Wat blijkt? Britten verdienen juist aan al die Oost-Europeanen

David Cameron wil een einde maken aan het „vrij verkeer van bijstandstrekkers”. Maar hoeveel EU-migranten komen er eigenlijk naar het Verenigd Koninkrijk vanwege die, volgens de Britse regering, gunstige uitkeringen? Staatssecretaris van Immigratie James Brokenshire antwoordde onlangs desgevraagd dat „we de cijfers aan het verzamelen zijn”.

Twee onderzoekers van het Centre for Research and Analysis of Migration aan University College Londen zeggen in The Economic Journal dat die EU-migranten in elk geval eerlijk meebetalen aan die welvaartsstaat. Ze dragen in het Verenigd Koninkrijk „veel meer bij aan belasting dan ze terugkrijgen aan uitkeringen”, stellen hoogleraar Christian Dustmann en Tommaso Frattini.

Tussen 2000 en 2011 droegen Oost-Europeanen netto bijna 5 miljard pond (6,35 miljard euro) bij, immigranten uit de overige EU-landen en Noorwegen, IJsland en Liechtenstein 15 miljard pond. De laatste groep betaalde 64 procent meer aan belasting dan ze aan bijstand ontving. De nettobijdrage van de Britten zelf was negatief: min 617 miljard pond. Onder uitkeringen werd onder meer meegeteld huursubsidie, kinderbijslag, en bepaalde belastingvoordelen.

Ook komen de Europese migranten „op het hoogtepunt van hun productieve leven” en nadat ze in hun vaderland onderwijs genoten. Gemiddeld zijn de Europeanen vijftien jaar jonger dan de Britse beroepsbevolking, en veel hoger opgeleid. Als zij Brits onderwijs hadden genoten, zou dit de Britse overheid 6,8 miljard hebben gekost, aldus Dustmann en Frattini.

Fijntjes hield Dustmann gisteren bij de presentatie van het onderzoek zijn Britse toehoorders ook voor dat in vergelijking met andere EU-landen de immigranten hier „buitengewoon hoge vaardigheden hebben”. Tachtig procent van de Oost-Europeanen is aan het werk, en 70 procent van de rest van de Europeanen. Dat laatste percentage is net zo hoog als het aantal werkende Britten.