Column

Hondenpasjes tegen de beunhazen

De vier honden springen enthousiast en vrolijk de bestelwagen uit. Esther van Driel (47), eigenaar van hondenuitlaatservice Jolly Dog, begrijpt dat: „Even jezelf zijn, als hond in een roedel. Daarna kun je er weer even tegen, onder de mensen.” Wat niet wegneemt dat de honden luisteren naar Esther, wanneer er in het Gagelbos bij Utrecht iemand aankomt met een hond, en voorkomen moet worden dat deze ongevraagd in het roedel-gebeuren wordt opgenomen. Zo gauw zijn ze weer los, of het rennen, balletje jagen of in de sloot springen gaat weer verder.

Op deze koude morgen zijn het er vier. Over een uur of wat gaat Esther op stap met negen andere cliënten. „De aantallen verschillen sterk per dag”, zegt ze. „Mensen weten soms pas kort van tevoren dat ze een dag moeten werken, en bellen mij dan of ik hun hond mee uit wandelen kan nemen.” Andere honden zijn vaste klant. Bijna alle honden kent ze al langer, en zij kennen haar. „Bij een nieuwe klant ga ik altijd op intake-gesprek thuis. Mensen vertellen graag over hun hond. Zo’n gesprek duurt soms anderhalf uur.”

Esther is geen tegenstander van het pasjessysteem dat Staatsbosbeheer en andere natuurbeheerders in de provincie Utrecht willen invoeren. Op grond van ‘zo-gaat-het-niet-langer-verhalen’ over door meuten belaagde wandelaars en opgejaagd wild komt er een systeem van concessies: welke uitlater waar en wanneer mag lopen. „Ik hoop dat het wel mogelijk wordt een pasje te krijgen voor meerdere van de vijf clusters loosloopgebieden die ze in willen stellen. Iedere keer hetzelfde gebied wordt saai.”

Dat het hoog tijd wordt voor een regeling, omdat er alleen al in Utrecht al zo’n tachtig hondenuitlaatservices zouden bestaan, betwijfelt ze een beetje. „Iedereen kan zich op internet voor hondenuitlaatservice uitgeven. Ik denk dat bij controle de helft niet meer bestaat.” Een pasjessysteem, denkt ze, zou mogelijk een remedie zijn tegen de beunhazen die ze soms tegenkomt, die rondrijden in een vage, on-geoutilleerde bestelwagens, en honden er niet van weerhouden op mensen en dieren te jagen. Haar eigen bestelwagen voert trots de firmanaam. De honden dragen voor de duur van de wandeling een speciale rode halsband, en liggen in de wagen op geriefelijke tapijtjes. Op haar site prijkt het vignet van de Martin Gaus Academie, waar ze een cursus omgang met honden met goed gevolg heeft afgelegd.

Drie jaar heeft ze dit bedrijfje nu, op zzp-basis. Daarvoor was ze versmanager in diverse supermarkten. Steeds op een halfjaarcontract, totdat ze, een paar uur voor de afloop van het laatste contract, te horen kreeg dat het niet meer hoefde. Nieuw werk in de supermarktbranche was niet te vinden. „Toen dacht ik: ik hou toch van honden?” Een vetpot is het niet. „Mijn streven is steeds geweest om hetzelfde te verdienen als in de supermarkt, maar dat lukt niet altijd.” Maar dit werk maakt veel goed, vertelt ze, terwijl ze de honden afdroogt voor de thuisreis. „In mijn supermarkttijd was ik vaak ziek, maar als ik in de laatste drie jaar één keer verkouden ben geweest, is het veel.”