Vergeten dodo-skelet stond 100 jaar lang in museum

CT-scan van compleet dodo-skelet Foto Leon Claessens/Mauritius Museums Council

Na 150 jaar heeft de anatomische beschrijving van de dodo voor het eerst een update gekregen. Deze laserscan van een dodo was vorige week te zien op het jaarcongres van de internationale Society of Vertebrate Paleontology, in Berlijn. Vijf paleontologen maakten de scan van het enige vrijwel complete skelet van de dodo, op het eiland Mauritius in de Indische Oceaan. Op Mauritius leefde de dodo, tot hij in de zeventiende eeuw uitstierf door toedoen van Nederlandse zeevaarders op het tot dan toe onbewoonde eiland.

Het unieke skelet is al een eeuw geleden gevonden op Mauritius, maar werd nooit eerder beschreven. De ontdekker was de lokale kapper Etienne Thirioux. Hij puzzelde ook een tweede dodo-skelet in elkaar, uit de botten van verschillende vogels. Maar Thirioux vond geen gehoor in de wetenschappelijke wereld, en het dodoskelet bleef in het lokale museum. „Niemand realiseerde zich dat dit het enige complete dodoskelet was”, zegt de Nederlandse Leon Claessens, die hoogleraar is aan het College of the Holy Cross in Massachusetts.

Met de 3D-laserscan is het zeer fragiele skelet gedigitaliseerd. Enkelbotjes en de knieschijf van de dodo zijn nu voor het eerst gezien. Maar vooral zijn ligging en werking van botten, spieren en pezen beter te berekenen met een volledig skelet. Claessens: „De dodo vloog niet, maar hij had wel sterke vliegspieren. Misschien gebruikte hij zijn vleugels om indruk te maken tijdens de balts.”

De Nederlandse Hanneke Meijer heeft de schedel van de dodo onderzocht. Op de scan is te zien dat een scharnierbot in de onderkaak niet één, maar twee contactpunten met de schedel heeft. Dankzij deze extra zekering schoot de dodo-kaak niet snel uit de kom – een aanwijzing dat de vogel hard voedsel at. „Onderzoekers dachten tot nu toe dat de dodo hetzelfde at als andere duiven, namelijk fruit en zaden”, zegt Meijer. „Maar ik vermoed dat de dodo ook af en toe krabben at.” Dat zou ook de massieve snavel van de dodo verklaren.

De Nederlandse VOC gebruikte Mauritius vanaf 1591 als bevoorradingsstation. Vooral de meegekomen scheepsratten en de houtkap op het eiland werden de reuzenduif fataal.

Uit de 17de eeuw zijn alleen losse dodo-resten over, zoals een poot, een snavel en een kop. Paleontologen konden de anatomie van de dodo voor het eerst in 1866 reconstrueren, toen er fossiele botten ontdekt werden op de bodem van een moeras. In 2005 stuitte een Nederlandse expeditie op dezelfde plek op botten van 17 dodo’s.