Nederlands meisje (16) op weg naar Syrië aangehouden in Hongarije

Twee bommen raken stellingen van Islamitische Staat in Kobani. Foto AP/Vadim Ghirda

De Hongaarse politie heeft vorige week een Nederlands meisje van 16 opgepakt dat onderweg was naar Syrië. Ze wilde zich daar vermoedelijk aansluiten bij terreurgroep Islamitische Staat, meldt persbureau AFP.

Het meisje van Marokkaanse afkomst wilde de trein nemen van Boedapest naar Belgrado, maar werd tegengehouden toen ze valse papieren bij zich bleek te hebben. Het meisje is gisteren overgeleverd aan de Nederlandse autoriteiten.

‘Plannen voor terreur’

Het meisje onderhield via sociale media contact met extremisten die jongeren proberen te rekruteren voor de jihad. AFP baseert zich op een bericht van de Hongaarse antiterreureenheid TEK. Die had concrete aanwijzingen dat het meisje van plan was terroristische daden te plegen. Het is niet duidelijk of het meisje alleen reisde of in gezelschap.

Update 17.58: Het Nederlandse ministerie van Buitenlandse Zaken is op de hoogte van de zaak. “In verband met de wet bescherming persoonsgegevens kunnen we er verder niet op ingaan”, meldt een woordvoerder.

De overheid probeert de jihadgang op allerlei manieren te verstoren. Syriëgangers verliezen het recht op een uitkering, studiefinanciering en paspoort. Potentiële uitreizigers worden soms gearresteerd wanneer zij op het punt staan naar Syrië te gaan en raken ook hun paspoort kwijt.

De Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid heeft inmiddels tientallen paspoorten ingenomen van jihadstrijders of mensen met uitreisplannen. Van zo’n dertig mensen werd de uitkering stopgezet en er lopen ongeveer evenzoveel strafrechtelijke onderzoeken.

Het testproces

De eerste teruggekeerde Syriëganger die in Nederland terechtstaat is Maher H.. De 20-jarige jongen reisde vorig jaar af naar Syrië, volgens het Openbaar Ministerie om deel te nemen aan de gewapende strijd die daar woedt tussen rebellen en het regeringsleger. Het OM heeft drie jaar onvoorwaardelijke celstraf tegen hem geëist wegens het samenspannen tot moord of doodslag vanuit een terroristisch motief. Tegen zijn vrouw Shukri F., die wordt verdacht van het ronselen van zes personen voor de oorlog in Syrië, eist het OM vier jaar cel.

Het proces tegen H. is belangrijk, omdat duidelijk zal worden hoe de rechter denkt over de strafbaarheid van het deelnemen aan gevechten in Syrië.