Column

De cadeaubon voor Lieuwe van Gogh

‘Een Prettig Gesprek met Lieuwe van Gogh’ (RTL)

Op twee tamelijk omvangrijke groepen na - de minnaressen en de vijanden van Theo van Gogh - hebben we in een lang weekend wel zo ongeveer iedereen aan het woord gehad over de tiende verjaardag van de moord in de Linnaeusstraat. En toch had ik veel van wat beweerd werd, nooit eerder gehoord .

Het verst ging de fictiefilm 2/11 Het Spel van de Wolf (VPRO), geschreven door Theo’s vrienden Theodor Holman en Gijs van de Westelaken. Zoals in Van Goghs 06/05 de moord op Pim Fortuyn werd toegeschreven aan een complot van geheime diensten, zo handelde ook Mohammed B. op zijn minst met medeweten van de AIVD, in deze visie. Wie weet was die hele Hofstadgroep wel net zo’n creatie van de afdeling Ideologie, zoals de eigen maoïstische partij die de BVD ooit in het leven riep, in de operatie Mongool.

Zou kunnen, maar bewijs het maar eens. Vooralsnog is het vooral genieten van de reconstructie van vergaderingen van Nederlandse spionnen en van een door Pierre Bokma met dwingend charisma gespeeld meesterbrein, niemand minder dan voormalig secretaris-generaal op Justitie Joris Demmink. Die zit immers overal achter.

Nieuwsuur toog naar Boston voor een exclusief interview met Ayaan Hirsi Ali, op wie de moordenaar het eigenlijk gemunt had. Ze heeft achteraf geen spijt van het maken van Submission met Van Gogh. Sterker nog: die film heeft in haar ogen zeker bijgedragen aan het verbeteren van de positie van moslimvrouwen in Nederland.

Het gaat nog verder. In een verrassend documentair portret op RTL4 van Lieuwe van Gogh, de nu 23-jarige zoon van Theo, vertelt hij in New York aan Doesjka van Hoogdalem, de voormalige regieassistent van zijn vader, dat hij nooit enige empathie of excuus van Ayaan heeft ontvangen. Wel het aanbod van een cadeaubon, die eigenlijk van een vriendin van Ayaan kwam. Die had hij vriendelijk geweigerd.

Bij Jinek (KRO) stelde historicus Maarten van Rossem dat hij het met zijn goede vriend nooit ergens over eens was. Maar hij waardeerde wel Theo’s opvattingen over televisie maken. Bij Een Prettig Gesprek en Woensdag Gehaktdag, beide destijds uitgezonden door AT5, werd nooit een voorgesprek met de gasten gehouden. Dat is de dood in de pot, meent Van Rossem. Het hengelen naar de herhaling van eerder goed ontvangen citaten uit de persmap is inderdaad een te weinig onderkend euvel van Nederlandse talkshows met minder goed improviserende presentatoren dan Theo van Gogh of Ischa Meijer.

Wat een beetje ontbrak in het palet van herdenkingen, was een evaluatie van het angsttijdperk, het decennium dat volgde op twee politieke moorden. Alleen de Amsterdamse burgemeester Eberhard van der Laan beweerde in een gesprek met de NOS: „De vrijheid van meningsuiting en onze humanistische waarden worden tegenwoordig beter verdedigd dan voor die tijd. In zoverre mag Theo tevreden zijn.”

Het klinkt als een beetje kort door de bocht. Er is nog een categorie Nederlanders die dit weekend niet veel mocht zeggen over Theo: de moslims. Ik denk dat hun tijd om tevreden te zijn over het debatklimaat nog moet komen. Kan niet heel lang meer duren, als in de Processie van Echternach: drie stappen vooruit, twee achteruit.