Dekker zegt publieke rtv vriendelijk vaarwel

18 oktober 2014 – Politieke bestuurders zijn meestal met drie dingen bezig. Zich het parlement van het lijf houden. Carrière maken binnen de partij en daarbuiten (voor het geval een bedrijf met nationale uitstraling iemand zoekt). En als het de vorige twee doelen niet in de weg staat: het landsbelang dienen. Het zou best kunnen

18 oktober 2014 - Politieke bestuurders zijn meestal met drie dingen bezig. Zich het parlement van het lijf houden. Carrière maken binnen de partij en daarbuiten (voor het geval een bedrijf met nationale uitstraling iemand zoekt). En als het de vorige twee doelen niet in de weg staat: het landsbelang dienen.

Het zou best kunnen dat staatssecretaris Sander Dekker alle drie deed toen hij maandag aan boord van het radioschip Veronica zijn plannen voor de publieke omroep bekend maakte. De omroepbazen zaten er bij alsof zij samen werden geschoren. Jan Slagter van Omroep Max was de enige die het barbierslaken wegtrok en protest aantekende.

De anderen morden een beetje of stemden zachtjes in, naar gelang zij winst of verlies voor hun organisatie vermoedden.

De overkoepelende NPO mag meer gaan coördineren, dus die was wel blij. De NOS mag nieuws blijven doen en hoeft geen amusement af te schaffen - voetbal blijft een punt van discussie. Een aantal omroepen-met-leden-en-een-gids zijn net gedwongen gefuseerd – die zijn nog half verdoofd en bekijken het even.

Niemand die opstond en zei: Sander, bedankt voor je lezing vol frisse visie. Als je nu weer in Den Haag aan je werk gaat, dan doen wij wat we onze 3,5 miljoen leden en de rest van het Nederlandse publiek al jaren hebben beloofd, een breed assortiment programma’s maken, ernstig, vrolijk, actueel, verstrooiend. Wij zijn de grootste elektronische krant van Nederland, het nationale clubhuis.

Het leek alsof iedereen accepteerde dat de omroep van Sander Dekker is, van het kabinet, van Den Haag. Een staatsomroep dus. Dat is nog maar de vraag. Tot 2000 kwam het geld uit de omroepbijdrage. Die hoefde je niet te betalen als je nooit luisterde of keek. Om van het gedoe met zwartkijkers, inspecteurs en boetes af te komen werd ons abonnement op Hilversum voortaan door de Belastingdienst geïnd. De eerste schijf van de inkomstenbelasting werd bij die gelegenheid met 1,1 procent verhoogd.

Het kabinet van toen (Paars II) garandeerde dat de anders geïnde bijdrage geen speelbal bij jaarlijkse bezuinigingen zou worden. Het omroepgeld werd geïndexeerd. Staatssecretaris Van der Ploeg is er nog flink over doorgezaagd. De rest is geschiedenis. Wetten kunnen worden veranderd. Op de publieke omroep is door Rutte I en II meer bezuinigd dan gemiddeld op andere posten van de Rijksbegroting.

De afschaffing van de omroepbijdrage was een mentaal omslagpunt. De staat is dichter op de publieke omroep gaan zitten. Een cascade aan beleidsbrieven en     -visies dwarrelde neer in het Mediapark. Het meest principieel werd over de toekomst van de omroep nagedacht door de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR). Die adviseerde in Focus op Functies (2005) afscheid te nemen van de centrale rol van omroepverenigingen. Het ging om de functies die een publiek bestel moest vervullen.

We zijn bijna tien jaar en miljoenen smartphones en tabletten verder. De Raad voor Cultuur adviseerde eerder dit jaar in het verlengde van de WRR om de NPO meer macht te geven te sturen op wezenlijke publieke taken. De regionale omroepen moesten samen met kranten een journalistieke tegenmacht kunnen vormen.

Dekker heeft aan dat advies nu trekken van vlees en bloed gegeven door man een paard te noemen: in een op nieuws, educatie en cultuur gerichte publieke omroep is geen plaats meer voor louter amuserende programma’s als Ranking the Stars, Bananasplit en De Allerslechtste Chauffeur van Nederland.

Wie donderdagavond de groepsselfie van de Nederlandse tv-wereld zag bij de uitreiking van de Televizierringen genoot van zoveel zelfstrelend sterrendom dat het moeite kostte te bedenken wie ‘publiek’ en wie ‘commercieel’ bekend zijn. Daar heeft Dekker gelijk in: of je bent uniek en van algemeen nut of je hoeft niet publiek te worden gefinancierd.

Het eeuwige tegenargument van de omroepen is: ‘wij hebben het hele volk te bedienen; met alleen maar verantwoorde programma’s haakt tweederde af’. Dat klinkt sleetser naarmate meer mensen ‘zijdelings’ kijken, via een digitale ingang en op een ander tijdstip dan de uitzending. De heilige sandwichformule wordt niet meer genuttigd. Nog meer reclame verlengt het lijden. Ook voor de kijkers.

De staatssecretaris heeft als opdracht uitgesproken dat de publieke omroep met stoom en kokend water moet proberen de beste te zijn op eigen gebied. Op straffe van concurrentie door creatievelingen van buiten op de eigen kanalen of verlies van zendtijd (en geld) ten gunste van puur-commerciële partijen.

Dekker heeft behendig zijn hele achterban bediend, en meer dan dat gezien de positieve reacties in de Tweede Kamer. Hij behaagde zijn meer rechtse VVD- en PVV-publiek voor wie iedere euro naar de publieke omroep er een te veel is. Voor het meer intellectuele deel van liberaal Nederland klonken onmiskenbare BBC-echo’s. Een oud ideaal met elitaire bijklank.

Coalitiepartner PvdA heeft kennelijk zo weinig eigen verheffingsideeën dat men het zo wel prima vindt. Het CDA is al blij dat de regionale omroep gespaard blijft. De Christenunie verwelkomt de nieuwe openheid maar huivert van de staatssecretaris als netmanager met meningen over individuele programma’s. De SP ziet na een bezuiniging van 25 procent vooral Dekkers einddoe: sloop van de publieke omroep.

Iedereen heeft zo z’n eigen gelijk. Passend binnen het verzuilde omroeplandschap waar we maar langzaam afscheid van nemen. Fris en behoudend. Zo kennen we elkaar weer.

opklaringen@nrc.nl; twitter: @marcchavannes