Opinie

Stop de Almerisering van onze stadscentra

Ook voor de Pier van Scheveningen moeten we vrezen. Bestuurders in Den Haag slaan efficiëntie nu eenmaal hoger aan dan fantasie, aldus Christiaan Weijts.

‘De nieuwe Passage in Den Haag lijkt één op één op het nieuwe centrum van Almere’, riep PvdA-senator Adri Duivesteijn op Twitter. Het fotootje erbij bewees zijn gelijk. Wie dit stukje shopping mall instapt, plaatst zichzelf meteen in quarantaine. Het heeft de sfeer van een sanitairmagazijn en de uitstraling van een wasdroger.

In één woord: Almere. Eindelijk, dacht ik, eindelijk ziet ook Duivesteijn het in! De man die verantwoordelijk is voor het IJspaleis in Den Haag, en die als wethouder Ruimtelijke Ordening meegeholpen heeft aan de vormgeving van… Almere. Wacht, toch dat tweetje nog maar eens lezen. Verdraaid, die Duivesteijn bedoelt het als compliment. Sterker nog: die nieuwe Passage is in zijn beleving plagiaat, of op z’n minst een meeloper in de trend die hij zelf in Almere is gestart.

De architect, de Zwitser Bernard Tschumi, is naar eigen zeggen vooral geïnspireerd door Delfts Blauw. En hij ‘heeft iets’ met koeien, vermoed ik, want aan de buitenkant heeft het gebouw zo’n vlekkenpatroon dat geblondeerde meiden met gouden kunstwimpers gebruiken voor het hoesje van hun telefoon, voor de bekleding van hun autostuur en voor hun cowboylaarsjes van de Primark.

Dat iedere nieuwbouwwijk zo’n vacuüm verpakt winkelcentrum krijgt, is nog tot daaraan toe, maar waarom ook onze historische binnensteden diezelfde architectonische botoxbehandeling moeten ondergaan, blijft een mysterie. In Utrecht is zojuist het nieuwe stadskantoor opgeleverd, een witte fabriekskubus die in efficiëntie niet onderdoet voor vliegvelden en orthodontistenpraktijken.

Het herinnert vagelijk aan Duivesteijns eigen Haagse Stadhuiscomplex. Pal daarnaast opent binnenkort het ‘Amadeus’-complex, zo genoemd omdat Mozart als negenjarige eens op die plek logeerde. Als eerbetoon aan de overnachting van het wonderkind verrijst er nu een betontoren met een ‘winkelplint van driebouwlagen’, met als grootste huurder de Primark.

Eén op één het nieuwe centrum van Almere, kortom.

Over smaak valt te twisten, tot het moment dat de ober een kom acrylverf onder je neus zet.

De Pier van Scheveningen is eergisteren verkocht aan een hotelbedrijf (van EasyHotel) en een projectontwikkelaar. Die combinatie alleen doet al vrezen dat ze er het centrum van Almere één op één gaan nabouwen. Dat rijmt dan wel mooi met de omliggende gokpaleizen, bioscoopzalen, gamehallen en aanverwante boulevardporno. Nu het oude Kurhaus failliet is, kan daar een spetternieuwe Primark komen. Misschien wil Tschumi zich voor een paar miljoen wel opnieuw laten inspireren. Iets met haring en uitjes dit keer?

Het alarmerende van die Almerisering valt de bestuurders die haar toestaan niet op. Dat is waarom ze bestuurders zijn geworden: omdat ze efficiëntie hoger aanslaan dan fantasie.

Alleen uit hun mond kan ‘één op één het centrum van Almere’ klinken als een aanbeveling.