Universiteiten ruziën met Reed Elsevier over geld abonnementen

De vereniging van universiteiten VSNU en uitgever Reed Elsevier liggen overhoop over de toegang tot wetenschappelijke artikelen. Dat meldt VSNU vanochtend.

Het conflict gaat over de abonnementsgelden die universiteiten de Brits-Nederlandse uitgever moet betalen. Reed Elsevier is de grootste uitgever van wetenschappelijke databases en tijdschriften (zoals The Lancet) en heeft daardoor nogal veel macht in academische kringen.

De universiteiten willen overstappen naar een open access-systeem waarbij wetenschappelijke artikelen gratis toegankelijk zijn. “In lijn met het beleid van het ministerie van OCW’, stellen zij. Dan betalen universiteiten geen abonnementsgeld maar een eenmalig bedrag per artikel om het in de open access-database te krijgen.

Lees ook het verhaal over boycot door academici. Het briljante businessmodel van Elsevier: universiteiten uitknijpen

Volgens de universiteiten willen zij de afspraken over de abonnementen met Elsevier en andere uitgevers alleen verlengen onder voorwaarde dat de uitgevers bereid stappen zetten om open access dichterbij te brengen. Elsevier zou dat niet doen.

Gerard Meijer, voorzitter Radboud Universiteit Nijmegen en hoofdonderhandelaar namens de VSNU stelt dat de onderhandelingen zijn vastgelopen:

“We gaan onze onderzoekers vanaf nu informeren over de gevolgen van deze patstelling.”

Elsevier laat via een woordvoerder weten voorstander van open access te zijn en stelt dat wetenschappers bij Elsevier kunnen publiceren in meer dan honderd volledig open access-tijdschriften en ruim 1.600 titels met open access-optie. De uitgever “kijkt uit naar een constructieve voortzetting van de dialoog met VSNU”.

Staatssecretaris Sander Dekker laat weten het “zeer teleurstellend” te vinden dat de gesprekken tussen de universiteiten en Elsevier gestopt zijn.

“Ik sta achter de universiteiten in hun strijd om wetenschappelijke artikelen vrij toegankelijk te maken in Nederland. Kennis uit publiek gefinancierd onderzoek moet voor iedereen vrij toegankelijk zijn.”