Een bank als ‘staatsgevaar’

Volgens president Erdogan is Bank Asya de financier van een parallelle staat.

Bank Asya in Turkije (ongeveer een miljoen rekeninghouders) zou de Gülen-beweging financieren. Foto Bloomberg

De Iphone 5 van Mehmed (@ADIMehmed) is te koop. Hij wil de opbrengst op een rekening bij de Turkse Islamitische Bank Asya zetten om die te redden. @shetje schrijft op Twitter dat ze haar trouwring in de aanbieding doet om Bank Asya te stutten, net als een kettinkje van haar dochter van anderhalf. Op Facebook gaan in het Turks oproepen rond om geld voor de bank op te halen.

Bank Asya dreigt ten onder te gaan als gevolg van de strijd van de Turkse president Recep Tayyip Erdogan met de beweging van de machtige islamprediker Fethullah Gülen. Bank Asya is opgericht door Gülen-aanhangers. Diens beweging vormt volgens Erdogan een parallelle staat binnen Turkije die met slinkse methoden, zoals afluisteren, probeert de macht te grijpen binnen de overheid.

Eind vorig jaar kwamen via Twitter en YouTube opnamen van afgeluisterde gesprekken naar buiten, waaruit onder meer zou blijken dat Erdogan corrupt is. Een aantal ministers en hoge ambtenaren werd gearresteerd. Volgens de president was het een opzetje van de zogeheten Gülenisten.

Sindsdien is het oorlog. De overheid wordt gezuiverd van Gülen-aanhangers. Duizenden mensen krijgen een andere positie. Erdogan heeft de Amerikaanse president Obama gevraagd om de uitlevering van Fethullah Gülen, die in de Verenigde Staten in ballingschap zit. Gülen-scholen gaan dicht.

En ook Bank Asya moet het ontgelden. Bedrijven die deels van de staat zijn, zoals Turkish Airlines, en officiële instanties haalden begin dit jaar 4 miljard lira (1,4 miljard euro) van de bank, een manier om hun loyaliteit aan Erdogan te tonen. Volgens Turkse media kwam dat neer op ongeveer eenvijfde van de totale tegoeden.

Lastercampagne

De bank overleefde dankzij ondernemers die Gülen steunen. Maar inmiddels is de strijd hervat. Tussen 7 augustus en 15 september mocht niet in de aandelen worden gehandeld. Toen de handel weer werd geopend daalde de koers drastisch. Dat kwam onder meer doordat kredietbeoordelaar Moody’s zijn waardering van Asya eind augustus meerdere keren naar beneden bijstelde als gevolg van de „externe druk” op de bank en slinkende kansen dat de bank wordt overgenomen. Sinds eind september staat Bank Asya onder verscherpt toezicht van de bankenautoriteit BRSA.

Erdogan praat over de bank alsof die al failliet is, wat het vertrouwen van investeerders nog verder ondermijnt. Oppositieleider Kemal Kilicdaroglu beschuldigt Erdogan er in een open brief van een „lastercampagne” te voeren om de bank kapot te maken en roept premier Ahmet Davutoglu op in te grijpen en te voorkomen dat een financiële crisis wordt veroorzaakt.

In een toespraak op een bijeenkomst met ondernemersorganisatie Tüsiad half september ontkende Erdogan dat hij de bank probeert te vernietigen, in bewoordingen die dat streven juist bevestigen. „Er is geen speciale poging om een bank te vernietigen. Die bank is nu al bankroet. Maar deze bank probeert te blijven drijven met een paar emmers water. Moeten we fouten uit het verleden herhalen en een falende financiële instelling overeind houden?”

Regeringsgezinde kranten als Sabah en Yeni safak gebruiken koppen als ‘het geheime bankroet’ als het om Bank Asya gaat. Zaman, de krant van de Gülen-beweging, interviewt intussen juist mensen die zelfs bereid zouden zijn een extra hypotheek op hun huis te nemen om de bank te redden.

Bank Asya is een islamitische bank, opgericht in 1996. Bankieren volgens islamitische principes betekent dat geen rente wordt uitgekeerd. Asya heeft in Turkije 282 filialen en ongeveer een miljoen rekeninghouders. Volgens kranten die op de hand van de regering zijn, zijn het afgelopen jaar zo’n tachtig filialen gesloten en is het krediet op creditcards voor rekeninghouders beperkt. De bank doet daar zelf geen mededelingen over.

Strijd om loyaliteit en geloof

Islamitisch bankieren heeft in Turkije een klein, maar groeiend marktaandeel. Voor de crisis tussen Gülen en Erdogan was Bank Asya marktleider in het segment. Inmiddels niet meer. Een aantal staatsbanken, waaronder Ziraat Bank, wil een tak voor islamitisch bankieren beginnen.

In een verklaring van 19 september schrijft de bank dat het nooit „voor of tegen enige politieke structuur” is geweest en dat zij op een oneerlijke en illegale manier doelwit is geworden sinds „de politieke gebeurtenissen in december 2013”, aldus de bank, doelend op de aanklacht tegen hoge ambtenaren en ministers. „Het doel van de illegale campagne is om onrust onder onze klanten te zaaien en de bank waarde te laten verliezen. Dat is niet gelukt. Mensen hechten er geen waarde aan. [...] Onze dierbare klanten hebben solidariteit met onze bank getoond.” Uit voorzorg heeft de bank het eigen vermogen verhoogd.

Het management schrijft te verwachten dat de campagne tegen de bank buitenlandse investeerders zal afschrikken. Begin dit jaar zorgde de politieke onrust door de corruptiebeschuldigingen en aanpak van de Gülen-beweging al voor een koersdaling van de lira.

Turkije maakte in 2001 de laatste financiële crisis mee. Sindsdien is er veel verbeterd, waardoor inflatie en rentes aanzienlijk zijn gedaald. Politieke instabiliteit wordt door buitenlandse investeerders als de voornaamste bedreiging voor de economie gezien.

Voor Gülen-aanhangers draait de strijd niet om geld, maar om loyaliteit en geloof. @Bayramzyavuz schrijft op Twitter: „Ik heb gisteren in Bank Asya geïnvesteerd. Ik heb geen angst.”