‘De koppen gaan weer een beetje overeind’

Er was fraude, klanten liepen weg, de schuld steeg naar 1,1 miljard. Nu is Imtech voorlopig gered. De financieel topman over de overlevingsstrijd van het bedrijf. „Een circus” dat dag en nacht doorging.

foto david van dam

Het was een bijzonder welkom poststuk, de brief van de Koning die Imtech woensdag ontving. Het installatiebedrijf mag zichzelf ‘koninklijk’ blijven noemen, was de boodschap. Financieel directeur Hans Turkesteen begint er direct uit zichzelf over, nog voor hij is gaan zitten.

Het is logisch dat Turkesteen er tevreden over is. Zo vanzelfsprekend was dat bericht namelijk niet. Het hebben van een „een goede financiële reputatie” is voor die onderscheiding een vereiste. En dat is een beschrijving die op dit moment niet van toepassing is op Imtech (23.000 werknemers, 5 miljard euro omzet in 2013).

Het bedrijf raakte in grote financiële nood nadat vorig jaar fraude aan het licht was gekomen. Imtech werd dit voorjaar overvallen door een „storm van publiciteit”, vertelt Turkesteen. Over „hoe het verder moest met Imtech”. De schuld was namelijk opgelopen naar een gevaarlijke 1,1 miljard euro. Het gevolg: weglopende klanten, wantrouwende leveranciers en werknemers die uit voorzorg naar de concurrent vertrokken.

Een „vertrouwenscrisis”, zegt Turkesteen. Als die voortduurde, kon die Imtech wel eens fataal worden. De schuld moest dus omlaag. Met honderden miljoenen. En snel ook.

Turkesteen onderhandelde met de banken. Zocht een koper, eerst (vergeefs) voor het hele bedrijf, daarna voor zijn ICT-tak. Struinde New York, Londen, Frankfurt en Amsterdam af op zoek naar beleggers. Bracht een berg van 60 miljard nieuwe aandelen naar de beurs. En maakte tegelijkertijd een draaiboek voor een doorstart – voor als het allemaal zou mislukken.

Dat draaiboek werd niet gebruikt. Deze week is de reddingsoperatie afgerond. Sinds maandag wordt er op de beurs gehandeld in de nieuwe aandelen die Imtech uitgaf, donderdag werd de verkoop van de ICT-tak definitief afgerond. Het resultaat: 800 miljoen euro om de schuld te verlagen.

U moest ineens het bedrijf redden. Wat heeft u als eerste gedaan?

„We hebben onze opties op een rij gezet. En daarna aan de banken uitgelegd dat er drastische maatregelen nodig zijn. Dat zagen zij ook. We spraken met vier banken af dat we voor 600 miljoen nieuwe aandelen zouden uitgeven en dat zij alle overblijvende aandelen zouden opkopen. Daarmee was dat geld gegarandeerd. Toen moesten we nog in onderhandeling over versoepeling van de afspraken, over de rente bijvoorbeeld. Dat hebben we gedaan met al onze financiers – ruim veertig. Met name dat laatste heeft heel lang geduurd.”

Had u wel iets in te brengen? Imtech verkeerde in een noodsituatie.

„We hadden dit keer iets in te brengen, ja. We hadden de garantie dat we 600 miljoen euro zouden ophalen en uitzicht op nog eens 200 miljoen euro met de verkoop van onze ICT-tak. Onze financiers hebben óók een groot belang bij het terugbrengen van die schuld. Dus wij zeiden: als jullie ons geen betere afspraken geven, regelen wij die 800 miljoen euro niet.”

Het dreigement was dus eigenlijk: als jullie ons niet helpen, gaan wij failliet?

„Nou, dan hebben we in ieder geval een serieus probleem met z’n allen. Iedereen was ervan doordrongen dat het probleem echt moest worden opgelost.”

Wekenlang verschanste Imtech zich met een team van advocaten en adviseurs op de Amsterdamse Zuidas, bij advocatenkantoor De Brauw. Om te onderhandelen met al die financiers, die ook weer ieder hun eigen advocaten en adviseurs bij zich hadden. Een „circus” met tientallen mensen dat elke dag „vrijwel 24 uur achter elkaar doorging”, zegt Turkesteen. Om de zoveel tijd kwamen de verschillende teams bij elkaar om te kijken of ze dichter bij elkaar konden komen. „En dan ging iedereen weer terug zijn eigen hokje in om met zijn eigen mensen te overleggen.”

Wat was uw rol in dat geheel?

