Voor LHBT’s moet alles uit de kast

illustraties Cyprian Koscielnak

Op nationale Coming Out Dag (10 oktober) riep het COC mensen massaal op een poster op te hangen. Zo kon men laten zien dat de bijna twee miljoen biseksuelen in Nederland zich overal vrij moeten voelen om ‘uit de kast’ te komen. Geen goed idee, schreef Pascal Cuijpers in deze krant (Brieven, 17 okt). Wel een goed idee, vonden de biseksuele vrouwen en mannen waarmee het COC de actie ontwikkelde. Zij denken dat de enorme groep (60 procent) biseksuelen die op het werk ‘in de kast zit’ zich meer geaccepteerd voelt als hun collega’s tijdens zo’n Coming Out Dag een poster ophangen. Bi’s ervaren namelijk minder acceptatie dan homoseksuelen. Op het werk worden ze vaak getreiterd en hun seksuele voorkeur wordt zelden serieus genomen. „Het is maar een fase” of „je bent eigenlijk gewoon lesbisch, homo of hetero” krijgen bi’s dagelijks te horen. Na het lezen van de interviews op de actieposter, zullen mensen zich hopelijk twee keer bedenken voor ze weer zo’n flauwe opmerking maken. Als er zelfs ingezonden brieven over in NRC verschijnen, is het gelukt om met de actie discussie los te maken. Cuijpers schrijft ook dat voorlichting op school beter werkt dan een posteractie. Als hij daarmee bedoelt dat er méér nodig is voor acceptatie van lesbiennes, homo’s, bi’s en transgenders (LHBT’s), dan zijn we het helemaal met hem eens. Daarom geven 500 COC-vrijwilligers jaarlijks duizenden voorlichtingslessen op school. En werd voorlichting over LHBT’s, na een jarenlange campagne van het COC, verplicht op elke school in Nederland. Als het gaat om LHBT-emancipatie moet alles ‘uit de kast.’

, voorzitter COC Nederland, Philip Tijsma, initiator Coming Out Dag actie