Op speeddate voor een kindje

Homo’s met kinderwens kunnen adopteren, voor lesbiennes is er ook nog de spermabank. Maar het kan anders. Vrijdag kwamen 130 homo’s, lesbiennes én hetero’s samen om te speeddaten.

Een kersvers lesbisch ouderpaar in Australië. Op de speeddateavonden van stichting Meer dan gewenst kunnen homo’s en lesbiennes mensen ontmoeten met wie ze een kind kunnen krijgen. Foto Corbis

Stel je bent homo of lesbienne en je hebt een grote kinderwens. Of je bent hetero, maar de ware komt maar niet voorbij. Wat zijn je opties? Als vrouw kun je natuurlijk naar de spermabank, maar dan groeit je kindje wel op zonder vader.

Wat je óók kunt doen is de speeddate van stichting Meer dan gewenst bezoeken, die afgelopen vrijdagavond voor de vierde keer werd gehouden.

In de historische kantine van een Amsterdamse school hangt een opgewonden sfeer als 130 deelnemers, veelal vlotte dertigers, rond half negen hun tafeltje zoeken. Daar ontmoeten ze een wildvreemde met wie ze geen liefdesrelatie beginnen, maar met wie ze misschien wel een kind op de wereld zetten.

Zoveel verschillende combinaties

Hoe gaat dit precies in zijn werk? Meer dan gewenst is een stichting voor lesbiennes en homoseksuelen die graag een kindje willen. Homo’s die niet willen adopteren, kunnen op zoek gaan naar een vrouw die het kind wil afstaan dat ze met een van de mannen krijgt. Maar in de praktijk gebeurt dat weinig. Een andere optie voor homo’s is co-ouderschap met de moeder, waarbij ze het kind dus samen opvoeden. Lesbiennes kiezen soms voor co-ouderschap in plaats van de spermabank, omdat ze willen dat hun kind opgroeit met de vader.

Er zijn bij co-ouderschap allerlei combinaties denkbaar, en die zijn deze avond ook allemaal aanwezig. Naast homo’s en lesbiennes zijn hetero’s namelijk ook welkom. Zo kan het voorkomen dat een heteroseksueel stel van wie de vrouw onvruchtbaar is, tegenover een heteroseksuele single vrouw komt te zitten – al is het grootste deel van de deelnemers homo of lesbienne.

Aan het begin van de avond luistert iedereen aandachtig als Sara Coster van Meer dan gewenst de spelregels uitlegt. Ze heeft hoopvol nieuws. „We hebben deze week het bericht gekregen dat uit een speeddate van vorig jaar een kindje is geboren.”

De locatie van de avond wordt geheimgehouden om te voorkomen dat mensen die niet zijn ingedeeld toch komen en op het laatste moment het gecompliceerde datingschema in de war schoppen. Coster vertelt dat ze ‘nee’ heeft verkocht bij 12 mediaverzoeken om aanwezig te mogen zijn, waaronder diverse cameraploegen.

De deelnemers zijn nogal gesteld op hun privacy. „Ik woon in een dorp, dus ik kom liever niet met mijn naam in de krant”, zegt een single vrouw van 32, wiens kinderwens zo groot is dat ze het niet langer wil uitstellen. Ze staat open voor allerlei combinaties. „Een homostel, een heterostel dat geen kinderen kan krijgen, of een single homo. Maar een single heteroman met wie het klikt zou natuurlijk ideaal zijn.”

Steeds meer heteromannen

De single mannen zijn volgens Meer dan gewenst in opkomst tijdens de speeddates. De afspraak met de deelnemers is dat ze zelf naar de verslaggever komen als ze hun verhaal willen doen. En dat doen deze mannen niet. Volgens Sara Coster gaat het bij de hetero’s vaak om veertigers met een kinderwens, die anders snel een relatie moeten beginnen met een jongere vrouw, die dan ook nog eens niet te lang met kinderen wil wachten.

Voor sommige deelnemers is publiciteit geen enkel probleem. Arianne van der Wal (32) en Heleen van der Knaap (33) zijn vol van hun avontuur en vertellen er graag over. Ze wonen in Amsterdam en familie en vrienden reageren positief. Heleen werkt bij de reclassering. Met een aantal collega’s praat ze over haar zoektocht. Oorspronkelijk waren de twee op zoek naar co-ouderschap met een man, maar daar zijn ze op teruggekomen. „We hadden een fantastisch homostel gevonden, maar uiteindelijk zijn we toch bang dat het te onrustig wordt voor de kinderen en voor ons. Er zijn dan al twee huishoudens en bij een eventuele scheiding worden het er wel drie.” Nu zijn ze op zoek naar een ‘donor plus’. Dat is een man die niet alleen zaad doneert, maar ook enkele dagen per maand bij de opvoeding betrokken is. Toen ze daar eenmaal voor kozen, zeiden vrienden en familie pas dat dat minder gedoe zou geven. „Ik vind het correct dat ze ons eerst de ruimte geven het zelf uit te zoeken”, zegt ze.

Aan het einde van de avond hebben ze met vijf van de negen mannen die ze spraken contactgegevens uitgewisseld. Met hen maken ze nieuwe afspraken om te kijken of het wat wordt.

Voor veel homo’s en lesbiennes is het nogal wennen dat ze opeens met interesse naar het andere geslacht moeten kijken. „Heel raar om hier naar vrouwen te zoeken. En die lopen mij ook allemaal te checken”, zegt Edward, die alleen met zijn voornaam in de krant wil. „Ben je lekker aan het cruisen, zei er eentje tegen me.”

Half uurtje benen in de lucht

Als mensen uiteindelijk inderdaad samen een kind willen, vindt bevruchting meestal plaats door zelfinseminatie; de vrouw brengt het zaad bij zichzelf in met behulp van een spuit. „Vervolgens lig je een half uurtje met je benen in de lucht”, zegt de 41-jarige Linda Meijer lachend.

Via de stichting ontmoette ze enkele jaren geleden een homostel, waarmee ze ondertussen een zoon opvoedt die nu 14 maanden oud is. Zeventig procent van de tijd is het kindje bij haar, de rest bij de mannen. Ze heeft een zwak voor homo’s, ging altijd veel met ze om en gunt het ze „heel erg”.

Meijer maakte zich best zorgen over de kraamtijd. Zou ze het door de hormonen niet moeilijk vinden haar kindje mee te geven aan de papa’s? „In de praktijk had ik daar helemaal geen last van. Het gaat fantastisch, al vind ik het als alleenstaande en werkende moeder soms ook zwaar. Daarom ben ik erg blij met het co-ouderschap; als mijn zoon bij zijn vaders is, kan ik even lekker bijkomen.”