijn wel een paar getrouwen afgehaakt, vanwege onze afspraken. De pijn zit ’m niet in roet of bruine schmink. Die zit ’m in het gevoel dat de verandering wordt opgedrongen. Ik begrijp dat. Niemand vindt het erg om te veranderen, iedereen vindt het erg om te worden veranderd. Toen wij onze aanmeldingen voor dit jaar binnen hadden – 425 handgeschreven brieven – hebben we de Pieten gevraagd, nog voordat ze wisten dat het om Schoorsteenpieten ging: gaan jullie mee in de veranderingen die wij doorvoeren? Tweederde zei ja.”

Hoe gaat het nu verder?

„De negatieve sluier moet van het feest af. Als dat niet lukt, hebben we over één, twee jaar geen intocht meer. Bij de laatste Pietenbriefing proefde ik weer: jongens, we hebben er zín in.” Krans wijst op de Pietenfoto anno 2014: twee traditionele Zwarte Pieten flankeren één Schoorsteenpiet. „We moeten nog evalueren maar hij en hij zouden er over twee jaar zomaar net zo uit kunnen zien als die middelste. En ik zeg: ze zijn allemaal 100 procent Zwarte Piet.”