Bekende dochters van beroemde ouders

Twee actrices over leven en werken in de schaduw van de legenden Deneuve, Mastroianni, Gainsbourg en Birkin.

Ze hebben veel gemeen en zijn heel anders. Zie ze met journalisten praten in de chique lounge in Hotel Excelsior op het Lido van Venetië, waar hun film 3 Coeurs in première gaat. Charlotte Gainsbourg (43) bedeesd ineengedoken, Chiara Mastroianni (42) fonkelend, luid en met brede gebaren.

Twee bekende dochters van beroemde ouders; in melodrama 3 Coeurs spelen ze zussen die vallen voor dezelfde man. Hun filmmoeder is daar Catherine Deneuve, die in het speelfilmdebuut van beide actrices ook al hun moeder speelde: Paroles et musique (1984) en Ma saison préferée (1993). Voor Chiara Mastroianni is het zelfs al de vijfde keer dat Deneuve haar filmmoeder is: redelijk recent nog in Un conte de Noël (2008) en Les Bien-Aîmes (2011). Sterker nog: Deneuve ís haar moeder. „We doen ons best om onze persoonlijke bagage niet naar de filmset mee te nemen”, zegt dochter Chiara. „Dat is nu gemakkelijk, maar de eerste keer was dat een nachtmerrie. Alles was nieuw, ik was doodsbang en mama wilde eigenlijk niet dat ik ging acteren.”

Chiara Mastroianni, met die kenmerkende mouche op haar kin, heeft inmiddels 47 filmtitels op haar naam staan, vaak als verlaten of eenzame dame. In het echt is er geen spoor van tristesse: ze oogt vrolijk en praatgraag. Hoewel geen Frans erfgoed als haar moeder, bouwde ze een respectabele filmcarrière op. Dat ze acteert, wijdt ze vooral aan haar vader, filmster Marcello Mastroianni (1924-1996), met wie Deneuve begin jaren zeventig vier jaar en vijf films lang een glamourkoppel vormde. Chiara was papa’s oogappel, zo maak je op uit een interview dat Ivo Niehe de bejaarde acteur ooit gunde. „Mijn Franse dochter is zo sprankelend en vrijgevochten”, glundert Marcello daar.

Chiara bracht haar vakanties bij haar vader in Italië door nadat haar ouders in 1974 uit elkaar waren gegaan. „Mama hield mij ver van de filmset, mijn vader niet. Gelukkig maar, want dat was de enige plek waar hij leuk en grappig was. Thuis was hij vreselijk slecht gehumeurd, afschuwelijk gewoon! Bij hem was ik alleen op de filmset gelukkig.” Zeker als ze draaiden in sprookjeswereld Cinecittà, het Romeinse filmcomplex waar „je in de kantine lunchte naast gladiatoren of SS’ers” en je mocht figureren in een film bij oompje Fellini.

Al met al geen wonder dat Chiara actrice werd. „Ik ben als meisje gevallen voor de sfeer en de rituelen van de set. ’s Ochtends arriveren bij de make-up, je call sheet krijgen, en dat eindeloze wachten, heerlijk. Ik ben een peinzer, ik hou ervan om uren voor me uit te staren.”

Toch speelde moeder Deneuve wel een rol: door haar werd Chiara Mastroianni cinefiel. „Mama nam me mee naar films waarvoor ik veel te jong was. Zo zag ik mijn vader zwanger worden in een film van Jacques Demy, geloof ik. Knap psychedelisch. Met pa zag ik hooguit Laurel & Hardy op tv, in het Italiaans.”

Toch werd haar moeder boos toen ze zei dat ze actrice wilde worden. „Ze wilde beslist dat ik ging studeren en zei jaren later eens: ‘Ik had zo gehoopt dat je archeoloog zou worden!’ Mama wilde me tegen mezelf in bescherming nemen, denk ik. Zij was een superster, maar ze zag om zich heen actrices worstelen. Zeker twintig jaar geleden, toen er veel minder vrouwenrollen waren en je na je veertigste wel kon inpakken. Ze zag een leven vol decepties voor zich.”

Als tiener vocht ze veel met haar moeder, die haar als kind in de steek liet, vond ze („dat ontkende ze, maar ze nam wel acht films per jaar op”). Maar als moeder was Deneuve tegelijk extreem beschermend. Chiara: „Ze heeft een koel imago, maar is ontzettend warm. Dat gereserveerde is verlegenheid.” Zo goed schermde ze Chiara af, dat ze pas door de Muppet Show besefte hoe beroemd haar moeder was. „Ik was een enorme fan, dus toen mijn moeder een Muppet Show opnam in New York, gaf ze me een polaroid van haarzelf met Miss Piggy. Ik dacht: wow, mama is iemand, Miss Piggy wil met haar op de foto!”

Of er nadelen aan kleven om kind van filmsterren te zijn? „Hooguit dat je twijfelt aan je talent”, peinst Chiara. „Ik heb nooit op de bühne durven staan en kan het nog altijd niet uitstaan mezelf te zien of zelfs te horen in films.”

Die onzekerheid deelt ze het met haar filmzuster Charlotte Gainsbourg, die bekent dat ze zich nooit echt een actrice heeft gevoeld. „Ik ging nooit naar een toneelschool en rolde er maar zo’n beetje in. Het voelde voor mij nooit als een beroep, wat het wel is.”

Charlotte werd als kind veel minder afgeschermd. Haar vader, de legendarische muzikant, filmmaker, bohémien en beroepsalcoholist Serge Gainsbourg lanceerde haar op haar dertiende als actrice en zangeres. Als 13-jarige zong Charlotte Gainsbourg halfbloot op een zwart matras met haar 56-jarige vader Serge het schandaalhitje Lemon Incest, waarop incestfilm Charlotte Forever volgde, met pa in de rol van gesjeesde scriptschrijver die zich aan zijn dochter vastklampt. Ook fluisterzong ze een album met diezelfde titel vol. Haar vroege loopbaan riekt naar connecties: twee films van Agnès Varda met haar vader en/of moeder Jane Birkin, een hoofdrol in The Cement Garden van oom Andrew Birkin (1993). Gainsbourg: „Acteren was nooit mijn droom. Mijn droom was kind te blijven. Veilig, beschermd, gekoesterd. Ik ben geneigd mijn kindertijd in heel warme en heldere kleuren te schilderen. Terwijl het helemaal niet zo veilig was.”

Gainsbourg heeft iets afwezigs: ze lijkt zich alles te laten aanleunen. Haar loopbanen werden na een dip ruim tien jaar geleden vlot getrokken door twee goeroes: Beck in muziek, Lars von Trier in film. „Ik voel me veiliger dan vroeger”, zegt ze. „Nog steeds onzeker en uit balans, maar nu gebruik ik dat in mijn acteren. Maar dat ik in 2009 in Cannes de Gouden Palm kreeg als beste actrice [voor Antichrist, red.] heeft me enorm geholpen. Ik was zo trots.”

Twee actrices die hun loopbaan deels danken aan hun ouders. „Je weet nooit of het zonder connecties ook was gelukt”, zegt Chiara Mastroianni. „Of ik me daar nog druk om maak? Welnee.”

Ook Charlotte Gainsbourg is niet langer bang door de mand te vallen, zegt ze. „Maar echt een artiest zal ik me wel nooit voelen.”