Tweedeling dreigt in Nederland

over groeiende tegenstellingen tussen groepen in samenleving.

Een parkje in Maastricht. Hoogopgeleiden en laagopgeleiden leven steeds meer langs elkaar heen, signaleren onderzoekers van de WRR en het SCP.
Een parkje in Maastricht. Hoogopgeleiden en laagopgeleiden leven steeds meer langs elkaar heen, signaleren onderzoekers van de WRR en het SCP. Foto Chris Keulen

Nederland dreigt zichzelf sociaal en cultureel in tweeën te delen. Dat blijkt uit tien ‘verkenningen’ die het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP) en de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR) vandaag presenteren in het boek Gescheiden Werelden? Drie trends:

1 Hoogopgeleiden sluiten zich op

De groeiende groep van hoogopgeleiden, nu zo’n 30 procent, wil steeds liever op zichzelf zijn. De onderzoekers noemen het ‘sociale sluiting’: hoogopgeleiden kijken neer op de cultuur van lageropgeleiden, ze trouwen het liefst met elkaar. Zo woont ongeveer een kwart van de academici samen met een partner die dezelfde studierichting heeft gedaan. De laagopgeleiden hebben die neiging om alleen met ‘gelijken’ om te gaan op zich niet, maar uit het onderzoek blijkt dat zij voor hun netwerk vooral afhankelijk zijn van hun buurt en familie. Hoogopgeleiden hebben een groter netwerk, vooral door hun werk, en hun vriendenkring is losser en ‘functioneler’. „Juristen kennen altijd wel een bouwvakker. Maar bouwvakkers kennen geen jurist.”

De grootste groep Nederlanders blijft een ‘tussengroep’ van vooral middelbaar opgeleiden met uiteenlopende ideeën en voorkeuren. Volgens de onderzoekers betekent dat nog niet dat er geen ‘sociaal-culturele tegenstelling’ is. WRR en SCP onderscheiden twee uitersten die ze ‘families’ noemen: ‘universalisten’ en ‘particularisten’. Ze zijn minder duidelijk in te delen dan de oude ‘zuilen’, maar de leden van de ‘families’ lijken sterk op elkaar – in onderwijsachtergrond en in angsten en wantrouwen, of het gebrek daaraan.

2 Europa en de wereld

Sinds begin jaren 70 is het ‘politiek zelfvertrouwen’ van hoogopgeleiden flink gestegen: ze geloven dat het ertoe doet wat zíj vinden en willen. Bij de lageropgeleiden is het zelfvertrouwen juist afgenomen sinds de ontzuiling: de identificatie met een religieuze groep of sociaal-economische klasse was makkelijker dan jezelf onderbrengen bij wie slecht presteert. Wat hen bij elkaar brengt, is de zorg over globalisering en Europa: ze voelen zich bedreigd in hun sociaal-economische positie. De hogeropgeleiden zien in die ontwikkeling juist kansen, migratie vinden ze een verrijking. De onderzoekers zien een ‘open’ en ‘vertrouwende houding’ bij zo’n 22 procent van de bevolking en een ‘gesloten’ en ‘zeer wantrouwende houding’ bij 17 procent.

Volgens het SCP en de WRR is de tegenstelling geleidelijk ontstaan sinds de ontzuiling. Er kwamen ook politieke partijen bij die meer pasten bij de manier waarop hoger- en lageropgeleiden in het leven staan: D66 en GroenLinks voor wie vooral voordelen ziet van open grenzen, SP en PVV voor wie dat bedreigend vindt. Oude thema’s als euthanasie of kernenergie spelen nauwelijks nog, polarisatie is er over Europa en migratie.

3 Samen één bij het NOS Journaal

Een apart hoofdstuk gaat over polarisatie in de VS, als het ‘slechte voorbeeld’: een land kan bijna onbestuurbaar worden. Zo ver is het in Nederland nog lang niet, vinden de onderzoekers. Ze hebben wel zorgen over de tegenstelling: waar zijn nog ‘gemeenschappelijke ontmoetingsplekken’?

In de VS hebben de groepen ook eigen media, die hun wereldbeeld bevestigen. In Nederland lezen laagopgeleiden die Europa en de globalisering afwijzen vooral De Telegraaf of het AD. Ze kijken naar commerciële omroepen. De andere groep leest NRC Handelsblad, de Volkskrant en kijkt naar Nieuwsuur. Maar ze hebben nog steeds, anders dan in de VS, één gemeenschappelijke ‘nieuwsarena’: het NOS Journaal. Uit beide groepen kijkt zo’n 80 procent.