Column

Milibands ‘broodje’

Het wordt tijd voor enige morele steun aan Ed Miliband, de Labourleider, die nu overal belachelijk wordt gemaakt omdat hij niet in staat zou zijn een baconsandwich fatsoenlijk te eten. Het zou hem zijn politieke carrière kunnen kosten. Maar weet iemand hoe je zo’n broodje wél fatsoenlijk kunt eten?

Die foto’s van een verwoed kauwende Miliband kun je tijdens het lunchuur in elk willekeurig eetzaakje, waar ook ter wereld, aan de lopende band nemen. Men kan bij mij beginnen.

Het heeft te maken met sterke veranderingen in onze lunchcultuur. Vroeger kon je in een gewone broodjeszaak alleen een zacht, kneedbaar, wit broodje – rond of puntig – met kaas, rosbief (‘ros’) of worst krijgen. Er zat weinig smaak aan, en het was aan de droge kant, maar het grote voordeel was dat het makkelijk hapbaar was. Als ze Miliband zo’n broodje hadden gegeven, was er niets bijzonders gebeurd; hij had nog steeds premier van het Verenigd Koninkrijk kunnen worden.

Tegenwoordig zijn die ouderwetse kadetjes in veel zaken niet meer voorradig. Je krijgt een stukje boomstam van het onbuigzaamste soort hout op je bord. Ook Miliband kreeg geen echte sandwich – twee dunne sneetjes – te eten, maar twee keiharde plankjes. Met mes en vork kun je daartegen niets uitrichten; je moet het zaakje met je handen naar binnen duwen. Een goed onderhouden kettingzaag of cirkelzaag zou wonderen kunnen doen, maar je brengt er de andere klanten mee aan het schrikken en ze zijn dan ook zelden in zulke zaken te krijgen.

Er zit niets anders op dan het lunchgerecht als een burcht te beschouwen, die langdurig belegerd moet worden voordat de verovering kan beginnen. Hoe dat precies moet kan ik niet uitleggen.

Ik probeer het elke keer weer op een andere manier – zwetend, hijgend, vloekend – en ga daarbij intuïtief te werk. Je moet wel, want de geleverde houtsoorten variëren per lunchzaak. Sommige broodjes lijken vooral uit loofhout te bestaat, ook wel hardhout genoemd, andere broodjes komen in de buurt van naaldhout dat gemiddeld aanzienlijk zachter is. Daarbij maakt het wel uit of het hout van de Europese esdoorn of de Amerikaanse vogelkers afkomstig is.

Lange tijd heb ik geprobeerd zo’n broodje te overmeesteren door het met grote kracht dubbelgeklapt in één beweging in mijn mond te proppen. Dit is ook de basisfout die je de arme Ed Miliband op de foto’s ziet maken met zijn baconsandwich. Het is onbegonnen werk.

Je krijgt het broodje misschien wel in je mond, maar je gebit en je tong zullen elke dienst weigeren terwijl je gehemelte pijnlijk protesteert. Intussen hopen zich in je wangen onverwerkte resten op die je gezicht tot in het ridicule zullen misvormen. Op dat moment schieten de fotografen toe als je een bekende wereldburger bent.

Miliband maakte nóg een fout die je wel vaker bij beginners ziet. Ketchup! Begin er niet aan. Omdat de mond bij het moeizame kauwen overvol raakt, perst de rode smurrie zich via de kin weer naar buiten. Dramatisch.

Ik heb geleerd (helaas van mijn vrouw) dat het verstandiger is de broodhelften van elkaar te scheiden, het beleg te reorganiseren en dan voorzichtig de ene helft na de andere te verorberen. Het is een kleine vooruitgang, maar geen definitieve oplossing. Dat is volgens mij alleen de terugkeer naar het oude, nu zo geminachte, maar o zo weke, bijna vrouwelijke kadetje.