De Haagse van-boven-democratie is uit de tijd

Het wordt spannend. Op allerlei fronten. Minister van Defensie Hennis zei zomaar dat Rusland ‘irritant’ begint te worden. Studenten lopen te hoop tegen het leenstelsel en de marginalisering van de geesteswetenschappen. Maar het meest ingrijpend op korte termijn is de verbouwing van de verzorgingsstaat – een democratisch en sociaal laboratorium waar de thermostaat flink omhoog is gezet.

Na de emotiepolitieke aandacht van vorige week voor de kommervolle omstandigheden in het verpleegtehuis van de moeder van staatssecretaris Van Rijn, werd deze week in Den Haag de gelegenheid geboden zinvol uit te zoomen. Bij de Raad voor het Openbaar Bestuur hield Wim van de Donk, commissaris van de koning in Noord-Brabant, een in essentie revolutionaire lezing over de huidige decentralisaties, vooral die van de zorg.

Mocht het huidige zelfvertrouwen van het CDA zich de komende jaren vertalen in bestuurlijke verantwoordelijkheid dan is Van de Donk een voor de hand liggende hoofdrolspeler. Hij is inzetbaar op alle departementen tot en met het Torentje. Maar Den Haag is sinds woensdag gewaarschuwd: hij doet niet mee met het tot nu toe gespeelde spelletje.

In zijn lezing (hier te vinden: http://bit.ly/1xnweYs) cirkelt Van de Donk boven bestuurlijk Nederland en de omgang met wat hij noemt ‘het zorgdomein’. Hij hekelt in niet mis te verstane woorden de huidige politieke democratie die „in combinatie met een bestuursjuridische systeemdwang de inherente neiging heeft tot etatistisch centralisme te leiden”.

Dure woorden? Valt wel mee. Van de Donk ontmaskert de huidige decentralisatie-operaties op de gebieden van zorg, werk en inkomen als volstrekt achterhaalde pogingen van een zich aan centrale macht vastklampende politiek-bestuurlijke elite. Zonder erkenning van de werkelijkheid dat goede zorg een zaak is van ‘kwetsbare verhoudingen’, van „loyaliteit, aandacht, nabijheid en toewijding, zorg en zingeving”.

Sociale en technologische vernieuwingen vragen om een cultuur van ruimte en vertrouwen. „Die worden verlamd in een cultuur die wordt gedomineerd door regels, contracten en protocollen”. De „goede bedoelingen van de systeemwereld van de marktwerking teistert de zorg met soms absurde vormen aannemende, elke onzekerheid uitsluitende kwaliteitscontrole, doorgaans vooral [...] kwantiteitscontrole [...].”

De in januari losbarstende decentralisatie van de zorg is voor Van de Donk van evident belang. Iedereen heeft er mee te maken. Het gaat om onze beschaving in de praktijk van alledag. Het is ook een voorbeeld van de ontwikkeling van de Nederlandse democratie dat hem zorgen baart. Meer organisatorisch dan organisch. Zijn analyse zegt veel over de huidige krampachtige instabiliteit.

De VVD-PvdA-coalitie verzwakt gestaag – met of zonder weggestuurde PvdA-fractieleden. Maar de rot zit dieper. De debatten in de Tweede Kamer bieden week na week voorbeelden van een breder levende opvatting dat de Rijksoverheid Nederland bestuurt, dat de daar genomen politieke beslissingen tot op een verrassend microniveau van de samenleving er toe doen. Hoe al die beslissingen uitpakken boeit weer minder, maar Den Haag praat er wel over, tot lang na verzelfstandiging of decentralisatie.

Dát is de ingesleten denkfout waar Van de Donk de vinger op legt. Zoals hij ook het misverstand benoemt dat ‘hogere’ overheden hebben te zeggen wat ‘lagere overheden’ doen. Hij gaf het niet maar het voorbeeld schiet te binnen van de provincie Groningen die 23 gemeenten wil dwingen samen te smelten tot 6, maar Bellingwedde en Vlagtwedde verbiedt te fuseren want GS hebben wat anders bedacht. Dat soort dwangdemocratie is onkruidgif voor plaatselijke initiatieven.

„Wederzijdse afhankelijkheid is de echte werkelijkheid van de echte wereld”, constateert Van de Donk. Het geldt zowel voor zorg, werk en inkomen, als voor de democratische verhoudingen in dit land. In de zich snel ontwikkelende kennisdemocratie zou iedereen de gelegenheid moeten krijgen én grijpen om zelf vormen van solidariteit en zorg te ontdekken en verder te organiseren. De afgedwongen participatie van nu ontaardt snel in een doorzichtig alibi voor bezuinigingen.

In die centrale systeemlogica is het rationeel voor verschillende zorgverzekeraars om geen contract te sluiten met Buurtzorg. Niet meedoen in de nu opgetuigde lokale praat- en verantwoordingscircuits, daar kan het Systeem niet mee omgaan. Al zijn de meeste mensen die met deze (in reële zin) kwalitatief hoogstaande, lokale thuiszorg te maken hebben dankbaar voor de ervaring. En wordt per saldo goedkoper gewerkt.

Van de Donk betrekt de pers bij de te eenzijdige aandacht voor centraal ‘naar beneden’ gestuurde transities. Die boodschap kunnen landelijke media zich aantrekken. Voor de regionale media, die strijden voor hun overleving, is de armslag om de groeiende betekenis van de lokale en regionale politiek te volgen klein geworden. Over dat aanzienlijke gat in de Haagse decentralisatietheorie gaat het alleen op aparte studiedagen.

Geniet volgende week van dit alles wanneer de ‘systeemverantwoordelijke’ minister Schippers in de Kamer haar decentrale zorgmenagerie verdedigt. De Kamer zal smullen. Volgend jaar barsten de gemeenteraadszalen uit hun voegen wanneer de gevarieerde werkelijkheid hier en daar ontploft. Daarna volgen spoeddebatten en een enquête in de Kamer. Lekker overzichtelijk.