Wie in de VS betaalt is de baas

De Vlaamse regisseur Roskam werd na zijn Oscarnominatie voor Rundskop uitgenodigd om in Hollywood het misdaaddrama The Drop te maken. „In Amerika is film meer een teamsport.”

De Vlaming Michaël R. Roskam zette zichzelf internationaal op de kaart met zijn krachtige drama over de Belgische hormonenmaffia Rundskop. De film, met een indrukwekkende hoofdrol van Matthias Schoenaerts, verzilverde weliswaar niet zijn Oscarnominatie voor beste buitenlandse productie, maar leidde wel tot een uitnodiging aan Roskam (1972) om in Amerika een film te maken.

Dat resulteerde in het stemmige misdaaddrama The Drop, met een hoofdrol van de Britse acteur Tom Hardy als barman Bob en een intense bijrol van Schoenaerts. De in juni 2013 overleden James Gandolfini is te zien in zijn laatste rol, als eigenaar van een bar in Brooklyn die door Tsjetsjeense criminelen wordt gebruikt als een loket om hun zwarte geld tijdelijk te droppen. Als de kroeg tijdens de feestdagen wordt overvallen, zijn de poppen aan het dansen.

Was de overgang van België naar Amerika een cultuurschok?

„Het is inderdaad een heel andere cultuur. Dat heeft vooral te maken met de financiering. In Europa krijg je geld van de overheid, in Amerika wordt de film gefinancierd met privégeld. ‘The guy who gives the money owns the film’, is het adagium. Dat is ook waar: het is hun film, want film is een business in Amerika. In België was ik geneigd te zeggen: het is mijn film. In Amerika is het maken van een film meer een teamsport. Dat vraagt om een andere mentaliteit, maar binnen die context kun je nog altijd goede films maken. Veel van mijn lievelingsfilms komen uit Amerika.”

‘The Drop’ is in alles heel ingehouden: van het acteerwerk tot de klassieke belichting. Welke stijl stond u voor ogen?

„Ik heb het verhaal benaderd als een soort kerstsprookje, ik wilde geen grauw en gruizig realisme. De film is zowel hyperrealistisch als gestileerd. Alle scènes die we in Brooklyn hebben gedraaid zijn volledig authentiek. De bar is weliswaar een set, maar gebouwd in een kroeg die net failliet was gegaan en gebaseerd op drie van onze favoriete pubs, die we tijdens de locatiescouting hebben gevonden. Alle lampen in de bar zijn filmlampen die vanuit de kelder met dimmers konden worden bediend. Zonder dat het opvalt konden we zo de volledige bar constant subtiel controleren: harder licht, zachter licht.

„Het werk van de schilder George Bellows uit het begin van de twintigste eeuw was ook een inspiratiebron. Toen ik net een week in Amerika was, opende er een tentoonstelling met zijn werk in het Metropolitan Museum. Bellows is een kunstenaar met als onderwerp het Brooklyn van de ‘blue collar worker’, gewone mensen. Hij maakte nachtlandschappen waarin het licht koud en blauw is: de sneeuw, de maan, de dampen. Maar hij liet ook het menselijke licht zien: het vuur, de verlichting achter ramen – warme aardtinten. Dat contrast tussen koud en warm hebben we ook in de film aangebracht.”

‘The Drop’ lijkt geïnspireerd door Amerikaanse films uit de jaren zeventig.

„Absoluut. Ik wou in de traditie voortgaan van de klassieke film noir die in de jaren zeventig met bijvoorbeeld Chinatown een heel mooi moment heeft gekend. Tegen mijn crew en producenten zei ik altijd: deze film moet aanvoelen alsof Frank Capra Taxi Driver zou hebben geregisseerd. Eigenlijk is Taxi Driver een duistere variant op wat Capra in de jaren dertig en veertig deed in films als Mr. Smith Goes to Town: een verkeerd begrepen buitenbeentje, een schijnbaar wat simpele jongen, wordt verliefd op een snel, slim en succesvol meisje. Daardoor verandert de manier waarop hij in de wereld staat en op het einde van het verhaal is hij toch de held. Taxi Driver is daar de duistere omkering van. Ik wou die omkering weer terugdraaien, met Tom Hardy als goede naïeveling. Ik hoop maar dat het niet te pretentieus klinkt om mezelf met Capra en Scorsese te vergelijken, maar dat was wat ik wilde.”

Hardy lijkt in de film naïever dan hij is. Hij is een personage met dubbele bodem.

„Hoe naïef hij precies is, weet je aan het einde van de film nog steeds niet helemaal. Er zijn leuke blogs waarop gediscussieerd wordt over Bob, het personage van Tom Hardy, en hoe hij in elkaar zit. Niemand kan hem helemaal plaatsen. Dat was ook wat mij aantrok: dat ik juist in Amerika zo’n verhaal mocht vertellen waarvan de strekking er niet dik bovenop ligt. Het is moeilijk om dit soort films te maken, maar het kan nog altijd in Amerika. Ik denk ook dat dit soort films aan het terugkomen is. De film is bedoeld als een soort slow burn: op de vroege ochtend na een haardvuur ligt de kachel vol as en als je daar dan even over schraapt met een pook dan zie je dat al die kolen van binnen nog roodgloeiend zijn.”

De betreurde James Gandolfini speelt in ‘The Drop’ zijn laatste rol, hoe was het om met hem te werken?

„Er is al veel over hem gezegd: hij was een geweldig talent. Iemand die de set opkwam en niet zomaar teruggreep op zijn ervaring, maar altijd blanco begon. Ondanks al zijn ervaring was hij nog steeds zeer betrokken en nerveus, zelfs een beetje onzeker over wat hij ging doen. Hij stelde daardoor ook veel vragen, maar dat werd al snel een echt gesprek. Geweldige kerel, ontzettend spijtig dat hij er niet meer is.”