Belgische premier doet een Mark Rutte

De nieuwe Belgische regering wil het land ‘vernederlandsen’. Niet iedereen is daar blij mee. In Brussel gaan ze vandaag de straat op om te demonstreren tegen bezuinigingen.

‘Leve de Vlaming aan wie we vertrouwen geven!’ De nieuwe Vlaamse minister-president Geert Bourgeois jubelde onlangs in zijn regeringsverklaring. En daar had hij ook alle reden toe: zijn partij, de Vlaams-nationalistische N-VA, is sinds de historische verkiezingszege in mei de grootste in de coalities op Vlaams én op federaal (landelijk) niveau. Het politieke establishment werd vernederd door N-VA, de partij schreef volgens vriend en vijand geschiedenis.

Nu langzaamaan duidelijk wordt waar de N-VA naartoe wil, is het toch even schrikken voor veel Belgen. Die zijn gewend aan riante sociale zekerheid en vroeg-met-pensioen. Maar het Belgische model is onhoudbaar, vindt N-VA. Het land moet op de schop: iedereen langer werken, miljarden besparen en minder overheidsbemoeienis. De pensioenleeftijd wordt bijvoorbeeld verhoogd naar 67 jaar (in 2030). Zo doen ze het in Nederland ook. En als het aan Bourgeois ligt, gaat ‘het individu’ dat bezuinigingsbeleid zelf in de praktijk brengen: „Die willen wij de ruimte geven om zichzelf te organiseren.”

„Waar heb ik dit eerder gehoord”, zegt de Leuvense socioloog Luc Huyse, auteur van het kritische boek De democratie voorbij. „Dit is honderd procent copy paste Mark Rutte.” Volgens Huyse worden Rutte’s buzz words – ‘loslaten in vertrouwen’ en ‘participatiemaatschappij’ – blindelings geïmporteerd. „Maar tegelijk klinkt de boodschap van de nieuwe centrum-rechtse politiek in België: ‘Dank dat u op ons stemde, maar bemoeit u zich vooral nergens mee, wij gaan het wel regelen en houden u per tweet en Facebook op de hoogte’.”

Het wordt een hete herfst

Daar gaan wij ons dus wél mee bemoeien, is vandaag in Brussel de boodschap tijdens een massabetoging tegen het regeringsbeleid waar tienduizenden demonstranten worden verwacht. Het is het startschot van de door de vakbonden aangekondigde hete herfst.

„Dit wordt een reality check voor de coalitie van liberalen, christen-democraten en Vlaams-nationalisten”, zegt Huyse. Vooral de N-VA, die voor het eerst op landelijk niveau meeregeert, heeft volgens de socioloog alle reden om „hypernerveus” te zijn. „N-VA heeft nauwelijks beleidservaring.”

Voor het eerst sinds 1988 zijn er in de Belgische regering geen socialisten aan boord. De Walen, die overwegend rood (Parti Socialiste) stemmen, worden slechts vertegenwoordigd door een kleine liberale partij, de Mouvement Réformateur. Het kopstuk van die partij, Charles Michel, is nu premier van België. Het was eigenlijk logischer geweest als Bart De Wever, de leider van de N-VA, premier was geworden. Zijn partij is immers de grootste. Maar De Wever bedankte voor de eer en verkoos aan te blijven als burgemeester van Antwerpen. Volgens oppositie en vakbonden regeert De Wever vanuit Antwerpen als ‘schaduwpremier met Michel als zijn schoothondje’.

„Het is overduidelijk dat N-VA is gefascineerd door het participatiemodel van Mark Rutte”, zegt Huyse. Hij twijfelt aan de waarde van dat model. „Ik noem het geen holle, maar sluwe retoriek. De burger als zelforganiserende vrijwilliger die zijn eigen problemen oplost. Werkt dat wel? Het Nederlandse Sociaal en Cultureel Planbureau concludeerde al in 2012 dat een beroep doen op de burger vaak betekent dat de overheid de burger de plicht oplegt te handelen zoals de overheid vindt dat het moet.” Huyse vreest dat ‘vermarkting’ de overhand krijgt en dat de burger verweesd achterblijft. „Het is Thatcher 2.0: de traditie dat er vanuit het maatschappelijk middenveld, door onder andere vakbonden, vooraf wordt meegepraat, gaat overboord.”

„Ik zie het eerder als het einde van de vanzelfsprekendheid waarmee vakbonden in België hun stempel drukken op het beleid”, zegt Jo Libeer van de Vlaamse werkgevers. Volgens hem komt de nieuwe N-VA-koers vijftien jaar te laat. „Nederland is jaren geleden al met een soortgelijke operatie begonnen. Wij deden niks, terwijl de diagnose zeer ernstig is. Bijna 60 procent van ons bruto binnenlands product wordt gebruikt om de overheid op de been te houden. De gemiddelde loopbaan van een Belg is slechts 30 jaar. Dat kan zo niet langer.”

Botsende visies

Problematisch, volgens Libeer, is dat er in België twee visies frontaal op elkaar botsen. „In Wallonië richt men zich op Frankrijk en Italië die kampen met begrotingstekorten. Wij Vlamingen nemen een voorbeeld aan rolmodellanden als Nederland.”

Dat veel Belgen ongerust zijn, komt volgens Libeer door beeldvorming. „Met de Waalse socialisten al die tijd in de regering had de Belg slecht beleid, verpakt in een mooi verhaal. Nu komt er goed beleid, maar het ontbreekt nog aan een verhaal met bezieling. Jullie Rutte heeft dat wel, met zijn participatiemaatschappij.”

„Maar wélke participatie dan?” reageert socioloog Huyse fel. „In de tienduizenden woorden tellende Belgische regeringsverklaring valt slechts een paar keer het woord ‘inspraak’.”

Rutte’s ‘participatiemaatschappij’, zegt Huyse, is óók een kopie van het Britse ‘zelforganiserende’ verhaal uit 2010: no more Big Government, vanaf nu Big Society. „Maar vier jaar later hebben Britse gemeentes vooral last van de enorme bezuinigingen en zien ze die Big Society als een vergiftigd geschenk.”

N-VA moet volgens Huyse rekenen op flinke weerstand. „N-VA heeft in de arbeidersbeweging of sociaal-culturele sector geen enkele bloedverwant. Het protest van vandaag is nog maar het begin.”