Val van de Muur was groots, maar project is niet voltooid

Ook 25 jaar na de val van de Berlijnse Muur is de geweldloze manier waarop met dit symbool van de Koude Oorlog is afgerekend nog indrukwekkend. Decennia lang was de Muur brandpunt van de hoog oplopende spanningen tussen Oost en West. De communistische DDR bouwde de Muur in 1961 om de eigen burgers te beschermen tegen fascistische invloed uit het Westen, zo luidde de rechtvaardiging. In feite was het een drastische manier om te voorkomen dat diezelfde burgers hun land en het communistische systeem zouden ontvluchten. Wie dat toch probeerde, waagde zijn leven. Meer dan honderd mensen zijn bij de Muur bij vluchtpogingen omgekomen, de meesten doodgeschoten door Oost-Duitse grenswachten.

Maar op 9 november 1989 werd er geen schot gelost. Onder toenemende druk van massale demonstraties en een gestage emigratiestroom via andere landen, had de leiding van de DDR besloten om de uitreisbeperkingen te versoepelen. Die maatregel werd op een verwarrende manier aangekondigd en meteen opgevat als openstelling van de Muur. Daarmee was niet alleen het lot van die gehate barrière bezegeld, in de weken en maanden daarna viel het ene na het andere communistische regime – en twee jaar later ging zelfs de Sovjet-Unie ten onder.

De val van de Muur was niet de oorzaak van dat alles. Maar het was wel een groots en cruciaal moment in de historische omwenteling die Europa in 1989 beleefde en die miljoenen mensen de vrijheid bezorgde die hun decennialang was onthouden. Die omwenteling was al door eerdere gebeurtenissen in gang gezet. Het bezoek bijvoorbeeld van paus Johannes Paulus II in 1979 aan zijn geboorteland Polen bracht tot ergernis van de autoriteiten miljoenen op de been, die van de paus de boodschap kregen nergens bang voor te zijn.

In jaren daarop legden burgers en activisten in de landen van het Oostblok een bewonderenswaardige moed en vasthoudendheid aan de dag. Ze trotseerden hun totalitaire staten en ontnamen regimes die beweerden de wil van het volk te belichamen hun geloofwaardigheid – en daarmee uiteindelijk hun kracht. Zo werd het einde van de Koude Oorlog stap voor stap naderbij gebracht.

De hoofdrol in dat grote politieke drama speelde Sovjet-leider Gorbatsjov. In eigen land stimuleerde hij hervormingen en openheid, in de andere landen van het Warschaupact greep hij niet in toen de ijzeren communistische lijn daar werd verlaten. En toen de Oost-Duitse leider Erich Honecker van geen vernieuwing wilde weten, kreeg hij bij de veertigste verjaardag van de DDR, op 7 oktober 1989, van Gorbatsjov te horen: „Wie te laat komt, zal door het leven zelf gestraft worden.” De inwoners van Oost-Berlijn juichten ‘Gorby’ uitbundig toe. Het was een vernedering voor Honecker, die tien dagen later werd afgezet. En het was ook een krachtige opmaat voor de val van de Muur.

De stormachtige ontwikkelingen in die periode hadden gemakkelijk uit de hand kunnen lopen, tot chaos en zelfs oorlog kunnen leiden. De wijsheid van Gorbatsjov en een aantal andere politieke leiders heeft ervoor gezorgd dat dit niet gebeurde. In de Verenigde Staten was begin dat jaar een nieuwe president aangetreden, George H.W. Bush. Maar hij had veel ervaring in de internationale politiek en was zo verstandig niet toe te geven aan de neiging tot triomfalisme, toen de tegenstanders uit de Koude Oorlog een voor een bezweken. De Duitse bondskanselier Helmut Kohl greep de kans die de geschiedenis hem bood, en stuurde na de val van de Muur vastberaden en tegelijk diplomatiek aan op de Duitse eenwording.

In veel landen, ook Nederland, werd aanvankelijk met gemengde gevoelens aangekeken tegen het vooruitzicht dat de hereniging Duitsland opnieuw tot grootmacht in het hart van Europa zou maken. Als we niet oppassen, waarschuwde de Britse premier Thatcher, krijgen de Duitsers in vredestijd voor elkaar wat Hitler niet gelukt is in de oorlog. Maar Duitsland is voorzichtig omgesprongen met zijn nieuwe machtspositie, en heeft goed begrepen dat inbedding in de Europese Unie daarbij cruciaal is.

Dat alles verdient dezer dagen gevierd te worden. Maar zoals de crisis in Oekraïne bewijst, heerst nog steeds niet overal in Europa vrede en veiligheid. Dát te bereiken, is de urgente opdracht voor de huidige generatie politieke leiders.