Het budget van de EU is maar een kruimel

‘Brussel verspilt miljarden’ – dat zegt het cliché. Oud-Ombudsman Alex Brenninkmeijer, nu lid van de Europese Rekenkamer, rekent af met vooroordelen.

illustratie enkeling

Vanachter zijn bureau op de Kirchberg in Luxemburg kijkt Alex Brenninkmeijer als een boekenwurm over stapels boeken heen. In Den Haag kon hij die kwijt in een hoge boekenkast, maar in zijn kamer in Luxemburg ontbreekt die. Alleen de schilderijen van zijn zoon heeft hij als vertrouwd uitzicht meegenomen uit Den Haag.

Waarom heeft u die mooie baan van Nationale ombudsman verruild voor de Europese Rekenkamer?

„Ook een mooie baan moet je niet te lang doen. Acht jaar Ombudsman was fantastisch, maar lang genoeg. De overstap naar Europa heb ik bewust gemaakt, omdat ik veel waarde hecht aan de Europese samenwerking. Europa heeft zo veel verschillende kanten. Het kwam totaal verzwakt uit de Tweede Wereldoorlog. Sla het boek Na de oorlog van de Britse historicus Tony Judt er maar op na. Onze Russische buur was toen, en blijkt nog steeds, een risico te zijn voor onze vrede en veiligheid.

„Europa heeft een uniek juridisch systeem gekregen, dat op zichzelf effectief werkt en veel verbeteringen heeft gebracht in de lidstaten. Het vrije verkeer van personen, goederen en diensten heeft de noodzakelijke economische versterking van Europa opgeleverd. Een land als Nederland heeft een groot deel van z’n economische ontwikkeling aan de EU te danken. Dankzij de EU kunnen Europese landen ook beter meekomen in de globaliserende wereld, waarin grenzen vervagen en de machtsverhoudingen verschuiven, vooral in het nadeel van kleine landen.”

Is de EU geen zinkend schip?

„Die metafoor lijkt me niet passend. Door decennia van welvaart zijn we vergeten dat het ook minder kan gaan. Sinds 2008 voelen we de economische stagnatie. Het vertrouwen in de Europese samenwerking blijkt evenmin een stabiele factor. Ook die is onder druk komen te staan, door de problemen met de euro en de bankencrisis. Wantrouwen, schande spreken over elkaar, bij voorbeeld tegenover Griekenland, heeft de Europese dialoog vertroebeld en zelfs beschadigd. We kunnen kennelijk niet goed omgaan met dit soort problemen.”

Hier spreekt een EU-gelovige?

„Nee, volgzaamheid zit niet in mijn karakter. Het is een kwestie van geopolitiek, en die heeft niets met ‘geloven’ te maken. Europa is een werelddeel dat grenst aan oceanen en zeeën, én aan Rusland. Die geografische ligging heeft z’n beperkingen en z’n mogelijkheden. Oe-kraïne vormt hiervan een illustratie in zwarte inkt. Nederland, als de westelijke delta van Europa, heeft het voordeel van havens en transport, maar ook het permanente gevaar van heel veel Europees zee- en rivierwater. Evenzogoed zijn we afhankelijk van een stabiele relatie met Rusland. Die rust kunnen de EU-landen niet ieder voor zich handhaven. We zijn lotgenoten. Die lotsverbondenheid kunnen we maar beter erkennen en vormgeven dan ervoor weglopen.”

Lotsverbondenheid met een wankele euro?

„Al in 1997 heb ik erop gewezen dat de Europese monetaire samenwerking niet alleen gevolgen zal hebben voor onze nationale economie, maar ook leidt tot een verschuiving in onze democratie. Dat inzicht leefde toen volstrekt niet. De concurrentieverhoudingen tussen landen verscherpen binnen de EU, de nationale democratische speelruimte wordt kleiner. Pas nu begint dit besef langzaam door te dringen tot het publieke debat. Politici noch media zijn erin geslaagd de gevolgen van de euro op waarde te schatten.”

De euro is niet alleen een zwakke munt, Europa verspilt met groot gemak ook miljarden euro’s. Wat doet de Europese Rekenkamer daaraan?

„Iedere verspilde euro is er één te veel. Maar we moeten dit probleem wel in proporties zien. Al twintig jaar achtereen constateert de Europese Rekenkamer dat het aantal fouten bij de verantwoording van EU-gelden ergens tussen de 4 en 5 procent ligt. Dat wil dus nog niet automatisch zeggen dat het geld verspild wordt, maar de boekhouding is hier niet op orde. Op een begroting van circa 140 miljard wordt 7 miljard slecht verantwoord. Dat moet beter. Daarvoor zet ik me als lid van de Rekenkamer.”

Als tandeloze tijger …?

„Ik ben niet in een gespreid bedje terechtgekomen. Ik zal knokken voor een sterkere Rekenkamer, omdat dit essentieel is voor het vertrouwen van de burgers in de EU. Dat geldt overigens ook voor ons eigen land: met ICT en andere projecten wordt ook in Nederland veel geld verspild. Onlangs kopte NRC nog: ‘De overheid als pinautomaat’, verwijzend naar het oerwoud aan subsidieregelingen waarvan doel en effect onduidelijk is. Wat Europees misgaat, gaat op gelijke wijze ook nationaal mis…”

Het slechte imago van de EU valt te redden door betere boekhouding?

“Ja, Jacob Soll laat in zijn boek The Reckoning zien dat welvaart van landen staat of valt met goed boekhouden en publieke verantwoording. Het is niet voor niets dat gerommel met geld snel tot publieke verontwaardiging leidt. Mensen willen dat het er eerlijk aan toe gaat. Geld is vertrouwen, niet meer en niet minder.”

Intussen is er te weinig verbetering in de Europese boekhouding zichtbaar.

„Er is wel enige verbetering, maar te weinig. Dat komt in de eerste plaats doordat de EU afhankelijk is van de lidstaten: 80 procent van de uitgaven, onder andere voor landbouw en sociale fondsen, wordt door de lidstaten zelf geadministreerd. De landen moeten dit dus zélf kunnen verantwoorden. In de tweede plaats vormt het EU-budget maar zo’n 1 procent van de publieke uitgaven in de hele EU. Anders gezegd: het is een kruimel die in het grote geheel amper opvalt en daardoor in de lidstaten weinig aandacht krijgt. Nederland eist, als braafste jongetje van de klas, een ‘nationale verklaring’ over die 1 procent EU-geld, die maar liefst 17 procent van de capaciteit van onze accountants opslokt, plus ook nog eens de controle door de Rekenkamer in Den Haag.”

Wat gaat u verbeteren?

„De Europese regels en controlesystemen zijn te ingewikkeld. De controle op de landbouwsubsidies kost 400 miljoen euro, maar nog steeds zijn er veel fouten en worden agrariërs gek van de controles en administratieve lasten. Daar ligt een belangrijke taak voor Frans Timmermans in de Europese Commissie. Het is goed en belangrijk dat hij dit in zijn portefeuille heeft. Daarin moet de komende veel verbeteren.”

En waarop kunnen we u persoonlijk over enkele jaren ‘afrekenen’?

„Helder en begrijpelijk zijn. Ik vind dat accountants, en speciaal de Europese Rekenkamer, onnodig ingewikkelde taal gebruiken. Dat komt als gemurmel over. Bovendien moet de zichtbaarheid van de Europese Rekenkamer verbeteren. Toen ik door het kabinet voor deze functie gevraagd werd, had ik zelf zelden van de Europese Rekenkamer gehoord. De komende jaren zal ik van me te laten horen!”