Midterms zijn campagnecasino

De invloed van verkiezingsgeld groeit. De midterms breken records, vooral in de staat North Carolina.

In Texas gebruikte gouverneurskandidate Wendy Davis dit beeld omdat haar opponent, rolstoeler Greg Abbott, het leven van invaliden geschaad zou hebben.

De inwoners van North Carolina kan moeilijk zijn ontgaan dat vandaag de tussentijdse congresverkiezingen zijn. In deze zuidelijke swingstate kregen kiezers een record aan negatieve politieke tv-advertenties voor hun kiezen, waarin de zittende Democratische senator Kay Hagan en haar rivaal, de Republikein Thom Tillis, elkaar over en weer besmeurden en beschuldigden. Alleen al in de week tussen 21 en 27 oktober ging het om maar liefst 11.000 van deze attack-ads. Kosten: 68 miljoen dollar.

„Wij profiteren van al die spotjes”, zegt Laura Leslie, baas bij het lokale tv-station WRAL in het vriendelijke Raleigh, North Carolina’s hoofdstad. „Maar de kiezers hebben er een hekel aan. Het jaagt ze weg.” Kolonel buiten dienst Francis DeLuca van de conservatieve denktank Civitas is het grondig met haar oneens. „Hoe meer geld naar de politiek hoe beter”, zegt hij in downtown Raleigh. „Het zorgt dat mensen betrokken blijven.”

De kolonel wordt op zijn wenken bediend. Deze tussentijdse congresverkiezingen breken alle financiële records, en dat terwijl niet meer dan ruwweg één derde van de Amerikanen er vandaag zijn bed voor zal uitkomen. In totaal zullen de midterms van 2014 3,67 miljard dollar (2,94 miljard euro) kosten, berekende het Center for Responsive Politics. Dat is meer dan de 3,63 miljard die in 2010 werd gegeven. Het echte bedrag is hoger, omdat niet alle donaties opgegeven hoeven te worden. De ongeregistreerde giften (dark money) worden op 100 à 200 miljoen dollar geschat.

De grootste bedragen gingen naar Hagan en Tillis, die in North Carolina al weken in een nek aan nekrace liggen. Twee weken geleden werd hier de grens van 100 miljoen dollar overschreden – een record voor een staat, en de teller staat nu op 110 miljoen. „En het heeft de naald geen millimeter doen uitslaan”, zegt Laura Leslie.

Donatie-explosie

De donatie-explosie komt voort uit twee verruimingen van de campagnewetgeving. In 2010 maakte het Supreme Court onbeperkte giften mogelijk aan zogeheten Super-Pacs, politieke actiecomités die zich inspannen voor – lees: geld spenderen aan – een kandidaat of een partij. En dit voorjaar schrapte het Hof de limiet op donaties van individuen, waardoor miljardairs nu ongeremd kunnen schenken.

Vooral de eerste wijziging heeft de verkiezingen in de VS in vier jaar tijd fundamenteel veranderd. Er is sprake van een fikse toename aan donaties – in de midterms van 2006 werd 2,8 miljard dollar uitgegeven – en de invloed van derden groeit. In North Carolina werd dertig miljoen vergaard door de kandidaten zelf. 81 miljoen kwam van buiten de staat.

Bovendien zorgt al dat geld voor een ongewenste voorselectie, zeggen critici. „Vroeger was 750.000 dollar genoeg voor een campagne”, zegt bijvoorbeeld Laura Leslie. „Nu is anderhalf miljoen dollar het minimum. Dat maakt dat kandidaten zich sneller aan een grote donor committeren.”

Het heel grote geld stroomt nu ook naar heel kleine verkiezingen, tot die van schoolbesturen aan toe. Daarmee is het een belangrijke oorzaak van de groeiende politieke polarisatie in de VS. Een recordbedrag van 5,2 miljoen dollar werd bijvoorbeeld gepompt in de race om vier plekken in het Hooggerechtshof van North Carolina. De rechters zelf maakten er in plaatselijke media bezwaar tegen, maar als ze zich eraan onttrekken verliezen ze. „De kiezers van North Carolina moeten onze rechters kiezen. Niet groepen van buiten, die ons overstelpen met geld ”, zei de zittende Democratische rechter Robin Hudson, die volgens de tegen haar gerichte tv-advertenties ‘soft is tegen kinderverkrachters’, tegen een lokale krant.

Oliemiljardairs

Tot de landelijke donorkampioenen die zelfs microverkiezingen proberen te sturen behoren de oliemiljardairs Charles en David Koch uit Kansas die via hun vele lobbygroepen tegen de 290 miljoen dollar aan de midterms zeggen te spenderen. Koploper aan Democratische zijde is de Californische hedgefondsmanager en klimaatactivist Tom Steyer, die meer dan 73 miljoen dollar gaf, vooral om campagnes voor schone energie te steunen.

Juist die battle of the millionairs, zoals deze verkiezingen al genoemd zijn, biedt een podium aan outsiders, zoals in North Carolina de libertaire kandidaat Sean Haugh. Met zijn houtje-touwtje-campagne op vooral YouTube kan deze voormalige pizzabezorger, die volgens peilingen tot 7 procent van de stemmen kan trekken, zomaar de overwinning bij Tillis weghouden. Haugh profileert zich als de anti-establishmentkandidaat die niet meedoet met het verkiezingscasino dat vakbonden, bedrijven en miljardairs voor Hagan en Tillis hebben opgetuigd. Hij besluit al zijn campagnefilmpjes met de zin ‘Please send beer money’. Zo haalde hij 10.000 dollar op bij kleine, individuele donoren. „Ik gedij op kiezerswalging”, zegt hij.