Kippenbouillon

Dit is het recept voor kippenbouillon van Michel Jansen van De Kleinste Soepfabriek. Wat er slim aan is, is dat halverwege het vlees van de botten van de kip worden gehaald. Als je dat te lang laat trekken verliest het namelijk al z’n smaak. Op deze manier krijg je het beste van beide werelden: krachtige bouillon en smakelijke vlees in de soep. Aan kippennekken zit vrijwel geen vlees, dus die kun je gerust uren in de pan laten zitten.

Zet de hele kip of de kippennekken op in het koude water, breng aan de kook en schuim af (zodat de bouillon helder blijft) tot er geen schuim meer ontstaat. Laat de bouillon iets meer dan 2 uur trekken, en haal wanneer je een hele soepkip hebt deze uit de pan, laat hem afkoelen, en haal het gekookte kippenvlees eraf, zet dit vlees in de koelkast (en gebruik het later in de soep, JV). Gooi de karkassen, vellen en botjes terug in de pan met bouillon. Borstel de wortel schoon, was de ui en de kruiden, doe ze samen met de specerijen bij de kiprestanten en laat de bouillon op een heel lage sudderstand trekken. Hoe langer dat gebeurt hoe lekkerder! Giet de bouillon door een bolzeef bekleed met kaasdoek of schone theedoek, in een schone pan.