Lone wolves nu ook in Tel Aviv

Israël werd gisteren weer opgeschrikt door twee aanslagen. ‘Copycats’ slaan toe.

Foto EPA

Waren de aanslagen van de laatste tijd maar uitgevoerd door Hamas, verzucht Jonathan Fine. Dan hadden Israëlische veiligheidsdiensten tenminste nog van tevoren inlichtingen kunnen verzamelen over de daders en hun plannen. Maar het gaat om lone wolves, aldus de onderzoeker van het Institute for Counter-Terrorism. „Die worden ’s ochtends wakker en beslissen dan pas hoe ze het gaan aanpakken.”

Gisteren werd Israël opgeschrikt door de vierde en vijfde daad van Palestijns terrorisme in drie weken tijd. In Tel Aviv werd een twintigjarige soldaat doodgestoken, in de nederzetting Alon Shvut op de Westelijke Jordaanoever kwam een 25-jarige koloniste om het leven bij een steekpartij en raakten twee anderen gewond.

Wat opvalt is dat de aanslagen met betrekkelijk eenvoudige middelen worden uitgevoerd. In twee gevallen reed een Palestijn met zijn auto in op een menigte, en bij de steekpartij in Tel Aviv gebruikte de dader een keukenmes. Onderzoeker Fine schaart de daden onder dezelfde noemer als de Amerikaanse schietpartijen op scholen. „Ook daar gaat het steeds om daders die in hun eentje handelen.”

Verschillen zijn er wel. In Israël is de situatie de laatste maanden steeds verder gepolariseerd geraakt, met de Tempelberg in Oost-Jeruzalem, heilig voor zowel moslims als joden, als inzet. Israëlische politici roepen op tot meer joodse toegang tot de berg, en Palestijnse leiders sporen hun volk aan de heilige plek te verdedigen. Fatah en Hamas noemen de aanslagen een „normale” reactie op het beleid van Israël.

Meer nog dan de recente Gaza-oorlog ziet Fine het dispuut over de Tempelberg als belangrijkste oorzaak voor het opgelaaide Palestijnse geweld. Van zeker twee Palestijnse verdachten is bekend dat ze niet langer konden aanzien hoe joden proberen zich ‘hun’ Tempelberg toe te eigenen. Wat volgt, zegt Fine, is copycat-gedrag. Een Palestijn die zijn auto als wapen gebruikt, brengt anderen op een idee.

Intussen zit de schrik er in Israël goed in, juist ook omdat mensen zich niet kunnen wapenen tegen dit type aanslagen. Dat enkele daders Arabische Israëliërs (20 procent van de bevolking) zijn, vergroot het toch al aanzienlijke wantrouwen jegens hen. Demonstraties van Arabische Israëliërs in het noorden van Israël liepen zaterdag uit op rellen. De politie schoot een 22-jarige Arabische Israëliër dood omdat hij hen zou hebben aangevallen met een mes. Maar uit een video van het incident blijkt dat de man juist van de agenten wegliep.

Israëlische politici wakkeren het wantrouwen alleen maar verder aan. Met het oog op de peilingen proberen ze elkaar te overtroeven met harde taal. Premier Netanyahu laat onderzoeken of het staatsburgerschap kan worden afgepakt van Arabische Israëliërs die oproepen tot de vernietiging van Israël.

De Palestijnse president Abbas wordt door veel Israëlische politici gezien als aanstichter van het geweld. Minister Ariel (Huisvesting) noemt Abbas op Facebook een terrorist, om vervolgens te stellen dat Israëlische troepen in staat moeten worden gesteld „het hoofd van de slang te vermorzelen”.