AKO-prijs voor oorlogsroman Hertmans

Stefan Hertmans, die gisteravond de AKO Literatuurprijs won, reageerde met een kalme glimlach: „De roman groeide uit tot een tweede Verdriet van België.”

Stefan Hertmans geflankeerd door zijn vrouw Sigrid Bousset (links) en zijn uitgeverSuzanne Holtzer. Foto Robin Utrecht

„We zijn speciaal voor u gekomen”, zei een dame van een „kleine fanclub uit Vlaardingen” aan het einde van de avond glunderend tegen Stefan Hertmans. De AKO Literatuurprijs ging dit jaar wél naar de gedoodverfde favoriet: Oorlog en terpentijn, Hertmans’ roman over de Eerste Wereldoorlog. De jury, die het met „een overgrote meerderheid van stemmen” koos, noemde het boek van de Vlaamse schrijver „zijn meesterproef, die nu al de status van een klassieker heeft”. Hertmans won tijdens de uitreiking, gisteren in Den Haag en rechtstreeks op tv in Nieuwsuur, een prijzengeld van 50.000 euro en een sculptuur.

De roman is met meer dan 125.000 verkochte exemplaren een onverwachte bestseller, vooral in Vlaanderen. Hertmans baseerde de roman op schriftjes van zijn grootvader, die daarin zijn oorlogsherinneringen schreef.

Voor hem sloeg ook de applausmeter het verst uit, aan het begin van de uitreiking. Het was voor het eerst geen zenuwslopend besloten diner, maar een drukbezochte openbare interviewavond tijdens het Crossing Border Festival.

Toen juryvoorzitter Job Cohen de naam van de winnaar bekendmaakte, hoorde Hertmans het nieuws van zijn overwinning bescheiden glimlachend aan. De blijdschap leek vooral te komen van de andere genomineerden. Frank Westerman (Stikvallei) vloog hem om de hals, Guus Kuijer (De Bijbel voor ongelovigen 2) schudde hem allervriendelijkst de hand, Wessel te Gussinklo (Zeer helder licht) feliciteerde hem hartelijk schoorvoetend, K. Schippers (Voor jou) kneep Hertmans in zijn wangen. Tom Lanoye (Gelukkige slaven) was verhinderd – volgens een groep Vlaamse toeschouwers voorvoelde hij Hertmans’ kansen, al weersprak zijn uitgever dat.

Was Hertmans zo onbewogen? „Ik word hier rustig van. Alles komt in harmonie”, zei de laureaat zelf. „Vroeger was ik een onrustige schrijver, altijd op zoek naar het absolute boek, het absolute vers. Maar juist bij dit boek heb ik daar niet naar gezocht. Ik was in Oorlog en terpentijn bezig trouw te zijn aan het verhaal van mijn grootvader. Dat werkte, door het persoonlijke verhaal van de kleine mens kon ik een groot verhaal vertellen. De roman groeide uit tot een soort Het verdriet van België voor de Eerste Wereldoorlog.”