Springen in het huis van God

In Amerika is het al een hype en het waait over naar Nederland. Grote trampolineparadijzen, waar je kunt springen én fitnesslessen kunt volgen. „Je bent daarna bekaf. En vrolijk.”

De Haagse Heilige Martelaren van Gorcum Kerk is verbouwd tot trampolineparadijs. Foto Floris van olden

De les is nog niet eens begonnen, of ik lig al op de grond, nou ja, op een van de 32 trampolines. Ik verlies mijn evenwicht als ik de instructrice probeer na te doen bij een sprong in een van de rechtopstaande springvlakken aan de zijkant. Het ziet er makkelijk uit als de instructrice vloeiend met twee benen in de schuine trampoline springt en weer keurig op beide voeten landt. Nu lig ik hier, op de trampoline. Ik kijk naar boven en zie het plafond van een kerk, nu het decor van een trampolineparadijs.

Het was al een regelrechte hype in de Verenigde Staten: enorme paradijzen met trampolines, in elke grote Amerikaanse stad staan ze. De trend waait over naar Nederland en nu kun je ook springen in Den Haag. Je kunt vrij springen, dodgeball spelen (een trefbalvariant op trampolines) of een work-out doen, alles is mogelijk op de trampolines. En het werkt razend goed tegen bijvoorbeeld overgewicht. „Twintig minuten springen staat gelijk aan een uur hardlopen”, wordt me voorafgaand aan de les verteld. Ik ga meedoen aan een fitness-les ‘Body Jump’, work-outs die sinds kort wekelijks worden georganiseerd. Tussen de glas-in-loodramen.

Het Haagse trampolineparadijs, Planet Jump, in de Kerk van de Heilige Martelaren van Gorcum, opende in september officieel. In de kerk worden sinds 2005 geen diensten meer gehouden en nu huurt Planet Jump de locatie voor minimaal vijf jaar. Om Den Haag aan het sporten te krijgen.

Blauwe trampolinevelden

Ik sta in de kerk, naast de ingang van de baan, met uitzicht op de 32 aaneengesloten blauwe trampolinevelden die ongeveer 2 bij 1 meter breed zijn. Om de velden heen staan rechtopstaande trampolines; eraf vallen is onmogelijk. Dat stelt me enigszins gerust. Kinderen springen nog vrij in het rond en turnsters in outfits hijgen uit in het koor van de voormalige kerk. Ze trainen op de 28 meter lange trampolinebaan in het midden van de velden.

Naast mij doen nog zo’n tien andere mensen mee aan de fitnessles. Voornamelijk meiden van in de twintig, maar ook Kim Schofaerts (44): „Ik ben hier met mijn dochter van vijf geweest, en dat zag er zo leuk uit dat ik zelf ook wilde.” Er is één man aanwezig. Mannen sporten liever niet in klasjes. Ze willen gewichtheffen en krachttrainen. „Maar het is juist leuk voor iedereen, jong en oud, man of vrouw”, vindt initiatiefnemer Robbert Jol.

In Amerika zag hij tweeënhalf jaar geleden de trampolines. Jol: „Ik dacht meteen: dat moeten we in Nederland ook hebben. We zijn sportief en hebben veel indoorsporten. Dan kunnen trampolines niet ontbreken.” Samen met zijn vriendin Millitia Starke runt hij nu een paradijs in Den Haag. Hij verwacht dat de trampolines hier in Den Haag, maar ook in de rest van Europa, snel aan populariteit zullen winnen. „Binnen nu en vijf jaar heeft elke Europese stad een trampolineparadijs”, verwacht Jol.

Kampioenschappen

Instructrice Anne Bekker (25) loopt de baan op. Ze deed ooit mee aan de Nederlands Kampioenschappen op de minitrampoline. En dat zie je er wel aan af. Zodra ze de trampoline oploopt aan het begin van de les, maakt ze een paar salto’s en een flikflak. Achterover. Oei, denk ik. Dat belooft wat.

Op m’n blote voeten volg ik de instructrice en betreed ik de trampolines. Betreden, zo voelt het. Want de atmosfeer van de kerk maakt het meer dan een workout-lesje in een sportschool.

„We gaan rustig springen”, roept instructrice Bekker. Ik haal opgelucht adem, simpel springen is het nog. Van de ene voet op de andere. Daarna van links naar rechts, van de ene voet op de andere, met twee voeten tegelijk, van voor naar achter, van de ene naar de andere trampoline over de velden. En hoog de lucht in. Zo hoog mogelijk, een paar meter de lucht in haal je zeker op de goed verende trampolines. Verscheidene keren achter elkaar. Mijn spieren voelen het. Daarna op de rug, 30 sit-ups. 20 keer opdrukken op de rand van de trampoline, en vervolgens ook nog opdrukken met je handen achter je rug. Even rekken en daarna weer springen. En daarna?

Buiten adem

Even pauze. Gelukkig. Ik heb het warm gekregen en ben een beetje buiten adem (en ik heb écht geen slechte conditie). Ik wil dolgraag een slokje koud water om af te koelen.

Het tweede gedeelte van de les is iets rustiger. Nadat we nog een keer de work-out hebben doorlopen, mogen we meer kunstjes doen. De gevorderden proberen een salto achterover. Ik ga voor de makkelijke variant: mezelf op mijn rug laten vallen en dan direct weer terug op m’n voeten veren. Als het lukt, voel ik een klein euforiemomentje. En ik probeer, zoals instructrice Bekker opdraagt, te stuiteren/springen op m’n rug (ik voel me een beetje als een vis op het droge die terug naar de zee wiebelt). Ze loopt rond en geeft tips. Gaat het goed? Dan krijg je iets meer uitdaging.

Jol heeft het idealistische doel mensen op een laagdrempelige manier aan het sporten te krijgen. „Maar niet op de manier zoals ze dat in Amerika aanpakken. Ik hoef geen limousine en ben niet uit op het maken van zo veel mogelijk winst.” Het overgrote deel van de paradijzen in de VS wordt namelijk gerund door het beursgenoteerde bedrijf Sky Zone. Ruim zeventig vestigingen alleen al in de Verenigde Staten en de komende tijd staan er nog vijftig in de planning.

Springen doet goed

Na drie kwartier springen, vallen, rennen en vliegen, is de les hier in Den Haag afgelopen. Het springen doet goed. Iedereen is enthousiast en wil een week later weer terugkomen. Ook de enige aanwezige man schrijft zich direct in voor de les van volgende week. Zelf ben ik bekaf, maar ik voel me goed: gezond, extreem sportief en vrolijk, want dat effect heeft het gespring. En ook ik wil nog een keer. En de spierpijn de dagen daarna?

Ach, ook dat gaat wel weer over.