Uitspraak illegalenzorg zet kabinet onder druk

Ook uitgeprocedeerden moeten ‘bed, bad en brood’ krijgen.

De druk op het kabinet is vandaag toegenomen om onderdak te regelen voor uitgeprocedeerde vreemdelingen. Het Europees Comité voor Sociale Rechten (ECSR) maakte vandaag bekend dat Nederland het Europees Sociaal Handvest schendt door geen opvang aan illegalen te bieden. De staat moet vreemdelingen, ongeacht hun verblijfsstatus, voorzien van onderdak, voedsel en kleding.

De uitspraak is niet-bindend, maar wel gezaghebbend. Nederland hecht er in de regel waarde aan internationale verdragen te respecteren.

„Uitsluiting van onderdak moet stoppen omdat het de betrokken personen in een situatie van extreme hulpeloosheid brengt, en dat gaat in tegen hun menselijke waardigheid”, schrijft het Comité. Nederland staat op het standpunt dat opvang mogelijk is als vreemdelingen meewerken aan terugkeer naar hun land van herkomst. Maar volgens het ECSR mag noodhulp niet voorwaardelijk zijn.

Vanmorgen reageerden verantwoordelijk staatssecretaris Fred Teeven (Veiligheid en Justitie, VVD) en de twee coalitiepartijen afhoudend. VVD en PvdA kiezen ervoor af te wachten tot het Comité van Ministers een uitspraak heeft gedaan. Dat zal waarschijnlijk in januari zijn. De normale procedure bij dit soort uitspraken is dat het Comité van Ministers – dat zijn alle 47 ministers van Buitenlandse Zaken van de lidstaten van de Raad van Europa – er een resolutie over aanneemt. Doorgaans roepen de ministers het land dat wordt aangesproken op om het beleid in overeenstemming te brengen met het internationaal recht. Het ligt in de rede dat dit in deze kwestie niet anders zal gaan.

Gemeenten, organisaties als Amnesty International en Kerk in Actie en de advocaten van de vreemdelingen willen niet dat het kabinet nog tot januari wacht met een besluit. De winter komt eraan – de mensen om wie het gaat zwerven rond in steden.

Zo zegt Jos Wienen, burgemeester van Katwijk en voorzitter van de commissie asiel van de Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG) vanochtend in een reactie dat „het geen optie is om nu niets te doen”. Hij wil nú met staatssecretaris Teeven in gesprek over de mogelijkheden om ‘bed, bad en brood’ voor de uitgeprocedeerden te regelen. Want gemeenten zitten met de problemen als iemand, waarvan het Rijk heeft bepaald dat diegene geen papieren krijgt, niet vertrekt.

Op zich zijn alle betrokken partijen het er over eens dat mensen die uitgeprocedeerd zijn, Nederland moeten verlaten. Idee was jarenlang dat als uitgeprocedeerden geen opvang en voorzieningen krijgen, ze wel zouden vertrekken. Dat blijkt in de praktijk niet altijd te gebeuren.

Enkele gemeenten, zoals Utrecht en Amsterdam, hebben volgens Wienen al gezegd dat als het Rijk niet opschiet met maatregelen, zij zelf noodopvang zullen regelen. Niets van structurele aard, waarschuwt hij: „Daarvoor moeten we met het Rijk eerst de discussie over de kosten voeren. Maar mensen op straat laten creperen, dat kan niet.”

Liefst zou Wienen zien dat ook de Tweede Kamer bij Teeven aandringt op snelle actie. Vanuit de coalitie komt die druk in elk geval niet. Attje Kuiken, woordvoerder asiel van de PvdA in de Tweede Kamer, stelt in een reactie dat „Nederland moet voorkomen dat mensen op straat belanden”. Maar ze heeft ook „begrip dat de staatssecretaris de definitieve aanbeveling afwacht”. De VVD vindt het „een verkeerd signaal om mensen die bewust hun vertrek frustreren, te belonen”.