Moeilijke Olive verpest het voor iedereen

Frances McDormand vertolkt een glansrol in korte tv-serie over een verknipt gezin.

Ook op de bruiloft van haar zoon kan Olive (Frances McDormand) haar nare inborst niet onderdrukken. Naast haar lieve echtgenootHenry (Richard Jenkins)

In de eerste scène van de miniserie Olive Kitteridge loopt hoofdrolspeelster Frances McDormand (Fargo, Moonrise Kingdom) alleen het bos in. Een pistool in haar handtasje, een radio in de hand. Onder de barokke klanken van een trompetconcert wil haar personage Olive zich een kogel door het hoofd jagen.

Ze kijkt naar de blauwe lucht, de knoppen aan de bomen, en dan, ineens, gaan we 25 jaar terug in de tijd. De camera zoomt in op het stadje Crosby, een klein kustplaatsje in Maine waar Olive’s echtgenoot Henry Kitteridge (Richard Jenkins) een apotheek bestiert. Henry is een schat van een man, zachtaardig, goedlachs en geduldig voor iedereen in zijn omgeving. Zijn karakter botst met dat van Olive, een lerares wiskunde die op school heimelijke gevoelens koestert voor de alcoholistische leraar literatuur. Hun zoon Christopher is een brommerige puber die het liefst zo snel mogelijk na de maaltijd van tafel vlucht.

De miniserie is gebaseerd op de gelijknamige mozaïekroman van de Amerikaanse Elisabeth Strout. Terwijl in het boek vanuit het perspectief van de verschillende personages verhalen worden verteld, richt de camera zich in dit geval voornamelijk op het gezin Kitteridge, vooral op de grillen van moeder.

Want Olive is alles behalve een aardige vrouw. Integendeel. Tenenkrommend zijn de harde opmerkingen die ze telkens naar het hoofd van haar echtgenoot slingert. Ook zoonlief heeft het zwaar te verduren, zeker tijdens zijn huwelijk waar een boerende, nootjes vretende Olive zich uiteindelijk in wanhoop in de slaapkamer opsluit.

Olive Kitteridge, dat vorige week op betaalzender HBO werd uitgezonden, gaat vooral over de langzaam verschuivende verhoudingen tussen de verschillende personages, maar verveelt geen moment. Door het uitmuntende acteerwerk van McDormand – die als de zwangere politieagente in Fargo al een heerlijk kordaat type neerzette – blijft de kijker zich afvragen: wat is het toch? Heeft deze vrouw een autistische stoornis of is er ooit iets gebeurd waardoor ze het leven permanent afwijst? McDormand heeft van Olive een ongrijpbaar personage gemaakt en dat maakt haar mateloos interessant. Want uiteindelijk is Kitteridge geen harde vrouw. Ze is sociaal onaangepast, maar heeft wel degelijk gevoel in haar donder. Zodra iemand in nood is, komt ze in actie. Ze helpt de depressieve moeder van één van haar leerlingen en redt een drenkeling. Zelfs voor de kleine Christopher is ze een lieve moeder. Zorg en aandacht heeft ze wel. Dat blijkt ook uit de manier waarop ze met Henry omgaat nadat hij, ziek en futloos, in een verzorgingstehuis is terechtgekomen. Ineens komt de liefde, immer bedolven onder een dikke laag frustraties en ergernis, boven drijven.

Met haar hoofd geleund tegen de schouder van haar zieke Henry fluistert ze hem toe: „Je bent lief geboren en lief opgegroeid. Daarna ben je getrouwd met een monsterlijke vrouw en je had haar lief.”

Zelfkennis heeft ze dus wel. En dat maakt het geheel extra treurig. Soms zie je haar strijden om toch echt iets liever voor haar omgeving te zijn. Maar ze is wie ze is. De pijnlijke conclusie is dan ook: als echtgenoot en ouder kan je het nooit goed doen. Vastgeroest door de eigen tekortkomingen houden mensen elkaar gevangen. Liefde geven, betekent onherroepelijk: pijn veroorzaken.