Hardlopen? Nee, geld verdienen

Dit weekend gaan duizenden mensen hardlopen in Nijmegen. Leuk voor hen én voor de lokale economie. Aan lopen wordt steeds meer verdiend.

foto ANP

Het was bedoeld als iets eenmaligs, de nachtloop vorig jaar tijdens de 30ste editie van de Zevenheuvelenloop in Nijmegen. Maar ook morgen weer zullen 7.000 hardlopers door het donker rennen, tijdens de Zevenheuvelennachtloop (7 kilometer). De volgende dag, zondag, telt de Zevenheuvelenloop zelf (15 kilometer) zo’n 30.000 deelnemers. Die extra loop is niet alleen prettig omdat daardoor meer mensen kunnen meedoen. Het is ook een belangrijke economische prikkel voor de stad.

Nu de grote hardloopevenementen maar blijven groeien, gaat het allang niet meer alleen om het lopen. De organisaties van de lopen verdienen er flink geld mee. En ook de lokale economie profiteert ervan.

Dankzij de Zevenheuvelenloop werd vorig jaar ruim 1,5 miljoen euro extra besteed in Gelderland. Aan horeca, en de winkels. Ook de marathon van Eindhoven en de Tilburg Ten Miles leveren aantoonbaar geld op voor de regio.

Economische motor

De economische impact van dergelijke evenementen wordt sinds 2008 gemeten door de Werkgroep Evaluatie Sport Evenementen. Lector Sportbusiness aan de Fontys Hogeschool in Tilburg Mark van den Heuvel omschrijft die impact als „de inkomsten die van buitenaf neerdalen in de economie van het gebied waarin het evenement plaatsvindt”. Het gaat om uitgaven die anders niet gedaan zouden zijn. Van overnachtingen en uitgaven aan eten en drinken door deelnemers en bezoekers tot sponsoring en media die betalen voor uitzendrechten.

„Overheden zien het hardlopen niet meer als een sportevenement, maar als economische motor”, zegt Jelle Schoemaker, sporteconoom bij de Hogeschool van Arnhem en Nijmegen (HAN) en lid van de Werkgroep Evaluatie Sport Evenementen. En daar passen overheden hun subsidiebeleid op aan. Om te garanderen dat die subsidies inderdaad worden gebruikt voor het stimuleren van de lokale economie, stellen ze een onderzoek daarnaar verplicht. Voor de provincies Gelderland en Noord-Brabant geldt: alléén subsidie als de Werkgroep Evaluatie Sport Evenementen onderzoek doet. Ook het ministerie van VWS hanteert deze voorwaarde voor het subsidiëren van sportevenementen.

Voor de Zevenheuvelenloop bedroeg de subsidie van de provincie Gelderland 60.000 euro. Een som geld die „niet nodig is om onze organisatie overeind te houden”, zegt Ronald Veerbeek, voorzitter van de stichting Zevenheuvelenloop, die een jaarbegroting heeft van ongeveer twee miljoen euro. Eerder is het geld bedoeld „om iets uit te proberen dat goed voor ons en voor de provincie is, de gedachte is nadrukkelijk dat er iets tegenover staat”.

Zo draaien hardloopevenementen niet alleen meer om het hardlopen zelf. „De loop wordt steeds meer een onderdeel van een dagje uit”, zegt Veerbeek. Er worden sportmarkten omheen georganiseerd en er zijn exposities (Zevenheuvelenloop) of er wordt een groot plein bij de finish neergezet (Dam tot Dampark). Veerbeek: „We proberen lopers langer te laten blijven op de plek waar het evenement plaatsvindt. Er wordt van alles aan gedaan om inkomsten uit deelnemers en bezoekers te maximaliseren.”

Vandaar dus de Zevenheuvelennachtloop. Die zorgt ervoor dat de meeste hardlopers een nachtje blijven slapen en eten in de plaatselijke horeca. Het leverde vorig jaar 138.000 euro op aan ‘overnachtingsbestedingen’. De gemeente verdiende aan meer parkeergeld.