Jagers draaien de rollen om: Boko Haram is nu de prooi

De jagers nemen het heft zelf in handen en „verdrijven de smeerlappen die onschuldige mensen vermoorden”, zegt een van hen in het dorp Maihu.

Foto AP

Het vorige maand begonnen vredesoverleg met de islamitische terreurgroep Boko Haram is gevolgd door een verheviging van de strijd. Nigerianen nemen steeds meer zelf de wapens op, zoals eerder deze week toen inwoners van het dorp Maihu 75 strijders van Boko Haram doodden.

Jagers en andere inwoners van het dorp lieten de terroristen in een hinderlaag lopen en slaagden er in velen van hen te doden. De jager Baba Dauda uit Maihu zei na afloop: „We moeten het heft zelf in handen nemen en de smeerlappen verdrijven die onschuldige burgers vermoorden. De Nigerianen moeten zich schrap zetten en het tegen hen opnemen. Wij zijn niet bang te sneuvelen”.

Maihu is nu weer in handen van de overheid, maar vele inwoners sloegen op de vlucht uit angst voor represailles door Boko Haram. In totaal zijn door het conflict met Boko Haram in het noordoosten van het land ongeveer driekwart miljoen burgers ontheemd geraakt. Velen trokken naar de buurlanden Tsjaad en Kameroen.

Wraaknemingen

De overheid richtte al eerder zelf een civiele brigade op maar dat leidde tot een golf van wraaknemingen op burgers door Boko Haram. Het hoofd van de brigade vertelde gisteren dat in de afgelopen weken zich 2000 burgers hebben gemeld om mee te gaan vechten, onder wie handelaren, ex-militairen en kunstenaars. Ze worden bewapend met pijl en boog en, stokken en speren.

De gevechten van de afgelopen weken zijn de hevigste sinds het conflict in 2009 uitbrak. Dit ondanks het eenzijdige staakt-het-vuren afgekondigd door de regering vorige maand, als onderdeel van besprekingen met een factie van Boko Haram om de ruim 200 ontvoerde meisjes uit het stadje Chibok vrij te krijgen. De grootste factie onder Abubakar Shekau heeft echter gezegd niet deel te nemen aan vredesoverleg en begon een nieuw offensief. Sindsdien heeft Boko Haram 25 dorpen en stadjes veroverd, die volgens Shakau deel gaan uitmaken van een kalifaat verbonden aan de groep IS in Irak en Syrië. Bij aanslagen op scholen door Boko Haram vielen de afgelopen dagen zer vijftig doden.

Prijs de Heer

Het grootste struikelblok voor een effectief militair optreden tegen de terreurgroep is gedemoraliseerde soldaten en corrupte legerleiders die zich soldij en andere fondsen toe-eigenen. Daarom kan Boko Haram, hoewel het gesplinterd is en met geronselde jeugd strijdt, toch steeds weer zeges boeken. Zoals vorige week bij een aanval op het 147ste bataljons in Abadan bij de Nigese grens. Op pick-ups en bewapend met antitankwapens en machinegeweren vielen duizend strijders de driehonderd regeringssoldaten aan. Na enige weerstand te hebben gegeven sloegen de regeringsmilitairen op de vlucht naar Niger, deden hun uniformen uit en lieten hun wapens achter voor de Boko Haram-strijders die Allahu Akbar (Prijs de Heer) scandeerden. Een gevluchte soldaat zei: „Ze hebben al onze wapens veroverd: tanks, geweren en munitie”. Hij zei erbij dat „het moreel laag was onder de soldaten wegens gebrek aan wapens”.

Chris Olukolade, woordvoerder van het leger, gaf een andere reden voor de zware nederlaag bij Abadan. „Er zijn al lang nieuwe wapens gearriveerd, dat is het probleem niet. Het probleem is de mentaliteit van de soldaten. Velen van hen zijn lafaards en zij hadden nooit in het leger gerekruteerd mogen worden”.