Column

Kudde

Sven Kramer zette na een paar rondjes op de 10 kilometer zijn bril even recht. Het ontspannen gebaar deed vermoeden dat hij zichzelf op deze lange afstand niet al te veel pijn ging doen.

En inderdaad, Kramer liet zijn tegenstander Jorrit Bergsma al snel gaan. Bergsma werd Nederlands kampioen, Kramer eindigde roemloos als negende.

Ik had de hele middag zitten wachten op deze race. De nummers 1 en 2 van de Olympische Spelen zouden er vast een titanenduel van gaan maken. De 10 kilometer saai? Nou dan moest je eens kijken naar de vinnige strijd tussen deze Hollandse mannen?

Na de start galmde ‘The eye of the tiger’ door de speakers van Thialf. Muziek die hoort bij boksers die elkaar de neus scheef slaan en maar blijven knokken. Het ging een bloedbad worden op de ijsbaan.

Wat een anti-climax. Deze 10 kilometer was een slome bedoening. Precies wat in het buitenland al een tijd van de langste schaatsafstand wordt gevonden.

Jac Orie, de nieuwe coach van Kramer, stond rustig met de armen over elkaar op het ijs. Zo kijken mannen met een afstandsbediening op de buik naar hun miniatuurbootje dat op een vijver steeds maar weer voorbij tuft. Hij zag hoe zijn schaatser zich zichtbaar inhield.

Ik bespeurde bij Kramer en Orie tijdens de 10 kilometer geen driften en die zijn noodzakelijk bij topsport. Hij had beter niet kunnen starten op die afstand.

Jillert Anema is coach van Bergsma. Hij wil niets weten van het afschaffen van de 10 kilometer. Het was hem een doorn in het oog dat buitenlandse schaatsers zo klagen over die loodzware afstand. „Ze zijn gewoon lui en decadent. Je moet er gewoon hard voor trainen. Mijn schaatsers proberen de 10 kilometer aan het volk terug te geven.”

Je kunt land teruggeven aan een volk. Of elementaire rechten. Of in oorlogstijd gestolen kunst. Maar de 10 kilometer teruggeven? Die afstand is de afgelopen decennia nooit weggeweest. Hij is alleen flets geworden en wellicht aan vervanging toe.

Kramer gaf naderhand als verklaring voor zijn matige optreden dat hij meer had ingezet op de 1.500 meter en de 5 kilometer. Hij werd op die afstanden Nederlands kampioen.

Vlak voor het toernooi had Kramer zich beklaagd over de te grote kudde profschaatsers, vooral tijdens trainingen. „Ze zijn niet goed genoeg en ze schaatsen alleen maar in de weg. Daar heb ik last van.”

Het kan verkeren.

Kramer reed dit weekend zijn langzaamste 10 kilometer ooit in Thialf. Nu moet híj opeens uitkijken dat andere schaatsers geen last van hem hebben. Ach, met Kramer komt het wel weer goed.

Wat een commotie in schaatsland. Laten we het houden op een geval van post-olympische stress.