Ouderen zijn gezonder als ze zich jong voelen of positieve woordjes zien

Hoelahoepende senioren. Foto Thinkstock

Als mensen zich jonger voelen dan ze werkelijk zijn, leven ze gezonder, zijn ze gezonder en gaan ze ook iets minder snel dood. Dat is de uitkomst van een kleine meta-analyse, een statistische heranalyse van 19 studies uit Australië, Europa, Hong Kong en de Verenigde Staten, afgelopen week online gepubliceerd in het wetenschappelijke tijdschrift Psychology and Aging. De verschillen zijn groter voor ‘jongere ouderen’ (de proefpersonen varieerden in leeftijd van 57 tot 85 jaar) en in landen waar ouderen minder door de overheid worden gesteund.

Het verband is logisch: als mensen zich jonger voelen, voelen ze zich beter over zichzelf, want over het algemeen hebben mensen niet zulke positieve ideeën over ouderen. Het stereotiepe beeld is toch vaak dat ouderen vergeetachtig, traag, onaantrekkelijk, inflexibel, eenzaam, zwak en somber zijn. De onderzoekers (uit Twente, Duitsland en de VS) pleiten dan ook voor meer contact tussen mensen van verschillende leeftijden om zulke ideeën tegen te gaan. Ook zou in de media gevarieerder over ouderen moeten worden bericht.

Maar je kunt de ideeën die ouderen zelf over ouderen hebben ook gericht aanpakken. In Psychological Science berichtten Amerikaanse psychologen onlangs over een succesvolle poging (17 oktober online). Zij bezochten honderd ouderen (61 tot 99 jaar), acht weken achtereen. De helft kreeg in week 2, 3 en 4 positieve woorden die met ouderdom te maken hebben zo snel over een computerscherm geflitst dat ze ze niet konden lezen (woorden als spry, ‘kras’). De andere helft kreeg neutrale woordflitsjes.

Na het zien van de positieve woordflitsjes bleek het beeld dat de proefpersonen van ouderen in het algemeen en van zichzelf in het bijzonder hadden, in de weken erop te verbeteren. Ook presteerden deze ouderen beter op simpele fysieke testjes als snel vijf keer achter elkaar opstaan en weer gaan zitten, of snel een paar meter lopen. De woordflitsjes werkten beter dan elke week een opstel schrijven over een lichamelijk en geestelijk gezonde oudere. Bij zo’n bewuste strategie konden de ouderen kennelijk misschien niet genoeg tegen de negatieve stereotypen op.