Vanaf vandaag Vlaamse en Hollandse meesters in nieuw museum Madrid

Retrato de la Infanta Isabel Clara Eugenia van Rubens uit 1615, Museo del Prado.

In het centrum van Madrid kunnen vanaf vandaag Vlaamse en Hollandse meesters uit de vijftiende tot de zeventiende eeuw worden bekeken. Het nieuwe Museo Carlos de Amberes Madrid is geopend door de Spaanse koning Felipe VI en moet de culturele banden tussen Spanje en de Lage Landen verstevigen.

In de collectie zitten kunstwerken van Rubens, Van Dyck, Jordaens en Brueghel. De werken zijn in bruikleen gegeven door culturele instellingen in Antwerpen, Parijs en Madrid.

Het topstuk is volgens directeur Catherine Geens een 16de-eeuws Vlaams wandtapijt dat geleend is uit de Spaanse koninklijke collecties.

“Maar ook De opvoeding van Maria, van Rubens, geleend van het Koninklijk Museum voor Schone Kunsten Antwerpen, is een hoogtepunt.”

Spanje en Lage Landen in zestiende eeuw nauw verbonden

Initiatiefnemer van het museum is de Fundación Carlos de Amberes, die in de zestiende eeuw werd opgericht, in de tijd dat Spanje en de Lage Landen politiek aan elkaar verbonden waren en ook in cultureel opzicht sterk door elkaar werden beïnvloed.

De stichting is genoemd naar zijn oprichter, Karel van Antwerpen (Carlos de Amberes), een Vlaming die in de zestiende eeuw naar Madrid verhuisde.

Hij schonk in 1594 enkele gebouwen aan de stad, zodat daar een gasthuis in kon worden gevestigd dat onderdak bood aan armen, pelgrims en zieken uit de Zeventien Provinciën der Lage Landen (België, Nederland, Luxemburg en Noord-Frankrijk).

Fundación Carlos de Amberes tegenwoordig meer cultureel

De stichting wisselde zijn sociale doelstellingen rond 1985 in voor een meer culturele opzet. Sindsdien organiseerde de stichting in het voormalige gasthuis zo’n vijftig tentoonstellingen, maar ook symposia, lezingen, concerten en boekpresentaties. Museumdirecteur Catherine Geens:

“Het telkens wisselen van tentoonstellingen was vrij kostbaar. Het idee om er een permanent museum van te maken is eigenlijk uit financiële noodzaak geboren. Het is goedkoper om permanent open te zijn met een min of meer permanente collectie. En we verwachten ook dat we zo meer bezoekers zullen trekken.”

Kleine aanpassingen voor museum

De activiteiten van de stichting trekken nu jaarlijks 70.000 bezoekers en de verwachting is dat het er 100.000 worden. Het voormalige gasthuis hoefde niet grootscheeps verbouwd te worden om als museum te fungeren, maar onderging slechts enkele kleine aanpassingen.

Twitter avatar criptoas Criptoas Hoy se inaugura el Museo Carlos de Amberes en Madrid @CarlosdeAmberes http://t.co/5L9eKGiBKZ http://t.co/wSLjGMNam5

Er zijn drie tentoonstellingszalen van bij elkaar 700 vierkante meter. Geens:

“In de eerste zaal hangen voornamelijk portretten en landschappen, in de tweede zaal schilderijen van groot formaat en meer mythologische voorstellingen, en de derde zaal is gewijd aan de Vlaamse schildersblik op onder meer dieren, maagden en kermissen.”

Het Martelaarschap van de Heilige Andreas

Slechts één van de kunstwerken in het nieuwe museum is eigendom van de stichting zelf, maar het is wel een belangrijk werk: Het Martelaarschap van de Heilige Andreas door Rubens.

Vooralsnog toont het nieuwe museum naast deze Rubens nog 43 andere kunstwerken, waarvan het merendeel (21) afkomstig is uit het Koninklijk Museum voor Schone Kunsten Antwerpen, dat wegens een ingrijpende verbouwing tot 2017 gesloten is. Geens:

“Deze werken kunnen in elk geval tot februari 2015 worden geleend, maar we zijn nog in onderhandeling over een verlenging. Het is ook goed denkbaar dat we hierna weer andere werken zullen lenen.”

Ook het Museo del Prado in Madrid was gul, met tien bruiklenen. “Het Prado heeft veel prachtige werken in depot die het niet kan tonen uit ruimtegebrek”, zegt Geens.

Tijdelijke tentoonstelling Rembrandt

Voor een tijdelijke tentoonstelling over Rembrandt, met het naakt als thema, zijn elf etsen geleend van de Nationale Bibliotheek van Spanje en de collectie Frits Lugt van Fondation Custodia in Parijs.

Omdat het kwetsbare werken zijn, zullen ze slechts vier maanden te zien zijn. Geens streeft ernaar daarna een nieuwe tentoonstelling over Rembrandt in te richten.

“We praten momenteel met het Rembrandthuis in Amsterdam over het lenen van een aantal landschappen, maar of dat doorgaat is nog niet zeker.”