De plant als cognitief collega-organisme

Bent u bang tegen een plant te praten? Het is minder idioot dan u denkt. Want planten kunnen echt op geluid reageren, zo blijkt uit Marianne Heselmans fascinerende artikel over nieuwe wegen in de plantkunde, verderop in deze bijlage. Naast chemische communicatie blijken in planten ook allerlei elektrische signalen te bestaan – al is het fijne er nog niet van bekend.

Maar inderdaad, praten met een plant is niet echt nuttig. Want ze lijken vooral geïnteresseerd in geritsel van een knagende rups, niet in mensengeluid. En muziek kan ze echt niks schelen. De absurdistische Radiomannen-conference ‘De Ondankbare Plant’ van Hans Teeuwen en Pieter Bouwman, waarin een kamerplant zijn baasje gaat treiteren en hem het huis uitzet, zal nooit werkelijkheid worden.

Er wordt wel steeds meer intelligentie gezien buiten de mens, zo lijkt het. Eerder dit jaar pakten we in deze bijlage groot uit met octopusslimheid (‘Armen zijn alles’, 6 september). En vorige week bleek ook de mensaap over duidelijke toekomstverwachtingen te kunnen beschikken. En nu lijken dus zelfs planten als cognitieve wezens te worden geaccepteerd.

In zijn schitterende boek The accidental species (2013) hamert de Nature-redacteur en bioloog Henry Gee op de consequentie van al die nieuwe wetenschap: wij mensen zijn echt niet bijzonder. Dat gebrek aan uniciteit gaat ver. Gee beschrijft hoe hij aan de kust van Norfolk zijn vrouw bij vriendinnen afzet, zodat zij er samen hun honden kunnen gaan uitlaten. Hij vertelt wat hij vervolgens zag in zijn achteruitkijkspiegel: twee zoogdiersoorten die elk op eigen wijze oude bekenden begroeten. De mensen pratend en zwaaiend met handen, de honden om elkaar heen springend, aan konten ruikend en zwaaiend met staarten.

Niet afgeleid door taal ziet Gee precies hetzelfde gedrag bij twee soorten. Bij de ene soort zien we het als bewust gedrag, bij de andere als instinct. Maar dat onderscheid is onwetendheid van ons. „De evangelies van de kraai, de dromen van de dolfijn en de speculaties van het mierennest zullen we misschien nooit kennen.”

Ik ben benieuwd wat Henry Gee van kamerplanten vindt.