„De regie voeren. Zorgen dat het tempo erin blijft zitten. En beslissingen nemen: dit geven we wel, die concessie willen we daarvoor terug. Een absolute must was voor mij dat we lang de tijd zouden krijgen voordat we al onze financiële afspraken weer moeten nakomen. Ik wilde per se de tijd tot midden 2016. De banken zeiden: kan dat niet wat korter? In ruil daarvoor hebben wij de touwen wat laten vieren op de rentetarieven.”

Heeft u gedacht het zit vast, we komen er nooit meer uit?

„Ik ben er steeds van overtuigd geweest dat het zou lukken. De deadline was 26 augustus, de dag dat we onze halfjaarcijfers moesten presenteren. Je weet van tevoren dat het dan niet voor elf uur ’s avonds de dag ervoor klaar is. Vóór die deadline komt niemand finaal over de brug.

U heeft ook geprobeerd Imtech in zijn geheel te verkopen. Dat was een makkelijke oplossing geweest.

„Ja. Dat was een schot in de roos geweest. We hebben een handvol partijen benaderd, zonder succes. Maar deze oplossing is op zich ook prima. Wat mij betreft misschien zelfs wel te prefereren boven een overname. Anders was de identiteit van het bedrijf verloren gegaan.”

Hebt u ook de mogelijkheid van faillissement en doorstart onderzocht?

„Ja. Daar is een heel concreet draaiboek voor gemaakt. Wie, wat, waar, wanneer. Dat is tot in detail uitgewerkt.”

Waarom?

„Dat is mijn verantwoordelijkheid als bestuurder: rekening houden met alle mogelijkheden. Stel dat deze oplossing er niet was gekomen, dan heb ik niks aan een A4’tje met een paar ideeën. Dan moet ik een draaiboek hebben. Dat is tegelijk met die reddingsoperatie uitgewerkt. Tot aan de finish moesten we twee sporen overeind houden.”

Ligt dat draaiboek nu nog klaar als reserve?

„Ja, maar inmiddels wel met wat stof erop. We gaan er ook niet van uit dat we dat nog uit de kast hoeven halen.”

Behalve eindeloos onderhandelen had Turkesteen nog een taak. Hij moest 60 miljard nieuwe aandelen zien te verkopen. Samen met topman Gerard van de Aast racete hij per busje langs beleggers om Imtech te promoten. Een roadshow. Een uur per bezoek en dan direct weer het busje in, op naar de volgende. Een stuk of zeven op een dag. Uitputtend. En geen garantie voor succes. Soms waren mensen „aan het eind enthousiaster dan aan het begin”, soms ook niet. „Fifty-fifty”, schat hij. Uiteindelijk werd een krappe 53 procent van de nieuwe aandelen verkocht. De banken zitten met de rest.

Is uw trots gekrenkt dat maar zo weinig mensen uw aandelen willen hebben?

„Nee. Ik ben trots op die kleine 53 procent die wél geplaatst is. Ik denk dat dat in deze markt en voor de specifieke situatie waarin Imtech zit een hele goede prestatie is.

De banken hebben nu de helft van de aandelen in bezit. Wat is hun positie?

„Ze zijn gewoon aandeelhouder.”

Zij krijgen als financier veel meer informatie dan gewone aandeelhouders. Dat zou ik als belegger oneerlijk vinden.

„We hebben nu twee informatiestromen naar de banken. Een naar de bank als financier. Een naar de bank als aandeelhouder. Binnen de bank wordt die informatie niet gedeeld, dat weet ik zeker. Dat mogen ze niet. Ze zetten hun reputatie op het spel als ze dat wel zouden doen.

Hoe moet het nu verder met Imtech?

„We hebben twee van de drie problemen opgelost: de fraude en de financiële nood. Aan het derde, dat we geen winst maken, werken we hard. Klanten komen terug en we verwachten ook dat onze relatie met leveranciers weer normaliseert. Dat is ook heel belangrijk voor het moreel van onze mensen. Die vroegen zich af: heb ik straks nog wel een baan?

Zijn er veel vertrokken?

„Tientallen. Concurrenten maken ook genadeloos gebruik van de situatie. Die zeggen: kom bij ons, die tent staat op instorten. Maar goed. Dat is menselijk. Wij hadden waarschijnlijk hetzelfde gedaan.”

Wat schreef de Koning in zijn brief?

Turkesteen lacht. „Over de correspondentie tussen Imtech en het Koninklijk Huis doe ik geen gedetailleerde uitspraken. Het resultaat is voor onze mensen belangrijk. Die zijn daar echt trots op. We zitten niet in een situatie waarin we een massale party kunnen vieren, maar de koppen gaan weer een beetje overeind.”