Bijstandstoerist? Vergeet het maar

Niemand krijgt zomaar een bijstandsuitkering in een ander EU-land. En dat is terecht, vindt de Europese rechter.

De Britse tabloid Daily Express (oplage bijna 470.000 exemplaren) voert al jaren campagne voor een Brits vertrek uit de EU. Migratie is een van hun stokpaardjes.

De Europese rechter in Luxemburg heeft deze week een duidelijke grens gesteld aan de rechten van EU-migranten op een uitkering in een andere lidstaat. Maar met het veelbesproken arrest-Dano van afgelopen dinsdag is het debat over ‘uitkeringstoerisme’ nog niet voorbij.

De Roemeense Elisabeth Dano, die de zaak had aangespannen, maakte het wel heel bont. De nu 25-jarige vrouw, die amper Duits spreekt, arriveerde in 2010 in Leipzig. Ze kwam niet om te werken, maar voor een bijstandsuitkering, zegt het EU-hof. De Duitse autoriteiten weigerden die uitkering en kregen van het hof gelijk.

Duitsland en ook Nederland en het Verenigd Koninkrijk, twee andere landen waar een bij vlagen fel debat woedt over migratie uit Oost-Europa, reageerden verheugd. „De uitspraak draagt bij aan het voorkomen van uitkeringstoerisme”, zei minister van Sociale Zaken Lodewijk Asscher (PvdA).

Maar het arrest betekent niet dat een Roemeen in Duitsland – of een Nederlander in Spanje – geen enkele aanspraak meer kan maken op sociale uitkeringen. Wat kan er wel en wat niet?

Voor de lappendeken van nationale sociale zekerheidsstelsels, die sterk van elkaar verschillen, gelden een paar algemene Europese regels. Die zijn vastgelegd in richtlijnen en verder gepreciseerd in uitspraken van het EU-hof in Luxemburg, dat een belangrijke rol speelt. De regels laten ruimte voor interpretatie. En sommige lidstaten zoeken steeds naar nieuwe manieren om het eigen beleid aan te scherpen.

In het EU-recht geldt een drietrapsraket: burgers die korter dan drie maanden in een andere lidstaat wonen, hebben nauwelijks sociale rechten. Na drie maanden maken ze meer kans op een uitkering. En na vijf jaar zijn de rechten van EU-migranten gelijk aan die van de ‘eigen’ burgers.

Eigen broek ophouden

De eerste drie maanden moet elke EU-migrant zijn eigen broek ophouden, staat in de richtlijn over vrij verkeer. Er is geen recht op bijstand. Maar regeringen mógen wel sociale hulp geven. Duitsland geeft vanaf dag één inkomensteun aan EU-migranten die werken, maar (te) weinig verdienen.

Dano woonde al langer in Duitsland, sinds 2010. Daarmee valt ze in de ‘tussenperiode’ van drie maanden tot vijf jaar, waar politiek en juridisch veel over te doen is in Europa.

De Roemeense deed geen moeite om werk te vinden. Ze is een extreem voorbeeld van wat een ‘economisch niet-actieve’ EU-migrant heet. Zo’n niet-werkende migrant heeft ook in deze tussenperiode weinig rechten. Hij of zij kan zelfs worden uitgezet, want het verblijfsrecht is gekoppeld aan het hebben van voldoende eigen bestaansmiddelen. Dano heeft het niet slecht getroffen. Ze kreeg, hoewel ze niet werkt, in 2011 een permanente verblijfsvergunning. Daarnaast krijgt ze 184 euro per maand kinderbijslag voor haar minderjarige zoon Florian. Nederland is soms harder voor niet-actieve EU-burgers: een jonggehandicapte Belg heeft géén recht op een Wajong-uitkering.

Dano moet nog een wachten

De meeste EU-migranten die een paar jaar in een andere lidstaat wonen zijn juist wel economisch actief, zo blijkt uit Europese en nationale cijfers. Ze hebben een baan(tje) of een eigen bedrijf. In veel landen, waaronder Duitsland en Nederland, kunnen EU-migranten die een tijd hebben gewerkt een (aanvullende) uitkering krijgen, zij het onder voorwaarden.

De regering-Cameron overweegt het recht op een WW-uitkering voor álle EU-migranten (ook voor economisch actieven) in te perken. Dat is riskant: de Europese Commissie kan Londen dan voor de rechter slepen. Brussel heeft de Britten vorig jaar ook al voor het EU-hof gedaagd. Werkende EU-migranten die aanspraak maken op steun zouden worden gediscrimineerd omdat ze, anders dan Britten, moeten bewijzen dat ze legaal Brits ingezetene zijn.

Eén ding is vooralsnog onomstreden: Europese burgers die vijf jaar of langer legaal in een ander EU-land hebben gewoond, hebben dezelfde sociale rechten als autochtonen. Elisabeta Dano moet nog even wachten. Als Dano het uithoudt in Leipzig – haar zus onderhoudt haar – heeft de Roemeense vanaf 2016 evenveel recht op een uitkering als een Duitser.