Extreem trippen: hypnose én virtual reality… Wow

Bo&Caro gaan elke dag naar een bedrijf. Ze zijn bij aandeelhoudersvergaderingen, productpresentaties of vrijdagmiddagborrels en willen graag weten: wie is hier belangrijk?

Wat: experimenteren met virtual reality en hypnose
Wie: Alje Hoving van videobedrijf Encircle, hypnotiseur Daniël de Ronde en ruimtereiziger Julian Zwennes

Toch nog bij dat uitverkochte concert zijn. Op de eerste rij. Het uitzicht vanaf de Mount Everest. Zonder die hele berg op te hoeven. Op de middenstip van het stadion van je lievelingsclub staan. Tijdens een wedstrijd.
Het bedrijf Encircle is er mee bezig. “Met een virtual realitybril kunnen we een compleet andere wereld op je netvlies projecteren,” legt oprichter Alje Hoving uit. “Alles is mogelijk.”

Leuk, maar niet volmaakt. Want de virtual realityervaring wordt nu vaak verpest door je eigen gedachte: ‘dit is niet echt’. Irritant. Zo gaat die ‘reality’ natuurlijk nooit als realiteit aanvoelen. De oplossing: hypnose. Daarmee kun je die afleidende gedachten uitschakelen.

Een boom met wortels

Vandaag een demonstratie. Dertig sceptische toeschouwers in een tl-verlicht zaaltje. Vier jongens worden het podium opgetrommeld. “Sluit je ogen en stel je voor dat je een boom bent,” galmt hypnotiseur Daniël de Ronde door zijn microfoon. “Je wortels zitten díép in de aarde. Je staat he-le-maal vást.”

Hij buigt zich naar Julius Zwennes, de jongen met het meest verstijfde lichaam. “Als ik je aantik doe je je ogen open en probeer je van het podium te stappen.”
Tik. De jongen buigt en kronkelt zijn lichaam maar zijn benen blijven staan waar ze staan. De Ronde grijnst. “Heel goed. Met jou gaan we de virtual reality in.”

Je voorstellen dat je een boom bent gaat diep.

Een foto die is geplaatst door Bo&Caro (@boencaro) on

Terug naar de ruimte

Weer onder hypnose krijgt Zwennes een virtual reality-bril op. Op een scherm achter hem is te zien wat hij ziet: de ruimte met langs zwevende planeten, sterren en ruimteschepen. “Je bent nu diep in trance,” fluistert De Ronde. “Je bent gewichtsloos, zweeft richting de sterren,  je kan ze grijpen.”
Zwennes mond zakt open en hij maait met zijn armen om zich heen. Bijna valt hij van zijn stoel. De Ronde haalt vlug de bril weer van Zwennes hoofd. “Ik tel tot drie en dan kom je langzaam weer terug in deze wereld.”

Een paar seconden later, drie om precies te zijn, kijkt Zwennes versuft de helverlichte zaal in. “Huh…” Hij knippert met zijn ogen. “Ik was in de ruimte. Ik… Wow.”

Of er nog vragen zijn vanuit het publiek, wil De Ronde weten. Niet echt. Iedereen is met stomheid geslagen. Dan trekt Zwennes De Ronde aan zijn mouw. Hij heeft wel een vraagje. Of hij weer terug naar de sterren mag.