Uitgaan van het goede in de mens

Vanavond bespreekt de gemeenteraad van de gemeente Hollands Kroon een opvallend plan: het college wil dat 80 procent van de regels verdwijnt. Burgemeester Nawijn (VVD) licht de plannen toe.

De poep van je hond kun je straks straffeloos op de stoep laten liggen in gemeente Hollands Kroon. En als het aan het college van burgemeester en wethouders ligt, sneuvelen er veel meer verboden. Het verbod op wildkamperen. Op wildplassen. Op het overal loslaten van je hond. Het verstrooien van as. Het parkeren van je fiets pal voor de ingang van het gemeentehuis. Het college van Hollands Kroon (47.500 inwoners) wil dat 80 procent van de regels uit de algemene plaatselijke verordening (apv) verdwijnt, liefst vanaf januari aanstaande. Vanavond bespreekt de gemeenteraad het plan. Burgemeester Jaap Nawijn (VVD) licht toe.

Vanwaar dit plan?

„Het uitgangspunt was: deregulering wordt alom met de mond beleden maar niet in de praktijk gebracht. Wij dachten: hoe kunnen we het woud aan regels terugdringen zonder dat je iemand tekortdoet? Een ambtenarenteam keek ernaar met frisse blik, en hield 20 procent van de regels over. Vooral regels over de veiligheid. Dat evenementen aan voorwaarden voldoen, bijvoorbeeld. Idee is dat er een proefperiode komt van twee jaar, waarin de bevindingen voortdurend worden gemonitord, bijvoorbeeld via een burgerpanel.”

Kunt u een voorbeeld noemen van een overbodige regel?

„Er staat in dat supermarkten verplicht zijn hun winkelwagentjes te voorzien van de naam van de winkel. Een rare plicht. Elke winkeleigenaar wil reclame op zijn karretje zetten. Misschien is de regel ooit ingegeven door een probleem met rondzwervende karretjes. Maar daar kan de gemeente de winkeliers dan op aanspreken. Een regel is niet nodig.”

Regels kunnen toch ook nuttig zijn, als stok achter de deur?

„Soms wel. Daarom staat 20 procent van de regels er nog in. Maar het lijkt me onnodig om inwoners te verbieden een putdeksel te openen. De apv is vaak een kwestie van juridisch indekken. Wij willen juist meer ruimte bieden aan inwoners en bedrijven. En we willen niet betuttelen. Betutteling viert hoogtij. Sommigen zeggen: de apv kan ook een manier zijn om mensen aan te spreken, maar ik vind het triest als je een apv nodig hebt om iemand aan te spreken op, zeg, het openen van een put. Dat is een kwestie van goed fatsoen.”

Een wet of een regel kan dienen als bevestiging van goed fatsoen. Als ruggesteun voor burgers. Zie de verhoging van de alcoholleeftijd naar achttien. Die maakt het ouders makkelijker om kinderen te verbieden alcohol te drinken.

„Er is toch geen opvoeder die zegt: met een beroep op de wet mag jij geen alcohol drinken?”

Veel 16-jarigen zeiden vroeger: ik mag toch drinken, van de wet?

„Ik vind dit een erg gezocht voorbeeld.”

Het argument is: een regel kan dienen om het goede fatsoen, dat u nastreeft, te bevestigen.

„Dat kan, dat is een opvatting. Maar kijk naar het woud aan verkeersborden . Er staan zo acht borden bij willekeurig welke kruising, wat wel en niet mag. Geen hond die ze leest. Zo is dat ook met regels in de apv. Ooit opgeschreven met het idee: als we ze maar opschrijven, dan verandert de wereld. Neem deze week. Hier vlakbij ligt een mooi plantsoen. Een meneer liet er zijn grote hond uit. Ik zei: ‘U heeft hem niet aangelijnd, vindt u dat dat moet?’ Hij zei: ‘Nee, ik heb de hond onder appèl, hij loopt altijd keurig naast me.’ Hij vond het heel goed dat de gemeente dat verbod wil afschaffen.”

Een raadslid vertelde toevallig juist over een binnengekomen klacht over loslopende honden. Een inwoner laat zijn kleine hondje nu alleen uit op plekken waar honden aangelijnd moeten zijn. Want het hondje is bang voor grote honden. Wat moet zo’n inwoner straks?

„U heeft het over bezorgdheid en angst. Die kan ik niet wegnemen.”

Lossen die twee hondenbezitters het op, als ze elkaar tegenkomen?

„Ik hoop van wel. Misschien niet. Maar dit laat zich niet vastleggen in regels. Feit is: we willen ook vrijwilligers opleiden tot buurtbemiddelaars. Mensen die met eigen inwoners in gesprek gaan, bij een conflict. In een buurgemeente leidt dat tot resultaat: veel klein zeer wordt zo opgelost.”

Overschat u de mondigheid van de burger niet? Of hun vermogen tot conflictbemiddeling?

„Ik ga uit van het goede in de mens. Dit is een poging om de wereld een stukje beter te maken. Ik heb er vertrouwen in dat je een heleboel kunt overlaten aan de samenleving.”